Kamer: geld voor lokale partijen

Een meerderheid in de Tweede Kamer wil dat niet alleen de landelijke politieke partijen subsidie van het rijk krijgen, maar ook de lokale politieke groeperingen. Minister Remkes (Binnenlandse Zaken, VVD) wil daar niets van weten, omdat dat volgens hem geen rijkstaak is.

Dat bleek gisteren tijdens een debat over de nieuwe Wet financiering politieke partijen, waarin onder meer een verhoging van de subsidies aan politieke partijen wordt geregeld. Remkes stelde daarbij dat het aan gemeenteraden is om te beslissen over de subsidie van lokale partijen. De landelijke partijen zouden hooguit een deel van hun eigen budget ter beschikking van het gemeentefonds kunnen stellen, suggereerde Remkes. Daar pleitte echter geen enkele fractie voor.

Debatteren over een verhoging van de eigen inkomsten ligt vanouds gevoelig in de Tweede Kamer. In het regeerakkoord is afgesproken dat partijen een stevigere positie moeten krijgen en dat daarvoor vijf miljoen euro extra wordt uitgetrokken. Het totale bedrag, zo'n vijftien miljoen euro, wordt via een nieuwe verdeelsleutel over de partijen verdeeld: 80 procent op basis van zeteltal en 20 procent op basis van ledental. Ook krijgen de politieke jongerenorganisaties voor het eerst een rijkssubsidie.

Dat pakt voor elke partij weer anders uit. Partijen als de LPF en D66 bijvoorbeeld hebben relatief weinig leden ten opzichte van het aantal zetels en gaan er verhoudingsgewijs het minst op vooruit. Maar partijen als de ChristenUnie en de SP, met veel leden in verhouding tot het aantal zetels, gaan er relatief veel op vooruit. Voor nieuwkomers die het vooralsnog zonder leden moeten stellen, zoals Wilders, pakt het systeem helemaal slecht uit.

Door de systematiek heeft elke partij zo zijn reden om voor of tegen de nieuwe sleutel te zijn. De LPF is bijvoorbeeld tegen, terwijl de ChristenUnie juist pleitte voor een verdere verschuiving in het voordeel van de ledentallen. Minister Remkes (Binnenlandse Zaken, VVD) leek voor dat laatste scenario wel wat te voelen, hij noemde de nieuwe verdeelsleutel ,,een beginpunt''.

De SP zei eigenlijk niets te willen weten van een verhoging van het budget. SP'er De Wit zei te vrezen voor een `verstatelijking' van de politiek. Remkes suggereerde dat het de SP vrijstaat het subsidiebedrag terug te storten. Daar wilde de SP niets van weten. De Wit: ,,Geld dat naar de SP zou gaan, komt dan bij andere partijen terecht. Ik ben gekke Henkie niet.''