`Europa kan de oorlog om talent nog winnen'

Europa is een ,,droevige plaats om te zijn'', zegt topman Andersen van de Deense brouwerij Carlsberg.

Te weinig leiderschap en ondernemingslust, de verkeerde immigratiepolitiek. ,,Tegenwoordig voeren wij een wereldwijde oorlog, niet alleen om kapitaal, goederen en diensten, maar om talent.''

Nils Smedegaard Andersen houdt kantoor op de twintigste verdieping van een blauwglazen kolos, die vreemd domineert in de negentiende-eeuwse omgeving van bakstenen gebouwen, poorten en schoorstenen. Dit is het bedrijfsterrein van de Deense bierbrouwerij Carlsberg, vernoemd naar Carl, enig kind van de oprichter en bjerg, de enige heuvel van Kopenhagen, waar in 1847 de brouwerij begon.

De 46-jarige bierondernemer is verlaat. Jasje gaat uit. De topman van het vijfde bierconcern ter wereld is ontevreden over Europa. West-Europa, veruit zijn belangrijkste markt, is een ,,droevige plaats om te zijn''. Te weinig leiderschap en ondernemingslust, de verkeerde immigratiepolitiek. Sinds hij in 2001 als nog betrekkelijk jong ondernemer – hij was toen 43 – de leiding bij het bierconcern kreeg, stagneren omzet en winst. Andersen verdedigt zich door op de hoge volumegroei te wijzen, van 67 naar 92 miljoen hectoliter in deze periode: bijna 50 procent erbij. Maar de groei in geld valt tegen. Hoewel Carlsberg in de krimpende West-Europese markt, waar het tweederde van zijn bier afzet, zijn geldomzet op peil weet te houden, wordt de groei elders erdoor teniet gedaan. Zijn conclusie is simpel. ,,Het consumentenklimaat in West-Europa is slecht.''

Hoe komt dat?

,,Mensen in Europa voelen zich onzeker over hun toekomst. Ze consumeren minder en sparen meer. Zolang in Europa leiderschap ontbreekt, zolang politici de problemen uit de weg gaan en er alleen maar over praten, blijft de economie stagneren en de groei laag.''

Het gebrek aan politiek leiderschap in Europa zit Andersen dwars. Hij heeft meer klachten die er rechtstreeks mee verband houden. De economische integratie in Europa verloopt traag. De bureaucratie maakt het leven ingewikkeld. Het ontbreekt Europa aan ondernemingslust. Het onderwijs, hoewel op een relatief hoog peil in de wereld, moedigt het ondernemen niet aan en glijdt af. Jonge mensen met nieuwe ideeën worden door hoge belastingen en starre sociale regels ervan weerhouden voor zichzelf te beginnen en veel geld te verdienen. Politici zien wel de ernst van de problemen, maar hebben niet de drang om ze aan te pakken. ,,Daardoor komen de zwakheden van Europa zo sterk naar voren en de sterke potenties van Europa zo zwak.''

Europa onderschat zichzelf? Jazeker, maar niet alleen dat, volgens hem maakt Europa ook te weinig gebruik van zijn kracht. Er is van de kant van de politici geen drang genoeg om de dynamiek in de economie terug te krijgen. Pessimisme komt voort uit gefnuikte verwachtingen. Als ondernemers en consumenten zien dat er visie is, dan zullen ze investeren en besteden, daar is hij van overtuigd. Waar visie ontbreekt, heerst stagnatie.

Denemarken doet het beter?

,,Op één punt zeker. Denemarken heeft zijn arbeidsmarkt flexibel gemaakt. Mensen menen ten onrechte dat ondernemers dan hun personeel ontslaan en dat de werkloosheid toeneemt. Maar Denemarken trekt opdrachten uit Duitsland aan, waar de hervorming nog maar net is begonnen, en in Denemarken daalt de werkloosheid. Ik ben ervan overtuigd dat zonder een flexibele arbeidsmarkt de industrie in Europa niet zal overleven. Dit is een heel ernstig probleem.''

Als ondernemers in nieuwe ideeën en nieuw personeel willen investeren, maar wegens het starre ontslagrecht bang zijn aan hun werknemers vastgeklonken te zitten, wordt het risico dat nu eenmaal aan investeren kleeft, sterk vergroot, vindt Andersen. Als de ondernemer niet in staat is zijn personeelssterkte snel genoeg aan te passen, nemen zijn kosten disproportioneel toe. Duitsland en ook Frankrijk zien in dat de starheid van hun arbeidsmarkt hen opbreekt. Zij beginnen nu te hervormen, zij het laat en alleen uit angst voor de almaar stijgende werkloosheid. Dat is een schande, zegt hij, want het had veel eerder gekund. Toch stellen zij het voorbeeld voor Europa. ,,Denemarken niet, wij zijn te klein.''

Is het gebrek aan politiek leiderschap niet inherent aan Europa?

Andersen betwist dat. Er kan volgens hem veel meer worden gedaan. ,,We praten in de European Round Table (een lobbyforum van 45 topindustriëlen uit Europa, red.) veel over onze gerechtvaardigde zorgen. Maar je kunt niet altijd pessimist zijn, daarvoor heeft Europa te veel sterke potenties.''

Denemarken is ook betrekkelijk streng voor zijn immigranten. Maakt de immigratievloed de Europese burger ook onzeker? Werkt dat de stagnatie mee in de hand?

,,Het hele debat over de immigratie weerspiegelt het gebrek aan politiek leiderschap, aan visionair denken. Het debat beïnvloedt de burgers zeker, nog meer dan de immigratie zelf. Wij moeten natuurlijk niet toestaan dat een paar duizend immigranten onze verzorgingsstaat misbruiken en onze omgangscultuur destabiliseren. Evenmin als dat het politieke debat mag worden overheerst of zelfs verstoord door immigranten die niet willen integreren. Maar het debat over meer of minder immigranten is eerder een symptoon van de crisis in het leiderschap.

,,Wij hebben een sociale verantwoordelijkheid jegens de mensen die hier naar toe komen. Die nemen we niet door ze sociale uitkeringen te laten opstrijken en ze vrijelijk te laten zeggen dat ons politieke systeem, onze religie, onze modernistische cultuur vreemd is of niet deugt. Dat maakt de burger inderdaad onzeker, ook in Denemarken waar het debat heftig wordt gevoerd.

,,Politici moeten heldere richtlijnen geven voor het gedrag dat van immigranten wordt verwacht, zoals bij de keuze van huwelijkspartners en bij het verlenen van toestemming voor permanent verblijf. Zo moeten ze een baan hebben, de landstaal spreken, de grondwet eerbiedigen. Die richtlijnen moeten aan de hele bevolking duidelijk worden gemaakt, zodat de vervelende verschillen de wie nu hebben, verdwijnen.

,,We trekken simpelweg de verkeerde immigranten aan, niet het minst wegens ons belasting- en sociaal zekerheidsstelsel. Wij trekken niet de goed opgeleide, dynamische immigranten aan zoals Canada, Australië en de Verenigde Staten. Wij trekken mensen aan die niet kunnen lezen, niet willen werken of die hun vrouwen niet laten werken, die alleen maar een sociale uitkering willen voor een voor hen aanvaardbaar levenspeil, niet de mensen die een bijdrage aan onze economie leveren. Wij moeten niet hen daarvoor de schuld geven, maar onszelf.

,,Op de lange termijn is ons grootste probleem niet de immigranten die hier al zijn, maar de immigranten die we niet krijgen. Ik noemde net de Verenigde Staten, Canada, Australië, die al decennialang immigranten aantrekken en daar groot door zijn geworden. Zij slagen erin hooggeschoolde mensen aan te trekken, mede dankzij een speciale cultuur die eigenlijk heel eenvoudig is: als je iets kun bijdragen, ben je meer dan welkom. In die landen zijn het je hersens die tellen, niet de kleur van je paspoort. Ze geven een helder signaal: `Wij hebben je nodig'.

,,Tegenwoordig voeren wij een wereldwijde oorlog, niet alleen om kapitaal, goederen en diensten, maar om talent. Om onze positie in deze oorlog te verstevigen moeten politieke leiders en regeringen in Europa hun uiterste best doen om ervoor te zorgen dat brains van buiten hier welkom zijn.''

Menig rapport zegt dat in Europa de sociale kosten te hoog zijn.

,,Je kunt over de sociale kosten wel de trom blijven roeren, maar je moet kijken naar het onderliggende, fundamentele probleem. Er zijn te weinig mensen die werken. Er gaan almaar meer met pensioen, mensen die verwachten dat zij hun hoge levensstandaard kunnen voortzetten. Iedereen kan zien dat we dus de pensioenleeftijd moeten verhogen en dat we langer moeten werken, waarbij het overigens om de bezetting van het productieapparaat gaat. Want wil Europa kunnen concurreren met de rest van de wereld, dan hebben we de meest geavanceerde technologie nodig. Dan is het verdedigen van goedkope, arbeidsintensieve productie die kan concurreren met China of India onzin. Zulke technologie is duur. Dat betekent niet we allemaal zestig uur per week moeten gaan werken, wel dat we het probleem van onderbezette kapitaalgoederen flexibel met de inzet van arbeid oplossen.

,,De oorlog om talent is een van de grootste uitdagingen voor Europa, nu en in de komende tien jaar. Andere landen en continenten staan klaar om onze positie als invloedrijk en rijk continent over te nemen en zullen op een dag misschien ook de economische macht daartoe hebben. Dit is een historische kans. We kunnen het onderspit delven, maar we kunnen de oorlog om talent ook winnen. Voor de deadline verstrijkt. Het is aan ons.''

En de immigranten?

,,Het betekent – en dit is een uiterst dringend probleem – dat we de immigranten tot werken dwingen of, als ze niet willen, hun uitkering intrekken. Maar de politici doen er niets aan.''

Zijn al deze problemen ook van invloed op de strategie van Carlsberg, zoals bijvoorbeeld de vergrijzing?

,,Hoe jonger de biermarkt, hoe meer bierconsumenten er zijn. Dat is een fact of life. Ouderen consumeren minder bier, gaan minder uit, neigen naar goedkoper bier uit de supermarkt of wijn of sterke drank. Demografische trends spelen dus een belangrijke rol in de brouwerswereld. De vergrijzing van Europa is niet in ons voordeel. Maar we richten ons met ons productenpalet en prijzen op alle leeftijden. We maken geen onderscheid.''

U heeft dus geen marketingstrategie die zich speciaal richt op de babyboomgeneratie?

,,Nee.''

Hoe ziet u uw eigen toekomst in Europa?

,,Betrekkelijk goed. We zijn niet bezorgd dat we er straks geen geld meer zullen verdienen, zij het dat onze marges in West-Europa lager zullen zijn dan in de rest van de wereld. Op China na dan, waar we, wegens de drukte in het oosten met alle wereldspelers, bescheiden investeren. Vanwege de lage inkomens zal het nog lang duren voor we daar stevige winst maken. Wij zijn een middelgrote wereldspeler.'' Ironisch: ,,We achten het dan ook niet onze plicht om bijvoorbeeld in India bier te verkopen. Wij zijn klein in Afrika, niet van grote betekenis in Noord- en Zuid-Amerika. We concentreren ons op Europa en op sommige delen van Azië.''

Is het niet lastig om op een rijpe markt als West-Europa je positie te consolideren?

,,De concurrentie is er groot. Al is de markt nog aldoor niet geïntegreerd.'' Lachend: ,,De Duitse al helemaal niet. De sociale regels, de belastingen, de smaak van het publiek, vaak om historische redenen aan regio's gebonden, lopen sterk uiteen. Bier is per kilo een heel goedkoop product. Je kunt je niet te veel vervoer veroorloven, moet altijd dicht bij de afnemers produceren. Zelfs Heineken, die zijn bier naar de Amerikaanse markt exporteert, brouwt het voor het merendeel dichtbij de klanten. Daarom ben ik ook niet benauwd voor China, de grootste en snelst groeiende biermarkt ter wereld. Zodra zij hun bier hier zouden gaan brouwen, is het geen lage-lonenbier meer.''

Werkt China als breekijzer voor veranderingen in Europa?

,,Ik verwacht voor Europa geen snelle oplossingen. Daarvoor is het politieke mechanisme te ingewikkeld. Democratie vergt nu eenmaal veel tijd. Al geef ik toe dat het voor mij makkelijk is om vanuit mijn stoel de optimist te spelen.''

Dit is het tweede deel van de serie `De kracht van Europa'. Het eerste deel (Siemens) verscheen op 19 febr.