Niet rijp voor de Unie

De Europese Unie heeft met recht een hard en principieel standpunt ingenomen tegenover Kroatië. Het land wil onderhandelen over EU-lidmaatschap, maar kreeg gisteren van de Unie te horen dat de gesprekken – die vandaag moesten beginnen – worden uitgesteld zolang Kroatië de van oorlogsmisdaden verdachte generaal Ante Gotovina niet uitlevert aan het Joegoslavië-tribunaal in Den Haag.

Dat Gotovina in eigen land voor velen een held is die in 1995 een einde maakte aan de `rebellenrepubliek' van Kroatische Serviërs, doet niets af aan de ernst van de beschuldigingen tegen hem. Het tribunaal verdenkt hem van moord op en etnische zuivering van Kroatische Serviërs. Gotovina is sinds 2001 ondergedoken. Het Joegoslavië-tribunaal concludeerde bij monde van hoofdaanklaagster Carla del Ponto dat Kroatië zijn uitlevering tegenwerkt, en daarmee het tribunaal saboteert. De EU liet gisteren weten dat Zagreb het toetredingsoverleg kan vergeten zolang Gotovina zich niet in Den Haag meldt.

Op het spel staan drie zaken: het gezag van het Joegoslavië-tribunaal, de principes van de Unie en politieke en maatschappelijke rust in Kroatië. Dat laatste hebben de Kroatische autoriteiten in eigen hand. Zij hebben de klachten van het tribunaal nimmer serieus genomen en de kliek rond Gotovina en de man zelf uit opportunistische overwegingen gespaard. Ze zien nu maandenlang lobbyen voor het EU-lidmaatschap in rook opgaan.

Met rechtsprincipes valt evenwel niet te sjoemelen. Hetzelfde geldt voor het lidmaatschap van de Europese Unie. Dat de Balkan-oorlogen van de jaren negentig een langdurige nasleep zouden hebben, stond allang vast. De staten en staatjes in voormalig Joegoslavië hebben uiteraard het recht zich voor de EU te melden, maar daar staan wel verplichtingen tegenover. Gesprekken over toetreding laten zich niet rijmen met het traineren van de internationale rechtsgang. Als Kroatië `Europees' wil worden, dient het actief mee te werken aan uitlevering. Uitstel van de toetredingsonderhandelingen kan het eerst en vooral zichzelf verwijten, niet Brussel of het tribunaal in Den Haag.

Dat Zagreb met de uitlevering van een volksheld een binnenlands-politiek probleem heeft, laat zich raden. Hetzelfde geldt voor de Servische Republiek, die ook niet behulpzaam is bij het opsporen en aanhouden van de voorvluchtige oorlogsmisdadigers Mladić en Karadžić. Het zijn de erfenissen van oorlogen die in wezen onverwerkt zijn en waarvan de zenuwen onder een dun en vers laagje verf liggen. Bij de minste beschadiging komen ze bloot te liggen. Dit heeft juridische en politieke betekenis. Het Joegoslavië-tribunaal moet ongestoord zijn werk kunnen doen. En landen die niet ondubbelzinnig met hun duistere verleden kunnen afrekenen, zijn niet toe aan het lidmaatschap van de Europese Unie. Brussel geeft met zijn opstelling jegens Kroatië een nieuw en belangrijk signaal aan kandidaat-lidstaten als Turkije en aan landen die zich nu voor de EU melden, zoals Oekraïne. Geen gemarchandeer – dat is een verheugende ontwikkeling.