Indië verbeeld in boeken, knipsels en foto's

Hella Haasse draagt vandaag haar Indische bibliotheek van meer dan vierhonderd titels over aan het Indisch Huis in Den Haag. ,,Mijn schenking staat boven de partijen.''

Documentatie speelt in het oeuvre van Hella S. Haasse (Batavia, 1918) een belangrijke rol. Tijdens het schrijven van haar roman Sleuteloog (2002) raadpleegde ze regelmatig haar eigen bibliotheek, die meer dan vierhonderd titels telt. Haasse: ,,Het is een heterogene verzameling Indische werken, die betrekking heeft op de koloniale tijd. Er zijn wetenschappelijke boeken bij, en er is Indische bellettrie van representatieve auteurs als Multatuli, E. du Perron, Willem Walraven, Maria Dermoût en P.A. Daum. Mijn Indische romans als Heren van de thee of Sleuteloog berusten voornamelijk op eigen waarneming, maar ik heb de sterke drang om feiten te checken. Documentatie is voor mij als de begeleidende verbeelding.''

Vanmiddag om drie uur draagt Haasse haar Indische bibliotheek over aan het Indisch Huis op de `Dag van Nederlands-Indië', een van de elf themadagen in de Boekenweek. Daags ervoor spreek ik de schrijfster in haar woning in Amsterdam. Het Indisch Huis aan de Javastraat in Den Haag, voor het publiek geopend in januari 2002, heeft als doel de herinneringen aan het voormalige Nederlands-Indië, en met name de oorlogstijd, levend te houden. De bibliotheek van schrijver Tjalie Robinson (1911-1974), pseudoniem van Jan Boon, heeft hier eveneens onderdak gevonden. En het is juist Jan Boon, die ook publiceerde onder de naam Vincent Mahieu, met wie Haasse sinds verschijning in 1948 met haar novelle Oeroeg een onfortuinlijke literaire verhouding heeft.

Hella Haasse: ,,Tjalie Robinson maakte een scherp onderscheid tussen Indische Nederlanders, de gemengdbloedigen dus, en de niet-Indische Nederlanders. Ik zou geen aanspraak mogen maken op het Indische Nederlanderschap omdat ik een kind ben van blanke ouders, de zogenaamde totoks. Destijds schreef Robinson in het tijdschrift Oriëntatie dat ik niets zou weten van de spelletjes die de kinderen in Indië deden. Natuurlijk weet ik dat, ik heb het met eigen ogen gezien en eraan meegedaan. Je zou kunnen zeggen `ik stond erbij en keek ernaar'.''

Hella Haasse zegt wel begrip te hebben voor Robinsons standpunt. Aan het slot van Oeroeg, genoemd naar de Indonesische titelpersoon, vraagt de Nederlandse verteller zich af: ,,Ben ik voorgoed een vreemde in het land van mijn geboorte?'' Haasse: ,,Tjalie Robinson kwam op voor de identiteit van de Indische Nederlander. Maar door daadwerkelijk een scheiding door te voeren, ging hij te ver. We delen hetzelfde verleden en ik vind dat we juist moeten kijken naar het gemeenschappelijke dat we beziten. Ik ben nu eenmaal anders dan een Hollandse Hollander. Ik ben gevormd door mijn geboorte en jeugd in Indië.''

De collectie van Hella Haasse bevat tal van belangrijke en enkele zeldzame uitgaven die de koloniale tijd behelzen, zoals het baanbrekende werk Agricultural involution, the process of ecological change in Indonesia (1963) van antropoloog Clifford Geertz. Ook studies over politiek, justitie, gezondheidszorg en het dagelijkse leven zijn voorhanden, evenals brochures, knipsels, bijzondere persoonlijke schenkingen en krantenartikelen. Dankzij de collectie kan nu ook worden onderzocht welke boeken de schrijfster raadpleegde voor haar werk, en kan er nieuw inzicht in haar oeuvre ontstaan.

Een van de hoogtepunten is het eenmalig uitgegeven fotoalbum van de families Kerkhoven, dat Haasse inspireerde tot het schrijven van Heren van de thee (1992). Nelleke Noordervliet gebruikte dit materiaal weer voor haar boek Brieven van de thee. Uit een Indisch familiearchief (2004), waarin de documenten naast vergelijkbare passages in de roman staan.

Met de schenking heeft Haasse in geen enkel opzicht de bedoeling de aloude controverse weer op te blazen. Het symbolische boek dat zij vanmiddag overhandigt aan Esther Captain, adjunct-directeur van Het Indisch Huis, gaat elke twist te boven. Het is een kostbare uitgave met afdrukken van glasnegatieven van bioloog dr. Blaauw, die de eerste kleurenfoto's maakte van de landschappen, vruchten en theeplantages in Indonesië. Haasse: ,,Deze foto's staan boven de partijen, en dat geldt ook voor mijn schenking. Ik wil graag dat mijn boeken na mijn dood, wanneer `moedertje is vertrokken' of als mijn man en ik gedwongen worden kleiner te gaan wonen, voor geïnteresseerden toegankelijk blijven. Het Indisch Huis gaat voor mij een ex libris ontwerpen. Dan is elk werk te herkennen als afkomstig uit mijn bibliotheek. Ik zal mijn bibliotheek zeker missen, want voor mij vertegenwoordigt die een belangrijke band met Indië. Maar zoals ik in Sleuteloog heb geschreven: ik probeer geen heimwee meer te hebben naar mijn geboorteland.''

Informatie: Boekenweek, t/m 19/3, www.boekenweek.nl. Indisch Huis: Javastraat 2, Den Haag. Tel. 070-3028180 of www.hetindischhuis.nl