`Hoe maken we hier ooit een eind aan?'

Geen Europees land werd harder geraakt door de tsunami dan Zweden. Hulplijnen en praatgroepen moeten de overlevenden en nabestaanden helpen.

Oscar Jeria wordt wel vaker gebeld. Maar dat ene telefoontje van een leeftijdgenoot, eerder deze maand, kan hij niet licht vergeten. Hij was op zijn werk en de vrouw aan de lijn had besloten een eind aan haar leven te maken, zo meldde ze op rustige toon. Ze had veel verloren. In één klap. Haar broer, haar ouders, haar grootmoeder. Het ergste was dat de familie, juist om even háár kanker te vergeten, naar Thailand was afgereisd, afgelopen kerst. ,,Wat je dan zegt?'', vraagt Jeria zich af terwijl hij wegkijkt. ,,Helemaal niets. Ik kon alleen maar luisteren.''

Het gesprek – beter gezegd: de monoloog – duurde en duurde. Voorzichtig wist Jeria het gesprek weg te sturen van de emoties, richting het zakelijke. Ook nu nog kost het hem zichtbaar moeite aan de vrouw te denken. Terwijl juist hij wat gewend zou moeten zijn. Jeria staat al sinds het begin van de Zweedse telefonische hulplijn slachtoffers van de tsunami te woord. Het werk is emotioneel geladen en technisch ingewikkeld.

De hulplijn is het meest zichtbare deel van de Rådet för stöd och samordning, de raad voor steun en coördinatie, die de overheid opzette nadat de omvang van de tsunami voor Zweden duidelijk werd: 545 Zweden kwamen niet terug. Van de doden kwam 40 procent uit Stockholm, was éénderde kind.

In de raad zitten vertegenwoordigers van sociale dienst, politie, belastingdienst en de ministeries van Onderwijs en Volksgezondheid. De paradox van het omvangrijke overheidslichaam is dat het juist is opgericht om bureaucratische rompslomp te voorkomen: één loket voor al uw vragen. De meest gestelde: Van wie is het huis van mijn ouders nu? Ze hadden geen testament. Wie betaalt er voor de begrafenis zonder lichaam? Dat is nog niet gevonden. Wat te doen met rekeningen voor mobiele telefoons? Werkgevers betalen niet meer het volle salaris uit. Jeria: ,,En het vaakst hoor ik toch wel: wanneer krijg ik mijn kindje terug?''

Omdat niet is te meten of de vragen die slachtoffers hebben ook echt worden gesteld, is onduidelijk of het systeem succesvol is. Wel wordt het aantal telefoontjes (tien per dag, met een voorlopig totaal van zeshonderd) en het aantal bezoekers van de website (zevenhonderd per dag) bijgehouden. De nauwkeurige modus operandi van de Rådet is illustratief voor de wijze waarop Zweden als zwaarst getroffen Europese land met zowel de tsunami-slachtoffers omgaat als – nog steeds – met de ramp in 1994 met de veerboot Estonia: op kousenvoeten. De angst om te kwetsen laat zich zien in de definitie van wíe aanspraak mag maken op het uitzoekwerk van de Rådet: iedereen die zich `slachtoffer' voelt. Dat nader afbakenen leek de raad onverstandig. Of je nou iemand hebt verloren die met kerst in Thailand terwijl je zelf geen zichtbare schade hebt geleden of als je iemand kende in het rampgebied: de raad helpt graag.

De geestelijk vader van deze organisatie is een parlementariër, de sociaal-democraat Kent Härstedt. Hij is een man die zich liever druk maakt om andere zaken dan sociale conventies: hij verfrist zich tijdens een gesprek uitbundig met eau de toilette en wijst met zichtbaar genot op de kaft van zijn boek: kijk, dáár zit hij in het reddingsvlot. Härstedt overleefde de Estonia – waarbij 551 Zweden omkwamen – ,,gewoon, door een paar uur te zwemmen en warm te blijven'', maar vond terug in Zweden geen luisterend oor. Over zijn ervaringen schreef hij een boek, vertaald in het Duits, Frans en Japans: Det som inte kunde ske (Dat wat niet kon gebeuren). Härstedt werd na de tsunami aangesteld als adviseur van de regering, keek goed naar de Amerikaanse reactie op 11 september 2001 en stelde de Rådet voor.

,,Niemand, geen land, geen gemeente, kan zich hierop voorbereiden. Dat zoveel van je burgers geraakt worden aan de andere kant van de wereld, daarop stel je je niet in.'' Maar desondanks blijft Härstedt de reactie van de overheid ,,onprofesssioneel'' vinden. Net als in Nederland was ook hier kritiek op een minister die niet betrokken genoeg was: de minister van Buitenlandse Zaken ging op de zondagavond van de ramp naar het theater en kwam op maandagochtend verlaat op haar werk. Koning Carl XVI Gustav reageerde daar, via een omweg en hoogst ongebruikelijk, op door te stellen dat Zweden vaker traag op gang komen.

De slachtoffers houden zich ondertussen stil. Hulpverleners schermen hen af, na bijna drie maanden van overweldigende aandacht hebben ze hun verhaal vaak genoeg verteld. Bovendien is een deel van hen teleurgesteld omdat de overheid een rechtszaak verloor en de lijst met namen, leeftijden en woonplaatsen van slachtoffers moest openbaren.

Toen de tsunami toesloeg waren er 16.000 Zweden in Thailand. Het was de laatste jaren meer en meer de nationale vakantiebestemming geworden, bij uitstek geschikt om betaalbaar de donkere Zweedse winter even te verruilen voor twee weken tropen. De Zweden die wel terugkwamen hebben misschien niet alleen de praktische problemen waarop de Rådet antwoorden probeert te vinden, maar verkeren ook in emotionele nood. Dat ziet Sara Hedrenius van het Zweedse Rode Kruis aan de praatgroepen die zij opzette en die nog elke dag nieuwe aanmeldingen krijgen. De teller staat nu op zestien groepen, elk met tien deelnemers. Twee ervan bestaan volledig uit toeristen die niets verloren hebben.

Hedrenius maakt zich boos over de Zweden die de overheid verwijten te traag te zijn. Laten ze zich om de slachtoffers bekommeren, zegt zij. Ze weet waarover ze het heeft: net als Härstedt overleefde ze de ramp met de Estonia, en voelde zich daarna onbegrepen. Haar groepen komen maximaal twee keer per week samen en praten dan twee uur. ,,Als ze hier eenmaal zijn, kunnen ze niet meer stoppen. Dat is ons volgende probleem: hoe maken we hier ooit een einde aan?''

Oscar Jeria heeft de vrouw die zelfmoord wilde plegen indringend op de praatgroepen van het Rode Kruis gewezen. Of ze daar is, wil Hedrenius niet zeggen. Jeria kán het niet zeggen. Hij zou de vrouw nog wel eens willen bellen, maar dat mag niet. Jeria: ,,En bovendien: er zijn elke dag weer nieuwe gevallen die aandacht vragen.''