Verzakte N11 na jaar al hersteld

De nieuwe autosnelweg N11 tussen Bodegraven en Leiden is op twee plaatsen verzakt. Er zitten lichte kuilen in het asfalt. De weg wordt komende nacht en de daaropvolgende nacht of twee nachten afgesloten om reparatie aan het wegdek te kunnen verrichten. Overdag geldt er voor het verkeer over de weg een snelheidsbeperking tot maximaal zeventig kilometer per uur.

De weg is aangelegd in een slappe veenbodem. Ondanks uitgebreide berekeningen en maatregelen die verzakking moesten voorkomen, zo stellen de bouwers, is de weg verzakt ter hoogte van twee viaducten bij Bodegraven.

,,Het gaat om een versnelde zetting. Het is niet dramatisch, maar we gaan het comfort voor de reizigers nu snel weer verhogen'', zo stelt een woordvoerder van het Consortium N11, dat de weg heeft gebouwd en het onderhoud voor tien jaar voor zijn rekening neemt.

De verzakking betreft feitelijk de zogenoemde stootplaten die ter hoogte van de beide viaducten zijn aangebracht aan de onderzijde van het wegdek. De weg zelf is zoals gebruikelijk niet gebouwd op heipalen, maar dat is wel het geval bij de viaducten, die immers veel zwaarder zijn. ,,De zetting van de weg is groter dan we gedacht hadden, maar de viaducten verschuiven natuurlijk geen millimeter'', aldus de woordvoerder van het consortium.

De bouwers benadrukken dat ze vooraf rekening hadden gehouden met eventuele verzakking. Daartoe is onder meer extra zand gestort op de diepe veenlaag. Volgens Rijkswaterstaat is de druk van het grondwater in de veenlaag echter groter geweest dan gedacht.

De N11 verbindt de autosnelwegen A20 en de A4. De weg is in fasen aangelegd. Voor de aanleg van de laatste 7,5 kilometer, tussen Alphen aan den Rijn en Bodegraven, had Rijkswaterstaat geen geld.

De weg zou eigenlijk pas in 2010 klaar zijn, maar dankzij inspanningen van de provincie Zuid-Holland, lokale overheden en de Kamer van Koophandel, konden de werkzaamheden in 2001 vervroegd van start gaan. De weg is gebouwd door een consortium van wegenbouwers met daarin Boskalis, BAM, Dura Vermeer, KWS en Ballast Nedam.

De aanleg van de laatste 7,5 kilometer van de N11 was het eerste zogenoemde `design, build and maintain-contract' in de wegenbouw. Dat hield in dat voor de aanleg door het ministerie van Verkeer en Waterstaat niet alleen afspraken werden gemaakt over het ontwerp en de bouw van de weg, maar ook voor het onderhoud, dat de eerste tien jaar voor rekening komt van de bouwers.

Minister Karla Peijs (Verkeer en Waterstaat) noemde bij de opening van de weg, mei vorig jaar, de aanpak een voorbeeld van een zeer succesvolle en innovatieve samenwerking tussen overheden en bedrijfsleven. ,,De laatste schakel is voor mij een pracht van een voorbeeld hoe we in de toekomst nieuwe infrastructuur moeten aanpakken'', zei zij toen.