Kritiek OVSE na stembus Kirgizië

De tweede ronde van de parlementsverkiezingen van afgelopen zondag in Kirgizië is net zo min vrij en democratisch verlopen als de eerste ronde, twee weken geleden. Dat oordeelt de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE), die op de eerlijkheid van de verkiezingen heeft toegezien.

,,Bepaalde zaken die in de eerste ronde bezorgdheid hebben gewekt, zijn [in de tweede ronde] onveranderd gebleven'', aldus de OVSE in haar oordeel. Met name het gebrek aan toegang van de kiezers tot onafhankelijke informatie en het schrappen van [oppositie]kandidaten van de kieslijst heeft ook in de tweede ronde een rol gespeeld. Slechts op een punt – een groter respect voor de vrijheid van vereniging en vergadering – is in de tweede ronde vooruitgang geboekt, aldus de OVSE.

De oppositie heeft bij de verkiezingen een flinke nederlaag geleden: ze veroverde slechts zes van de 75 zetels in het nieuwe eenkamerparlement. In het vorige parlement had de oppositie twintig zetels. Van de belangrijkste oppositieleiders hebben er maar twee een zetel veroverd: Omoerbek Tekebajev, voormalig presidentskandidaat, en Azimbek Beknazarov, wiens arrestatie in 2002 een golf van protestdemonstraties op gang bracht. De oppositie wijt de nederlaag aan intimidatie van de kiezers en het schrappen van haar kandidaten van de kandidatenlijst door het bewind.

In diverse steden in het zuiden van Kirgizië wordt al geruime tijd door opposanten gedemonstreerd tegen de vermeende verkizingsfraude door het bewind van president Askar Akajev. In de stad Jalalabad betoogden gisteren drieduizend mensen tegen het bewind. In dezelfde stad houdt een groep opposanten al tien dagen lang een overheidsgebouw bezet.

In Osj, eveneens in het zuiden, de tweede stad van het land, en in Oezgoeën werd door enkele duizenden mensen betoogd. In deze laatste stad werd het stadhuis bezet.