`VS mochten niets weten van Sgrena'

Italië heeft het Amerikaans militair commando in Irak niet officieel op de hoogte gebracht van de bevrijding van de Italiaanse journaliste Giuliana Sgrena. De Italiaanse geheime dienst blijkt de hoogste Italiaanse verbindingsofficier in Bagdad, Mario Marioli, tot twee keer toe te hebben verboden hierover iets los te laten aan de Amerikanen. Dit blijkt uit een verslag van Marioli, waarover verschillende media in Italië beschikken. Of er via andere informele kanalen wel is gecommuniceerd is tot nu toe niet gebleken.

Amerikaanse soldaten openden vrijdagavond 4 maart rond negen uur het vuur op de auto van geheim agent Calipari die Sgrena vervoerde. Calipari kwam daarbij om het leven. Marioli's verslag, dat in handen is van het openbaar ministerie in Rome, is belangrijk, omdat hij in Irak verantwoordelijk is voor het contact tussen Italië en de VS.

Tussen vier en vijf uur sprak Marioli persoonlijk met Calipari. In zijn door La Repubblica geciteerde rapport schrijft hij: ,,Ik vraag aan Calipari of ik iets aan bondgenoot VS moet vertellen [...] maar het antwoord was dat de bondgenoot op geen enkele manier mocht worden geïnformeerd.'' Om acht uur, toen Sgrena al was bevrijd, kreeg Marioli de melding dat de twee geheime agenten terugkwamen naar de luchthaven. Marioli vroeg de geheime dienst of hij de VS moest waarschuwen dat Sgrena op weg was naar het vliegveld. ,,Mij werd `nee' geantwoord'', schrijft hij.

De Amerikanen wisten dat er een auto met drie Italianen onderweg was naar het vliegveld. Ze kenden de namen van twee van hen, maar niet dat Sgrena er ook in zat. Ze kenden het kenteken van de auto ook niet.

Wat Marioli niet wist is dat de Amerikanen in Bagdad een geheime post hadden ingericht om de ,,straat schoon te houden'' wegens de komst van George Negroponte, het nieuwe hoofd van de Amerikaanse geheime diensten. Om 20.55 uur opende deze wachtpost het vuur op de voor hen onbekende wagen. Onderzocht wordt of de Amerikanen hierbij de gangbare procedures hebben gevolgd.