Verkeerde bestuurders

Twee weken geleden schreef ik over de salarissen die bestuurders in het onderwijs zichzelf toekennen. Daarop kreeg ik ongekend veel reacties. Allemaal blij dat ik dit aan de orde stelde. Het wekt blijkbaar veel ergernis dat in een wereld waarin schraalhans keukenmeester is de salarissen onder de bestuurders explosief stijgen. En dat gaat nog wel even zo door, want wat bracht Rinnooy Kan enige tijd geleden te berde op een discussie over `Educational governance bij bve-instellingen'? Ik citeer deze geleerde ING-bestuurder: `Zorg voor een goede bemensing van de Colleges van Bestuur en de Raden van Toezicht. () De bezoldiging van deze bestuurders en toezichthouders is vaak een delicaat punt. Ondanks de gevoeligheid van de materie raad ik u aan niet te aarzelen om zonodig van CAO-bepalingen af te wijken. En voor de Bve Raad geldt: steun uw leden daarbij. Toon dus moed, maar zorg er ook hier voor dat u dat kunt uitleggen.' Anders gezegd, voor een lullige ton euro's per jaar kun je geen competente mensen voor dit soort banen vinden, toon dus moed en geef ze meer.

Kees Plomp mailde mij op grond van zijn ervaringen met personeelszaken bij de gemeente Rotterdam dat mensen allerlei rationalisaties bedenken om hun steeds hogere honoreringen te rechtvaardigen, en hij vervolgt met: ``Ik durf zelfs te stellen: juist als er minder betaald wordt krijg je betere, want goed gemotiveerde mensen. Mensen die het om de inhoud gaat en niet om hun eigen ijdele prestige''. Het leek me interessant beider ideeën voor te leggen aan iemand die het kan weten. Goede aanleiding om contact op te nemen met mijn vroegere promotor en erkend deskundige op dit terrein, prof. dr. P.J.D. Drenth. Hoewel sedert kort met emeritaat is hij nog steeds actief in de wetenschappelijke wereld. Onder meer als president van de Europese vereniging van Academies voor Wetenschappen. Waar ik maar mee wil zeggen dat het gaat om iemand die niet zomaar wetenschappelijk onverantwoorde uitspraken voor zijn rekening zal nemen. Samengevat wist hij mij het volgende te melden.

De opvatting, we moeten ze wel een hoog salaris bieden want anders lopen ze weg, is niet op feiten gebaseerd. Want waar kunnen ze heen? Mensen uit Colleges van Bestuur die daaruit weg moesten hadden, voorzover ze daar al in slaagden, de grootste moeite om iets te vinden met een enigszins vergelijkbaar salaris. Wanneer bestuurders zich bovenmatig verrijken gaat dit ten koste van hun geloofwaardigheid. Drenth vindt dat een leidinggevende niet aanmerkelijk meer mag verdienen dan de hooggekwalificeerde professionals waar hij leiding aan geeft. De professionele kwaliteit zit niet bij het management, maar bij de hooggeschoolde medewerkers. Drenth sloot zijn beschouwing af met: ``Als je mensen aantrekt vanwege het hoge salaris, trek je de verkeerde mensen aan. Zij die een dergelijke functie kiezen vanwege het salaris, horen daar niet. Daar ben ik boud over.''

Inderdaad, zo niet boud, dan toch heel duidelijk. Maar wat nu zou Rinnooy Kan en consorten bewegen om andere bestuurders te stimuleren hun zakken te vullen, zelfs te verkondigen dat zoiets getuigt van moed? Dat valt te verklaren uit het feit dat ze zelf bestuurder zijn. Hoe meer die anderen zich toeëigenen, hoe meer dat ook hun eigen gedrag rechtvaardigt. En zo stuwen ze elkaars en daarmee hun eigen honoreringen alsmaar verder omhoog. En omdat op dat grote geld mensen afkomen die vooral uit zijn op prestige, gaat de aandacht van bestuurders steeds meer uit naar uit naar bouwprojecten en groot groeien en steeds minder naar de kwaliteit van het onderwijs.

lgm.prick@worldonline.nl