Populaire flitsscheiding afgeschaft

De zogenoemde `flitsscheiding' wordt bij wet afgeschaft. Dat heeft het kabinet gisteren besloten. Flitsscheidingen zijn populair, omdat huwelijken zonder tussenkomst van de rechter kunnen worden ontbonden.

De afschaffing maakt deel uit van het wetsvoorstel `Voortgezet ouderschap en zorgvuldige scheiding' dat minister Donner (Justitie) voor advies naar de Raad van State stuurt.

Het aantal flitsscheidingen nam in de afgelopen jaren flink toe. In 2001 waren het er ongeveer duizend, het jaar erop 4.000 en in 2003 bijna 5.000. De gegevens van vorig jaar zijn nog niet bekend. Bij een flitsscheiding wordt een huwelijk bij de burgerlijke stand omgezet in een geregistreerd partnerschap, om vervolgens zonder tussenkomst van de rechter te worden ontbonden.

In het wetsvoorstel worden verder ouders die willen scheiden verplicht om een ouderschapsplan op te stellen, dat afspraken behelst over de verzorging en opvoeding van hun kinderen. Daarnaast moeten zij in een gezamenlijk verzoekschrift aangeven over welke van de gevraagde voorzieningen overeenstemming is bereikt en over welke nog een verschil van mening bestaat. In de wet wordt vastgelegd dat een ouder niet alleen recht tot omgang met zijn kind heeft, maar ook de plicht tot omgang. Het wetsvoorstel heeft als uitgangspunt dat beide ouders na de scheiding verantwoordelijk blijven voor de kinderen. Bij het opstellen van een ouderschapsplan kunnen de ouders de hulp van een `mediator' inroepen, zodat de rechter zich niet noodzakelijkerwijs met elk geval hoeft te bemoeien. Doel van de wetgeving is te bevorderen dat een kind contact blijft houden met zijn beide ouders. In het kader van dit streven stelt het wetsvoorstel ook de ouder die geen gezag heeft over zijn kinderen verplicht omgang te hebben met zijn kind. Een en ander, zegt het kabinet in een toelichting, is in overeenstemming met het VN-verdrag over de rechten van het kind.

Het argument van Donner tegen de flitsscheiding – een mogelijkheid die in het Nederlandse recht is geopend door de wetgeving over het homohuwelijk – is met name dat, door het ontbreken van een rechterlijke toets, er geen verplichting meer kan worden geëffectueerd om ouders tot omgang met hun kinderen omgang te laten hebben.

Een ander courant argument tegen de flitsscheiding is dat alleen al veertien Europese landen een echtscheiding volgens deze procedure niet erkennen, zodat iemand die in die landen zou willen hertrouwen, strafvervolging wegens bigamie riskeert. Het wetsvoorstel voorziet niet in normen voor omgang van ouders met kinderen die in een geregistreerd ouderschap of buiten de echt worden geboren.