`Lekker veilig' treiteren

Hangjongeren terroriseren een Iraaks gezin in Roelofarendsveen. Hoe de stemming in een dorp omsloeg.

Wat in Roelofarendsveen gebeurde, is geen zaak van moslimhaat. Een aanleiding laat zich misschien vinden bij het bloemencorso, of rood-wit-blauw gelakte meisjesnagels, of in de mentaliteit van de tuinders in de streek. Je moet hier kunnen incasseren, zegt de burgemeester.

Deze week maakte de politie bekend wat het dorp al wist: een groep hangjongeren tussen 14 en 20 jaar oud wordt verdacht van langdurige vernielingen en geweldpleging tegen een Iraakse familie – die tien jaar lang probleemloos in hun midden woonde.

Wat hier gebeurde, heeft niet één verklaring. De kwestie laat wel zien hoe gevolgen van grote gebeurtenissen tot in de polder neerdwarrelen: hoe integratie assimilatie worden kan. En dan geweld en angst en eigenrichting.

Justitie heeft nog geen beslissing genomen over eventuele vervolging. De jongens en meisjes zijn verhoord, hebben bijna alles bekend en zijn voorlopig vrijgelaten. Wat de politie niet naar buiten bracht, is dat twee van de verdachte hangjongeren zelf ook Irakezen zijn. Het gaat om twee broers, 18 en 16 jaar oud, en verbazingwekkend geassimileerd.

De jongste, vertelt zijn oudere broer Ahmed I., sloeg vorig jaar op de traditionele kermis, waar vechtpartijen bij de folklore horen, ,,een neger in elkaar''. De burgemeester bevestigt dat die jongste al eens ,,voor iets vergelijkbaars'' was aangehouden. Beide broers dragen bovendien kleding van het merk Lonsdale, dat nu juist populair is onder Nederlandse pubers die nationalisme willen uitdragen.

Op het plaatselijke vmbo zijn ze daar overigens creatief in. Toen Lonsdale er werd verboden, kwam een meisje van top tot teen in oranje. Toen dat ook niet mocht, lakte ze haar nagels rood-wit-blauw. Ahmed I. draagt een jack met op zijn rug de Nederlandse leeuw. ,,Ik ga om met racisten en dat doet me geen donder'', zegt hij losjes. ,,Je moet toch ergens voor staan.''

Ahmed I. spreekt probleemloos Nederlands. Toen zijn ouders met hem uit Koerdisch Irak vluchtten, was hij twee. En kijk, zegt hij, ik heb donker haar. ,,In Nederlandse ogen loop ik er dus als een Marokkaan bij. Of je doet mee met de Hollanders. Dat is lekker veilig.''

De eerste steen kwam in de nacht van 16 januari door een ruit van de woonkamer van de familie Alzubaydi. De tweede kwam een week later door hun slaapkamerraam. Met de derde steen, twee weken daarna, is het raam van de woonkamer opnieuw vernield. Weer 's nachts. De kinderen, 10 en 13, hebben nu een psycholoog.

Er ging een jaar van treiteren aan vooraf. De Alzubaydi's wonen in een hoekhuis, dicht bij het plaatsje waar de hangjeugd zich verzamelde. Eerst gingen daar middelvingers omhoog. Het maakte Salih en Farida Alzubaydi kwaad, dus dat werd leuk. De jeugd ging nu ook schelden.

Vanaf november werd het ernstig. ,,Sinds die tijd lijkt overal een rem los'', zegt Arie Meerburg, de burgemeester van Roelofarendsveen, CDA'er. Als minister Zalm zegt dat het oorlog is, zegt de burgemeester, dan gebruiken mensen dat als een vrijbrief. ,,Terwijl misschien iets anders speelt.'' Er wonen volgens hem niet opvallend veel allochtonen in zijn dorp. Problemen waren er nooit.

Maar vanaf november doken de jongeren dus met bivakmutsen op in de tuin van de Alzubaydi's. Even een paar gevluchte Irakezen de stuipen op het lijf jagen. Daarna is tot twee keer toe de kabel van hun schotelantenne doorgesneden. Dat was een vondst van de Iraakse jongen Ahmed I. ,,Ik heb bij de politie bekend dat ik dat was'', zegt hij. Ook werd Wij zijn blank op het poortje naast hun huis gekalkt.

Vervolg HANGJONGEREN: pagina: 3]

HANGJONGEREN

Als wij niet goed zijn, gaan ze maar weg

[vervolg van pagina 1]

,,Ja, mijn dochter heeft daar ook een paar letters geschreven'', zegt de moeder van een 15-jarig meisje uit de straat dat ook verdachte is. Ze wonen er 19 jaar, schuin tegenover de Alzubaydi's. De burgemeester had gezegd: ,,Mijn indruk is dat het uit de hand liep, omdat deze familie de hangjongeren steunt.''

Ja logisch, zegt de moeder van het meisje, die kinderen deden toch niks. Zij praat over de Alzubaydi's in termen van ,,en dat noemt zich dan politiek vluchteling''. Omdat Salih Alzubaydi vorig jaar voor het eerst durfde terug te keren naar Irak. Acht weken bleef hij er om familie op te zoeken. ,,Als je dát kan, dan moet je maar helemaal teruggaan'', zegt de moeder.

Zij verspreidde die zomer het verhaal dat Salih Alzubaydi een krantenbezorgster zou hebben geslagen. ,,Hun denken dat ze boven ons staan'', zegt zij over de Alzubaydi's – hij is mijnbouwingenieur, zij binnenhuisarchitect. De hangjongeren rechtvaardigen wat ze aanrichtten, nu met haar verhaal. De politie ontkent dat Salih Alzubaydi, zoals de moeder van het meisje beweert, is aangehouden.

Farida Alzubaydi zet chocolaatjes op tafel terwijl haar man en zij, elkaar nerveus in de rede vallend, hardop nadenken over de vraag of hun verhaal iets over integreren zegt. Niemand in de buurt loopt de deur bij de ander plat, men groet elkaar, men groet de Alzubaydi`s, en vice versa. Léék het tien jaar lang alsof ze erbij hoorden?

Aarzelend vertelt Salih dat er wel het een en ander veranderde. Dat begon een jaar of drie geleden, toen hij diep gekrenkt raakte bij het bloemencorso. De Veenders hadden een moskee-wagen gemaakt. Een bloemenmoskee, waar werd gezopen en waar gesluierde vrouwen, nou ja, deden wat tuinders denken dat gesluierde vrouwen graag doen.

Salih Alzubaydi is naar het gemeentehuis gestapt. Daar legde de voorzitter van het CDA hem uit wat hier voor humor doorgaat. Ik ben dus geen strenge moslim hè, zegt Salih. Hij gelooft in het communisme. Maar toen zijn vrouw de week na het corso voor het eerst in hun leven hier ,,vieze taal'' naar haar hoofd kreeg, toen ze haar zeiden dat ze ook best eens zo'n lekkere sluier om kon doen, toen eiste hij aandacht ,,voor wat grapjes kapot maken''.

Een assertieve aanpak lijkt Salih Alzubaydi wel toevertrouwd. Boos en gefrustreerd omdat zij, zoals veel hoogopgeleide vluchtelingen, na tien jaar nog steeds niet aan werk zijn gekomen, heeft Salih zich al eens als vrijwilliger op het gemeentehuis aangeboden. Tevergeefs. ,,Ik heb niet zo'n groot ambtenarenapparaat en je moet iemand vrij maken om dat te begeleiden'', zegt de burgemeester. ,,Dat past hier gewoon niet zo in het patroon.''

Salih Alzubaydi is het type dat de dingen niet zomaar neemt. Ook toen de jongeren overlast gaven, heeft hij daar op hoge toon wat van gezegd. In dit dorp zien ze dat dus als gebrek aan incasseringsvermogen. ,,Als wij niet goed genoeg zijn, dan gaan ze maar weg!'', zegt de moeder van schuin tegenover.

Maar Dirk van den Berg is er ook nog. Werkte van jongsaf in de bloemen, zit sinds een hartoperatie thuis, tegenover de Alzubaydi's. Hij is zo iemand aan wie prins Bernhard, als hij nog leefde, een instemmend telefoontje zou wijden.

De politie kon na drie gesneuvelde ruiten nog altijd nauwelijks iets ondernemen. Het bleef onduidelijk wíé uit de groep van hangjongeren schuldig was, zei de wijkagent. Toen heeft Dirk van den Berg de zaak aan het rollen gebracht door twee jongeren neer te slaan. Nee, dat was niet zómaar een klap, glundert hij. Zijn vuist hoekt door de lucht. Waarmee Dirk van den Berg maar wil zeggen dat de ,,echte Veenders'', zoals hij dus, op zichzelf niets tegen buitenlanders hebben. Iedere nacht dat er een steen door de ruiten aan de overkant ging, hielp hij de rotzooi op te ruimen. Samen met een andere buurman – Ger Roozenbrand is dat, ook redelijk op leeftijd. Die heeft nu met roerend fanatisme een videocameraatje achter zijn vitrages gepositioneerd.

Roos van den Berg, de vrouw van Dirk, bracht een bloemetje, die ochtend na de derde steen. Voor de schrik. ,,Zo ontredderd als ze waren, mijn god.'' Terwijl zij bij de Alzubaydi's op straat stond, zag ze haar man voorbij hollen. ,,Er kwam weer hangjeugd staan. Dus ik riep nog: `Dirk, doe nou niet, dat wordt een hele dure klap en jij bent het pineutje'.'' Zij stond nog een bloedneus te deppen toen de politie al arriveerde. De jeugd riep dat het onrechtvaardig was, die meppen van haar man. Dat zij niks hadden gedaan. Maar zeg dan wie wél, zei Roos van den Berg. ,,En toen noemden ze voor het eerst namen.'' Dankzij de woede van Dirk van den Berg, erkent ook de burgemeester. De politie kon de zaak eindelijk rond gaan maken.

En nu zegt zelfs de burgemeester van dit kleine dorp dat hij ,,de boel een beetje bij elkaar wil houden''. Ook hij zette een beproefd bestuurlijk oplosmiddel in: de inspraakavond met motto (`Contact!'). Men sprak er over de verharding van de maatschappij sinds de moord op Van Gogh. ,,De media kregen er flink van langs'', aldus de plaatselijke krant. Men besloot tot het opzetten van ,,multiculturele activiteiten'' en ,,samen koken''.

Maar de hangjongeren uit de Begoniastraat kwamen niet opdagen. Wel de hangjeugd uit het sportpark verderop. Die kwam zeggen dat ze zich, als hangjongere, door de hele toestand óók gediscrimineerd voelen.