Burenruzie in Zuidoost-Azië laait weer op

Indonesië en Maleisië toonden elkaar deze week hun spierballen. Maar hun conflict over een stukje zee willen ze vreedzaam oplossen.

Het was deze week alsof de jaren '60 herleefden. Toen riep president Soekarno zijn volk op tot een konfrontasi met de pas gevormde Federatie Maleisië, die hij voor een Britse `neo-koloniale schepping' hield.

Maandag patrouilleerden oorlogsschepen en gevechtsvliegtuigen rond en boven een betwist stuk zee voor de noordoostkust van Borneo. Voor de Maleisische ambassade in Jakarta liepen verhitte jongeren te hoop. Zij riepen, net als hun (groot)ouders 40 jaar geleden: `Ganyang Malaysia!' (verslindt Maleisië rauw).

De aanleiding voor deze burenruzie kwam op 8 februari, toen Petronas, de staatsoliemaatschappij van Maleisië, een exploratieconcessie gaf aan Shell in het zogenoemde Ambalat-blok in de Sulawesi-Zee waar het Italiaanse ENI, met een Indonesische concessie, in december grote oliereserves had aangetroffen.

Maar na de eerste dreigingen besloten de leiders in Jakarta en Kuala Lumpur de springlading te ontmantelen. President Susilo Bambang Yudhoyono (`SBY') bracht maandag een bezoek aan enkele eilandjes in Oost-Kalimantan, dichtbij de grens met Maleisisch Serawak. Vóór zijn reis belde hij met premier Abdullah Ahmad Badawi van Maleisië. Voorlopige conclusie: ze zouden hun `goede betrekkingen' niet op het spel zetten om een grensgeschil. Dinsdag trok de Indonesische marine haar schepen terug uit het gebied.

Badawi's minister van Buitenlandse Zaken, Syed Hamid Albar, kwam woensdag naar Jakarta voor besprekingen met zijn Indonesische ambtgenoot Hasan Wirajuda. Voor hij in het vliegtuig stapte, uitte Albar zijn misnoegen over `stemmingmakerij' in de Indonesische media en agressief gedrag van de ongeveer 100 betogers voor zijn ambassade in Jakarta. Maleisië, zei hij, was voorstander van een vreedzame regeling, maar zou zijn `soevereiniteit en belangen' niet te grabbel gooien. De ministers kwamen overeen het geschil door onderhandelingen te beslechten en het niet te laten aankomen op een militaire confrontatie. De onderhandelingen zullen later deze maand worden gevoerd door technische teams op basis van de Zeerechtconventie van de Verenigde Naties uit 1982. Wirajuda verzocht Maleisië ,,eenzijdige en aggressieve claims'' te vermijden. Indonesië zou niet `marchanderen' over zijn aanspraken. Hartelijk was het allemaal niet.

Vice-premier Najib Razak van Maleisië zei deze week dat zijn land, mochten de komende gesprekken niets opleveren, de zaak zal voorleggen aan het Internationale Gerechtshof in Den Haag. Dat is niet eenvoudig, want zo'n verzoek tot arbitrage moet door beide conflictpartijen worden ingediend en Indonesië lijkt daar weinig voor te voelen. In december 2002 deed het Haagse Hof uitspraak in een slepend geschil tussen Indonesië en Maleisië over twee minuscule eilandjes, Sipadan en Ligitan, dichtbij het nu betwiste blok. Die werden, tot groot chagrijn van Indonesische nationalisten, door het Hof toegewezen aan Maleisië.

Dat de jongste rel de gemoederen hier zo snel kon verhitten, komt niet alleen door eerder, minimaal, verlies van grondgebied, maar vooral door de harde lijn die Maleisië al een jaar voert tegen illegale Indonesische arbeidskrachten. Veel Indonesiërs zochten de laatste tien jaar werk in het buurland. Vorig jaar was het aantal illegale Indonesiërs in Maleisië al opgelopen tot een miljoen – op een bevolking van 20 miljoen – en besloot Kuala Lumpur de wet strikter toe te passen. Vorig jaar bood de Maleisische regering illegalen amnestie aan als zij vrijwillig zouden vertrekken. De deadline voor die amnestieregeling is op aandringen van Jakarta tweemaal verschoven. Ongeveer 400.000 illegalen maakten van de regeling gebruik, maar waarschijnlijk een even groot aantal ging er niet op in. Velen wachten nog op uitbetaling van achterstallig salaris.

In en om Kuala Lumpur liggen bouwplaatsen en plantages er nu verlaten bij. De illegale arbeiders zijn ondergedoken, uit angst voor de Maleisische politie, die sinds 1 februari razzia's houdt, op zoek naar Indonesische zwartwerkers.