Op vleugels van geesten

De Nigeriaanse schrijfster Helen Oyeyemi schreef een poëtisch en huiveringwekkende roman over een meisje dat zich nergens thuisvoelt. ,,Als kind veranderde ik de eindes van verhalen als ik niet gelukkig met de afloop was.''

Ze praat zo zacht dat je haar amper verstaat. Verlegen schuift Helen Oyeyemi naar het puntje van haar stoel. Twintig is ze en in haar zwarte rastakapsel zitten rebelse plukjes rood. Haar ogen houden haar omgeving verschrikt en nieuwsgierig tegelijk in de gaten. Moeilijk te geloven dat dit puberige meisje een haast perfecte roman heeft geschreven.

En toch behoort The Icarus Girl tot die categorie. Ook in de Nederlandse vertaling is Het Icarusmeisje een even poëtisch als huiveringwekkend verhaal – over tweelingen, geheimen en geesten, en over het kleine meisje Jessamy dat opgroeit tussen culturen en kleuren. Jessamy heeft een Engelse vader en een Nigeriaanse moeder en voelt zich nergens thuis. In haar eenzaamheid zoekt ze aansluiting bij haar leeftijdgenootje TillyTilly. Maar met dat meisje is iets vreemds aan de hand: behalve Jessamy kan niemand haar zien. De vriendschap wordt steeds bedreigender, totdat zelfs Jessamy's leven erdoor op het spel komt te staan.

Oyeyemi's inlevingsvermogen en fijngevoeligheid, haar zingende taal en tegendraadse humor maken van The Icarus Girl een buitengewoon debuut waar de literaire uitgeverij Bloomsbury terecht direct op insprong. De schrijfster, negentien en in haar eindexamenjaar, had twintig bladzijden af toen ze een agent van Bloomsbury om tips voor verbetering vroeg. ,,Ik vertelde hem dat ik al honderdvijftig bladzijden had geschreven en halverwege was'', zegt Helen Oyeyemi bij haar Nederlandse uitgever in Amsterdam. ,,Hij belde de volgende dag al terug en zei: `Hartstikke goed, stuur me meteen de rest!' Ik vroeg mijn lerares Engels of ze me huiswerkvrij wilde geven en ging als een gek aan het werk.''

Zo kwam het boek in korte tijd tot stand. Helen verschanste zich in de slaapkamer van haar ouders, achter hun computer. ,,Ze dachten dat ik huiswerk zat te maken. Maar van school kwamen briefjes met het bericht: `Helens huiswerk is nooit op tijd af.' Op de dag dat ik het contract tekende vond ik het toch wel tijd worden om met de waarheid voor de draad te komen. Mijn ouders geloofden me niet.'' Volgens ingewijden kreeg Oyeyemi een voorschot van maar liefst vierhonderdduizend Engelse ponden. Nu zwakt de auteur dat af: ,,O nee, het was veel minder. Genoeg om geen zorgen te hebben bij het schrijven van nieuw werk, maar dat is dan ook alles. En verder praat ik niet graag over geld.''

Over het feit dat ze uit een arm gezin komt heeft ze het ook liever niet. Met tegenzin geeft ze toe dat het haar ouders moeite kostte om in het dure Londen genoeg eten op tafel te zetten voor henzelf en hun drie kinderen. In Nigeria waren ze allebei leraar geweest, in Engeland moest haar vader genoegen nemen met een baantje als nachtwaker. ,,We wonen in Lewisham, Zuidoost-Londen, een getto eigenlijk. Mijn ma wilde niet dat ik bij de flats rondhing, dus zat ik binnen televisie te kijken of te schrijven. Ik veranderde de eindes van verhalen als ik niet gelukkig met de afloop was. Ik had een denkbeeldig kameraadje dat Chimmy heette en beleefde van alles in mijn fantasie.'' Toch was ze anders dan Jessamy of kortweg Jess, zoals de heldin van Het Icarusmeisje zichzelf ook wel noemt.

,,Jess is erg gesloten, ik was een vriendelijk en open kind; ik stond vaak te dansen en te springen. Als we gingen winkelen vroeg ik honderduit aan de mensen en dan verloren mijn ouders mij uit het oog. Wat dat betreft lijk ik dan weer op Jess, die ook steeds dingen doet waar haar ouders geen weet van hebben.'' En ze deelt haar verbeeldingskracht met haar protagoniste. Die daar niet alleen profijt van heeft. Het isoleert haar van de anderen.

,,Men begrijpt haar niet'', zegt Helen Oyeyemi, ,,en dat is logisch omdat ze niemand iets vertelt. Ze kan niet uitleggen wat haar overkomt, maar soms schreeuwt ze het uit. Dat is een manier om aandacht te krijgen voor haar angsten. De werkelijkheid doet haar pijn,k daarom keert ze die werkelijkheid de rug toe. TillyTilly is interessanter en opwindender dan andere kinderen en heeft beslist iets magisch.'' Dat zij later van een goede vriendin in een destructieve macht verandert heeft volgens de schrijfster te maken met het feit dat Jess haar in Nigeria ontmoet. ,,Ze is een deel van Nigeria en pas als zij Jess naar Engeland volgt gaat het mis. Haar Nigeriaanse identiteit maakt de mensen in Engeland bang. En Jess heeft haar totaal niet in de hand. Het lukt haar niet om van haar af te komen.''

Geloof in geesten

TillyTilly zou waarschijnlijk niet bestaan zonder het Nigeriaanse geloof in geesten. Ook Helen Oyeyemi groeide met geesten op. Althans, met de gedachte daaraan. ,,Mijn moeder zei dingen als: `Niet fluiten in huis, anders komen de geesten.' Ik dacht: okee, en als er iemand wel fluit, wat gebeurt er dan? Mijn schrijven wordt door Nigeriaanse denkbeelden gevoed en tegelijk ga ik er eigenzinig mee om.'' Wat ook voor het geloof in de bijzondere kracht van tweeelingkinderen geldt. Door TillyTilly komt Jess erachter dat zij de helft van een tweeling is waarvan de andere helft tijdens de geboorte stierf.

,,Bij de Yoruba'', vertelt de zelf uit die bevolkingsgroep afkomstige Oyeyemi, ,,komen meer tweelinggeboortes voor dan bij andere stammen. Tweelingen kunnen een vloek zijn maar ook een zegen. In elk geval wordt er veel aandacht besteed aan het welzijn van dat deel van de tweeling dat na de dood van de andere helft is overgebleven. Hij of zij moet weer compleet worden, dus moet de geest van de overledene worden bezworen.'' Dat gebeurt bij een tweede bezoek van Jess aan Nigeria, een bezoek dat veel weg heeft van een katharsis. Helen Oyeyemi maakte iets dergelijks mee na een zware depressie. ,,Er heerst daar een filosofie dat depressie niet bestaat. Dat is hard, maar het betekent ook dat anderen je niet zo gauw vreemd vinden. Ze geven je normale aandacht. Je doet gewoon mee met spelen en dansen en van dat vrije gedrag knap je enorm op.''

Haar depressie begon op een katholieke meisjesschool in Londen. ,,Die was heel streng, heel onvriendelijk. Depressieve mensen zijn moeilijk in de omgang omdat ze zo met zichzelf bezig zijn. Ik huilde in de les en in de pauzes. Algauw ging ik door voor asociaal en getikt. Dus toen er gedonder was wees iedereen met het beschuldigende vingertje naar mij.'' Helen wilde zelfmoord plegen. Ze lag in haar kamer en nam massa's pillen in – slaappillen, pijnstillers, wat ze maar te pakken kon krijgen. Maar ze werd weer wakker. Vijftien was ze toen.

Die nare periode verdiepte haar lees- en schrijfervaringen. ,,Mijn verhalen werden somberder en serieuzer. Uit de boeken die ik las haalde ik wat ik voor mijn eigen werk kon gebruiken. Ik raakte verslingerd aan Kafka, aan zijn droefheid tussen de regels door. En aan Edgar Allan Poe, die zijn verhalen heel gewoon laat beginnen en ze dan ineens een vreemde draai geeft waardoor je gaat denken: `Die figuur is krankzinnig.' Dat er ook boeken bestaan over mensen zoals ik, Afrikaanse mensen, daar kwam ik pas later achter. Buchi Emecheta met haar strijd voor de zwarte vrouw heeft me voor altijd gevormd. En Simi Bedfords Yoruba Girl Dancing bracht me nog dichter bij mezelf.''

Extremen

Nigeria brengt een verbazingwekkende hoeveelheid goede schrijvers voort. Chinue Achebe en Amos Tutuola, Wole Soyinka en Buchi Emecheta, Ken Saro-Wiwa, Ben Okri en Chris Abani: de lijst is lang en voortdurend komen er namen bij. De rijke orale traditie alleen kan dat succes niet verklaren, want andere Afrikaanse landen hebben ook een rijke orale traditie en toch minder goede schrijvers. Het zijn kennelijk de Nigeriaanse extremen die de creativiteit aanjagen: de diepe armoede en de onbeschaamde weelde, de razende urbanisatie en de gerichtheid op het platteland, het excessieve geweld en de hardnekkige pogingen tot vredelievendheid. Zulke contrasten zorgen voor een dynamiek die ook Helen Oyeyemi van vleugels voorziet, zij het op een andere manier dan de ouderen.

Oyeyemi is minder maatschappijkritisch dan haar collega's die in Nigeria opgroeiden: omdat zij er nooit woonde benadrukt zij de leuke kanten van haar moederland, de kleurigheid, de levendigheid, de sterke familiebanden. ,,Sommigen vinden dat ik meer over de Nigeriaanse corruptie en andere misstanden moet schrijven'', zegt ze, een beetje geïrriteerd. ,,Maar daar weet ik zo weinig van af. Dan moet ik er eerst gaan wonen, wat ik zeker zal doen als ik oud en geminacht in Engeland weg zit te kniezen. In Nigeria word je als oudere gerespecteerd.'' Dat klinkt a-politiek, maar om haar twee landen te begrijpen is Oyeyemi wel politicologie gaan studeren: ,,Ik interesseer me voor ideologie en de wijze waarop dat het gedrag van mensen beïnvloedt.'' Ze weet nog niet of ze goed genoeg is om fulltime schrijfster te worden. Een toekomst als psychologe is ook een optie – om anderen te kunnen helpen die hetzelfde meemaken als dat waar zij doorheen ging.

Niet dat ze nu helemáál boven Jan is. Ze voelt zich nog steeds een buitenstaander. ,,In Cambridge ben ik het enige zwarte meisje. Ik heb weinig met de andere studenten gemeen. Laatst hoorde ik een van hen zeggen: `Ik liep gisteren door het getto en ik was zó bang!' Toen dacht ik: Je moest eens weten waar ik woon. Ik zei niks, ik rolde alleen met mijn ogen.'' Depressieve neigingen heeft ze nog altijd. ,,Maar ik heb een paar vrienden gevonden die me begrijpen. En ik heb geleerd om mezelf tot de orde te roepen voordat het zelfmedelijden toeslaat. Het zal wel goedkomen met mij. Zoals ook Jess nét niet naar de verdommenis gaat. Ik hou van happy endings.''

`Het Icarusmeisje' is verschenen bij uitgeverij De Bezige Bij, €18,90