Niet lenen, wel doneren

Imams en de preken die zij houden zijn de afgelopen jaren regelmatig onderwerp geweest van verhitte publieke discussies. Desondanks is er nog maar weinig onderzoek gedaan naar de inhoud van deze preken noch naar hun invloed op de moskeebezoekers. Om deze reden heeft Abdelilah Ljamai, universitair docent aan de Theologische Faculteit Tilburg, ervoor gekozen om preken van drie imams in zijn Imams in tekst en context ruim te citeren. Op basis van deze preken heeft Ljamai de drie imams geïnterviewd over maatschappelijke en ethische vraagstukken zoals het moslimgezin in Nederland, de Nederlandse samenleving, vrouwenarbeid, studielening en de interreligieuze dialoog.

De eerste imam is de Syrische Ahmed Salam uit Tilburg, de imam die vorig jaar uit religieuze overwegingen minister Verdonks uitgestoken hand weigerde. De tweede en derde imam, respectievelijk de gematigde el-Ouazzani uit Eindhoven en de liberale Mohammed Ousalah uit Deventer, zijn beiden afkomstig uit Marokko. Alledrie hebben na het afronden van de middelbare school een religieuze opleiding gevolgd.

In hun preek behandelen de imams verschillende thema's. Zo richt Salam zich vooral op geloofsthema's en ethiek, maar ook op gepaste kleding voor mannen en vrouwen, het huwelijk en vrouwenarbeid. El-Ouazzani behandelt hoe volgens de koran moslims met niet-moslims dienen te communiceren, opdat zij elkaar beter begrijpen en respect voor elkaar hebben. In de preek van Ousalah staat de huwelijksrelatie in de islam centraal.

Hoewel de imams over sommige onderwerpen van mening verschillen – vrouwenarbeid, een woning kopen via een hypotheek, het afsluiten van een studielening – zijn ze het over veel andere zaken opvallend eens. Zo zijn de imams van mening dat orgaandonorschap is toegestaan. De ongehoorzaamheid van kinderen wijten ze aan de autoritaire opvoeding en aan het ontbreken van een open dialoog tussen ouders en kinderen. El-Ouazzani beweert zelfs dat de ongehoorzaamheid van kinderen veroorzaakt wordt door vaders die zich zoveel bezighouden met het vergaren van geld om een huis in Marokko te kunnen kopen dat groter is dan dat van de buurman, dat ze geen tijd meer voor hun kinderen hebben.

Het gebrek aan dialoog tussen de generaties en de problemen die daaruit ontstaan, heeft volgens de imams ook gevolgen voor de rol die de moskee in het leven van de Nederlandse moslim speelt. Deze rol is volgens de imams zeer beperkt omdat het moskeebestuur, dat uit mannen van de eerste generatie bestaat, jongeren nauwelijks ruimte biedt om te participeren. Bovendien hecht de eerste generatie volgens el-Ouazzani meer waarde aan aanzien, status en een islamitisch voorkomen dan aan de vervulling van islamitische plichten.

De titel van dit boek suggereert dat het hier om een uitgebreide studie naar de preken van imams in Nederland gaat. Dit is niet het geval en hoewel de auteur beweert dat de in het boek opgenomen preken een goede indruk geven van wat er in de moskeeën in Nederland gepreekt wordt, valt dat nog te bezien. De auteur maakt niet duidelijk waarom hij ervoor gekozen heeft om juist deze imams en deze preken te kiezen. Bovendien heeft de auteur geen Turkse imams gesproken. Dit neemt niet weg dat Imams in tekst en context een interessant boek is, al was het alleen maar omdat het een van de zeldzame gevallen is waarin de lezer in staat gesteld wordt om zelf preken te lezen en te beoordelen.

Abdelilah Ljamai: Imams in tekst en context. Preken van moslims in Nederland. Meinema, 87 blz. €12,50