Niemand wil de Iraakse doden tellen

,,We don't do body counts'', zei generaal Tommy Franks van het Amerikaanse centrale commando, na de kritiek op het Amerikaanse beleid om doden onder de burgerbevolking in Irak niet te tellen. ,,Doden tellen hoort bij een beschaafde samenleving'', stelt nu de Britse volksgezondheidsepidemioloog prof. dr. Klim McPherson daar tegenover.

McPherson is initiatiefnemer van een verklaring waarin 24 artsen en epidemiologen de Britse en Amerikaanse regering onverantwoordelijk gedrag verwijten, omdat er nog steeds geen gegevens zijn over het aantal burgerdoden tijdens de geallieerde aanval op Irak in 2003 waarbij het regime van Saddam Hussein werd omvergeworpen. Hun verklaring is gisteren online gepubliceerd door het Britse medisch-wetenschappelijke tijdschrift British Medical Journal.

De Britse regering reageerde in november 2004 furieus op onderzoekers die schreven dat de oorlog in Irak aan bijna 100.000 burgers het leven had gekost. Die cijfers zijn onbetrouwbaar, zei minister van Buitenlandse Zaken Jack Straw in het Britse Lagerhuis. Zijn ministerie zegde toe om beter te tellen.

Maar sindsdien is er niets gebeurd, stellen de opstellers van het manifest, afkomstig uit Grooot-Brittannië, de Verenigde Staten, Spanje, Italië, Canada en Australië vast. Kennis over het aantal slachtoffers en de omstandigheden waaronder ze vielen kan in de toekomst levens redden, zeggen zij.

,,De naakte waarheid is dat een schatting van 100.000 extra doden in de oorlogsperiode alarmerend veel is. Dat is al de helft van de tol die de bom op Hiroshima eiste'', schrijft McPherson in een commentaar in de British Medical Journal. McPherson verwerpt de kritiek van de Britse regering op de in The Lancet verschenen schatting van 98.000 doden (met waarschijnlijkheidsgrenzen van 8.000 tot 194.000). In het regeringscommentaar werd extrapoleren na een steekproefonderzoek als onjuist beoordeeld. ,,Absurd'', vindt McPherson die kritiek. Extrapolaties zijn ,,onnauwkeurig, maar bekend is hoe onnauwkeurig''. De methoden om in deze moeilijke omstandigheden doden te tellen zijn goed beschreven.

De Britse regering wilde eerst helemaal niet tellen. Daarna beriepen ze zich op de tellingen van het Iraakse ministerie van Volksgezondheid. Dat begon pas te tellen toen de werkelijke strijd vrijwel voorbij was in het tijdvak van april tot oktober 2004. Het kwam niet verder dan 3853 doden.

Daar komt bij dat het ministerie alleen de doden meetelt die via het gezondheidszorgsysteem zijn geregistreerd. Iemand die op straat overlijdt en niet meer in een ziekenhuis komt of naar de dokter wordt gebracht, komt daardoor zeer waarschijnlijk niet in de registratie voor. De Amerikaanse regering heeft steeds geweigerd te tellen.

WWW.BMJ.COM: Manifest