Israël twijfelt tussen stabiliteit en democratie Libanon

Israël juicht een `ceder-revolutie' in Libanon toe. Maar risicoloos is een Syrisch vertrek niet.

De modieus geklede `ceder-revolutionairen' trokken nog vlaggenzwaaiend door de straten van Beiroet toen Israëlische politici, zoals minister van Buitenlandse Zaken Shalom en plaatsvervangend premier Peres, de Syrische premier Assad verzochten zijn troepen onverwijld terug te trekken. Of zij daar direct mee wilden stoppen, kregen zij van Amerikaanse diplomaten te horen. Politici in Jeruzalem, die Syrische en Libanese machthebbers van ongevraagd advies dienen, voeden als vanzelf anti-Amerikaanse sentimenten. Sindsdien zwijgt Israël en zag het hoe de shi'itische Hezbollah, de Partij van God, zich gedwongen voelde een pro-Syrische demonstratie te organiseren, waarin anti-Israëlische leuzen op spandoeken met portretten van de in Libanon gehate Sharon meegedragen werden.

Dat leek te bevestigen wat minister Shalom zei in een rede op de Kennedy School of Governement in Boston. Volgens hem is in de Arabische wereld sprake van een ,,politieke aardschok'' en een ,,nieuwe dynamiek''. Maar die ontwikkeling is niet zonder risico's. ,,Tegelijkertijd neemt de vrees toe voor de gevolgen van de nieuwe openheid. Democratie kan ook de extremisten aan de macht brengen.'' Shalom doelde op Hezbollah en op de tientallen Iraanse Revolutionaire Gardisten in Libanon.

Anders gezegd: vertrek van Syrië zou de stabiliteit van Libanon kunnen verstoren en daarmee de relatieve rust in het zuiden, het grensgebied met Israël en de geannexeerde Golan Hoogten. Iran en Hezbollah worden gezien als Israëls vijanden en als sponsors van enkele Palestijnse organisaties, zoals de kleine Islamitische Jihad.

Nadat Israël in 2000 de 18-jarige bezetting van Zuid-Libanon in 24 uur beëindigde, werd Syrië gezien als de bewaker van de status quo. De periodieke beschietingen met raketten van Hezbollah werden routinematig beantwoord door de Israëlische luchtmacht en daar bleef het bij.

De oproep van Shalom en Peres aan Syrië om Libanon te verlaten, duidt op een verschuiving in het denken over de wenselijkheid van de Syrische aanwezigheid in het noordelijke buurland. Maar de discussies over de wenselijkheid van stabiliteit enerzijds en het steunen van democratische ontwikkelingen anderzijds zijn nog niet afgerond. Shaloms en Peres' opvattingen sijpelen ook door in krantencommentaren en reacties van leden van de Knesset-commissies voor buitenlands beleid en defensie. Daar wordt geredeneerd dat op termijn Hezbollah door het vertrek van de Syriërs aan invloed zal verliezen of dat de Partij van God zich zal hervormen tot een partij die zich politiek en niet langer militair manifesteert. Bovendien, is de redenering, het is de tijdgeest en positieve veranderingen moeten principieel gesteund worden.

De Israëlische legertop en de militaire inlichtingendiensten zijn aanzienlijk voorzichtiger. Topofficieren zijn nog niet geneigd de `ceder-revolutie' te omarmen als een welkome en beklijvende ontwikkeling. Afgelopen december waarschuwde de Nationale Veiligheidsraad voor een ontwrichtend effect als Syrië uit Libanon zou vertrekken, en die mening is nog niet veranderd. ,,Grotere vrijheid voor Hezbollah, dat niet meer wordt gecontroleerd door Syrië, zal onvermijdelijk leiden tot een escalatie van vijandigheden aan onze noordelijke grens. We zullen rekening moeten houden met een golf aan raketaanvallen'', aldus generaal-majoor Gaby Ashkenazi, ,,en Hezbollah is fel gekant tegen een bestand met de Palestijnen en zal alles doen om de Palestijnse president Abbas, die de gewapende intifada wil stoppen, te destabiliseren.'' Volgens deze voormalige plaatsvervangend chef-staf, verantwoordelijk voor de inlichtingendiensten, zijn de verhoudingen in Libanon tussen de christelijke, druzische en moslimgroeperingen dermate broos dat hervatting van de burgeroorlog met alle gevolgen van dien voor noordelijk Israël en de Golan Hoogten een reeël risico is.

Daar is professor Gabriel Ben-Dor, directeur van het National Securities Studies Center van de Universiteit van Haifa, het opleidingsinstituut voor Israëlische kolonels en generaals, het niet mee eens. ,,De anti-Syrische sentimenten in Libanon zijn authentiek. Misschien dat Hezbollah anti-Israëlische gevoelens wil opstoken en met militaire acties aanhang wil verwerven. Maar dat zijn achterhoedegevechten en dat weet sheikh Nasrallah van Hezbollah ook. Nasrallah weet dat de tijden aan het veranderen zijn, ook voor hem, en dat hij op termijn verder moet zonder Syrië.''