Europa wil minder uitstoot

De Europese ministers van milieu willen een verdere vermindering van broeikasgassen om de opwarming van de aarde tegen te gaan. In Brussel spraken zij gisteren af dat de industrielanden in 2020 de uitstoot van schadelijke gassen met 15 tot 30 procent moeten hebben teruggebracht ten opzichte van het `ijkjaar' 1990. In 2050 zou de reductie 60 tot 80 procent moeten bedragen. Deze doelstellingen moeten ertoe leiden dat de voorziene gemiddelde temperatuurstijging onder de twee graden Celsius blijft.

In het onlangs in werking getreden Kyoto-verdrag heeft een groot aantal industrielanden zich vastgelegd op het verminderen van de broeikasgassen in 2012 met acht procent ten opzichte van 1990. Grote energieverbruikers als de Verenigde Staten en Australië doen hier niet aan mee.

Met hun concreet omschreven doelstellingen gaan de ministers van milieu verder dan de Europese Commissie, het dagelijks bestuur van de Unie. Deze onthield zich vorige maand van het noemen van nieuwe nauw omschreven doelstellingen. Volgens de Commissie was het vooral van belang meer landen te binden aan de maatregelen om het broeikaseffect tegen te gaan. Daarbij werd behalve op de Verenigde Staten gedoeld op nieuwe snelle groeiers zoals China en India.

Het streven naar verdere reductie na 2012 waar de ministers het gisteren over eens werden is ruim geformuleerd. Zo moet volgens hen ruimte worden gelaten voor een flexibele aanpak waarbij rekening wordt gehouden met specifieke omstandigheden. Het is de verwachting dat de regeringsleiders van de 25 lidstaten van de Europese Unie over twee weken tijdens hun voorjaarstop zullen aangeven hoe na 2012 moeten worden verder gegaan met de strijd tegen het broeikaseffect.

Tijdens die bijeenkomst staat een hervorming van de Europese economie centraal. Volgens voorstellen van de Europese Commissie moet nu eerst alle aandacht gericht worden op het bevorderen van economische groei en het creëren van nieuwe banen. Critici die bijvoorbeeld zijn te vinden bij linkse partijen, spraken eerder de vrees uit dat deze specifieke benadering juist ten koste zal gaan van de bescherming van het milieu.