`Verdonk zet grof geschut in'

Minister Verdonk wil informatie uit dossiers van individuele asielzoekers openbaar maken. Grof geschut of in het belang van de democratie?

Met gelijke munt terugbetalen. Zoekt een advocaat of een vluchtelingenorganisatie de publiciteit met een `schrijnend geval' onder asielzoekers, dan mag justitie dat ook. Als het aan minister Verdonk (Vreemdelingenzaken) ligt, gaat ze dossiers van asielzoekers openbaar maken om zo een evenwichtig beeld te schetsen. Want kiest een asielzoeker de publiciteit, dan moet de informatie wel ,,juist en fair'' zijn en mag de overheid haar beleid ,,verdedigen'', redeneert ze. Maar heeft de overheid dat recht wel? En is er dan geen sprake van schending van privacy?

Het was een verzoek van Kamerlid Van der Staaij (SGP), vorig jaar november aan minister Verdonk. Hij had een uitzettingszaak op televisie gezien, maar daarin kwam er van de kant van justitie geen reactie. Want de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) zegt in zo'n zaak: `we mogen geen informatie geven, maar u moest eens weten'. Volgens Van der Staaij zit er dan ,,een soort blinde vlek'' in de berichtgeving. Vandaar zijn verzoek aan minister Verdonk. Dit betekent volgens hem niet terugschoppen, maar dient het ,,algemeen belang''.

Minister Verdonk zag wel heil in de suggestie van de SGP'er, zo blijkt uit een brief die ze vanmorgen naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Het openbaar maken van dossiers zou volgens de minister voor ,,evenwichtiger beeld en weergave van de feiten'' zorgen. Natuurlijk, geeft ze aan, moeten gegevens die door vluchtelingen zijn verstrekt vertrouwelijk worden behandeld. Maar kiest een vluchteling er zelf voor naar buiten te treden, dan heeft de overheid het recht ,,onjuiste informatie of informatie waarin het bestuur of het beleid in een verkeerd daglicht wordt gesteld'' te weerspreken. Dat is volgens haar ook in het belang van een ,,goede en democratische bestuursvoering''. En dat weegt in dergelijke gevallen zwaarder dan de ,,bescherming van de persoonlijke levenssfeer''.

Grof geschut en uiterst dubieus, zo noemt hoogleraar strafrecht en vreemdelingenrecht A. van Kalmthout van de Universiteit van Tilburg het openbaren van dossiers. Hij ziet het als een ,,represaille'' voor wat asielzoekers in de krant of op de tv zeggen. ,,Als een asielzoeker er voor kiest de publiciteit te zoeken, dan moet hij dat weten, maar de overheid heeft niet het recht dat te doen.'' Informatie-uitwisseling moet volgens hem via de rechter geschieden. Het naar buiten brengen van persoonsgegevens is in strijd met de wet, zegt hij.

Eigenlijk is het voorstel van Verdonk vooral het tegengaan van de schade die verhalen over schrijnende gevallen voor haar beleid en ambtenaren oplevert. ,,De publiciteit over dat soort zaken is enorm, en zal alleen nog maar toenemen'', zegt de Waalwijkse advocaat Michel Collet. Hij behandelt veel asielzaken en heeft zelf ook enkele malen de publiciteit gezocht met cliënten. Desondanks juicht hij het toe als Verdonk haar voorstel daadwerkelijk in de praktijk brengt. Hij gebruikt daarvoor hetzelfde argument als Verdonk. ,,Eindelijk krijg je dan een inhoudelijke behandeling van de problematiek. En het publiek krijgt zo ook veel beter inzicht.''

Voorwaarde voor hem is dan wel dat de IND ook meer openheid gaat geven. Veel van wat die dienst doet blijft geheim. ,,Zij beroept zich altijd op het beschermen van hun bronnen. Al ze bijvoorbeeld onderzoek doet in het land van herkomst is het vaak niet duidelijk wie ze heeft gesproken en hoe het bewijsmateriaal is verzameld.''

Maar inzicht bieden in asielzaken is volgens voorzitter J. Kohnstamm van het College Bescherming Persoonsgegevens in strijd met de wet. Hij wil graag met Verdonk over het plan spreken. ,,Als je info verzamelt met een bepaald doel mag je die info niet zonder meer inzetten voor een totaal ander doel. De IND verzamelt informatie over personen om te kunnen beoordelen of ze status kunnen krijgen of Nederland uitgezet kunnen worden.'' Dat is volgens hem een totaal ander doel dan de verdediging tegen media-berichten.

Verdonk stelt dat het ongelijk is dat een asielzoeker wel publiekelijk zijn zaak mag verdedigen en de overheid dat niet kan. Kohnstamm maakt daarbij de vergelijking met een crimineel die het OM bekritiseert. ,,Als een crimineel roept dat een officier van justitie als een malloot bezig is, mag het OM niet zeggen: ik leg het dossier van die verdachte maar bij de krant neer. De overheid heeft zich aan fatsoensregels te houden.''

Hoogleraar bestuurskunde P. Frissen van de Universiteit van Tilburg heeft het niet zozeer over de juridische bezwaren, maar hij begrijpt eenvoudig niet waarom Verdonk dit wil. Het publieke gevecht aangaan in individuele zaken is volgens hem niet nodig. ,,Verdonk reageert nu met: als jij als asielzoeker wat doet, doe ik het ook. Waarbij de staat in alle opzichten vele malen machtiger is dan een asielzoeker.'' De staat moet in deze tijden juist een matige toon aanslaan, vindt hij. ,,Er is al zat kabaal dat aanmoedigt tot kordaatheid.''

Advocaat Gerda Later uit Den Haag ziet het voorstel als een reactie op de klachten die de IND krijgt op haar beleid. ,,Maar in plaats van het functioneren van haar eigen ambtenaren te onderzoeken, gaat ze naar asielzoekers slaan.'' Asielzoekers zoeken vaak in een laat stadium, uit wanhoop, de publiciteit. ,,Het is ongelofelijk dat Verdonk dan denkt dat ze zo maar alle privacy mag schenden.''