Steen zonder illusie

In een buitenwijk van Utrecht is gisteren een gedenksteen onthuld voor de legendarische goochelaar Fred Kaps.

De drievoudig wereldkampioen goochelen, tevens graag geziene gast ten huize van vorsten en presidenten, woonde met zijn gezin in Utrecht, in een eenvoudig rijtjeshuis in een kleurloos nieuwbouwstraatje uit het eind van de jaren vijftig. Hij had zich misschien wel iets voyanters kunnen veroorloven, beaamt zijn dochter Barry, maar dat is er nooit van gekomen: ,,Dat was typisch iets voor die tijd. Ook mensen die heel bekend waren leefden volgens de stelregel: doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg. En toen mijn ouders het later wel eens over een groter, mooier huis hadden, was mijn vader al te ziek om nog te verhuizen.''

De gedenksteen voor de goochelaar Fred Kaps (1926-1980) ligt dan ook in het trottoir voor het adres Peltlaan 79, in de Utrechtse buitenwijk Kanaleneiland. Gistermiddag werd de plaquette onthuld door wethouder Jan van Zanen van Openbare Ruimte. Hij trok een zwart zeildoek weg, waarna een handvol rode en witte ballonnen opsteeg, en één zwarte die op enkele meters hoogte knapte – geheel volgens plan, want er vielen, als confetti, enkele tientallen bankbiljetten uit. Het waren fantasie-bankbiljetten die Kaps zelf nog heeft nagelaten. Hij liet ze soms aan het eind van zijn optreden uit de nok van het theater over het publiek neerdwarrelen.

De wethouder kwam op het idee voor dit eerbetoon, zegt hij, nadat het Utrechts Nieuwsblad vorig jaar een hele pagina aan Fred Kaps wijdde naar aanleiding van een dvd met een keuze uit 's mans magische oeuvre. ,,Ik ben zelf van '61'', aldus de wethouder, ,,en op een zondagmiddag ben ik samen met mijn broer en mijn ouders eens naar de Snip & Snap-revue geweest, in Carré in Amsterdam. Daar trad Fred Kaps op. Maar ik wist helemaal niet dat hij zo lang in Utrecht had gewoond. En ik vind dat Utrecht zijn helden moet eren.'' Het is, weten de goocheldeskundigen die zich gisteren rondom de gedenksteen verzamelden, de eerste keer dat in Nederland een herinneringsteken aan een goochelaar is gewijd.

Een van hen, de goochelaar Dick Koornwinder, kwam al in deze doorzonwoning toen Kaps er zelf nog woonde. ,,Het was een zoete inval'', vertelt hij, nog zichtbaar nagenietend. ,,Alle grote goochelaars uit de hele wereld kwamen, als ze in Nederland waren, bij Kaps op bezoek. Tot diep in de nacht lieten ze elkaar dan hun hele repertoire aan trucs zien.'' Koornwinder was destijds chemiestudent, maar raakte door zijn grote voorbeeld dermate begeesterd dat ook hij voor het goochelvak koos. Hij woonde op loopafstand in een studentenhuis. Zijn hospita raakte ,,totaal overstuur'' als de beroemde Fred Kaps bij mij over de vloer kwam, zegt hij: ,,Op een keer zei ze tegen me: had het me van tevoren gezegd, dan had ik de tuin netjes aangeharkt!''

De melkboer van toen, die eveneens op de plechtigheid aanwezig was, herinnert zich nog dat hij eens op nummer 79 op een kopje koffie werd genood, en na zijn vertrek door de gastheer werd nageroepen: ,,Meneer De Groot, u vergeet wat!'' Na een snelle inspectie ontdekte de zuivelhandelaar dat zijn portemonnee was leeggeroofd. ,,Maar hij gaf me mijn geld natuurlijk onmiddellijk terug.''

De doorgaans in stijlvol jacquet gehulde Fred Kaps, die eigenlijk Bram Bongers heette, had het voorkomen van een charmante gentleman-oplichter. De door zijn leerling Koornwinder samengestelde dvd toont de grootste trucs: hij plukte brandende sigaretten uit de lucht, maar kon ook zonder sigaret een forse rookwolk uit zijn duim trekken, en manipuleerde met meesterhand speelkaarten en bankbiljetten. ,,Een dvd kun je beeldje voor beeldje stilzetten'', zegt wethouder Van Zanen, ,,en dat heb ik dus gedaan om te zien of ik kon ontdekken hoe die trucs in elkaar zaten. Maar ik kon er geen wijs uit worden.'' Op de ietwat grauw uitgevallen plaquette staat dan ook te lezen: ,,Hij verhief goochelen tot kunst.''

Toen de internationaal vermaarde goochelaar op 54-jarige leeftijd stierf aan kanker, liet Kaps een groot aantal plakboeken en diverse attributen na. Daartoe behoorden glazen zeepbellen, veel kaartspellen, geprepareerde kaarsen die hij brandend tevoorschijn kon toveren, en een grote hoeveelheid zout. Tot zijn topnummers behoorde immers ook de schier eindeloze stroom zout die hij uit zijn rechterhand kon laten stromen, zonder dat zichtbaar werd waar het spul vandaan kwam. Op gezette tijden werden in de Peltlaan grote bussen zout bezorgd. Zijn weduwe had nog, tot ze twee jaar geleden stierf, meer dan genoeg zout in voorraad.