Gevecht over `dode mussen' in adoptiedebat

Volgens minister Donner liet de Tweede Kamer gisteren in een debat over adoptie `een ballon van verwachtingen' op die voor de praktijk niets betekent.

,,Een dode mus'', zei minister Donner (Justitie, CDA) tot twee keer toe gisteren in het debat over wijziging van de Nederlandse adoptiewetgeving. Een ruime Kamermeerderheid wil een aantal belemmeringen voor met name homostellen bij de adoptie van buitenlandse kinderen wegnemen. Maar volgens Donner zal dat in de praktijk maar weinig soelaas bieden. Nederland kan haar adoptiewetgeving wel versoepelen, maar als de `donorlanden' vervolgens niet meewerken, levert dat per saldo niet meer mogelijkheden tot adoptie op.

Donner baseert zich daarbij op een onderzoek van zijn ministerie naar de buitenlandse bereidheid om adoptieprocedures ten behoeve van homoparen te accepteren. Justitie schreef vorig jaar juni 25 landen aan en kreeg van 14 landen als reactie terug dat zij daar niet aan zullen meewerken. Eenzelfde problematiek speelt in Zweden, waar nu drie homoparen toestemming hebben gekregen voor een buitenlandse adoptieprocedure. Maar ze hebben geen enkel land kunnen vinden dat bereid was om hen aan een adoptiekind te helpen, aldus de minister.

Aan landen waar homoseksualiteit verboden is, of een taboe is zoals in China, is niet gevraagd of men homoseksuele adoptieparen zou accepteren, uit angst dat daarmee de samenwerkingsrelatie op het spel zou worden gezet. De Zuid-Afrikaanse autoriteiten zijn gepolst met de vraag of homoadoptie uit dat land mogelijk is, maar ook daar kreeg het ministerie nul op rekest. Zowel de Zuid-Afrikaanse constitutie als een uitspraak van het constitutionele Hof biedt daar geen mogelijkheid voor erkenning van het homohuwelijk. Zodra ook maar één land bereid is om mee te werken aan homoadoptie wil Donner de huidige knelpunten opheffen. ,,Want ik heb verder geen principiële bezwaren.''

De tweede `dode mus' van Donner betrof de wens van een Kamermeerderheid om het voor lesbische stellen mogelijk te maken dat een partner het kind van de ander erkent. Volgens Donner komt dit er in de praktijk op neer dat de partner, een vrouw dus, daarmee de status van het vaderschap krijgt en dat is volgens Donner juridisch onmogelijk. ,,Er is altijd nog het belang van de echte biologische vader, daar heb ik als wetgever mee te maken.'' Volgens hem zal een dergelijke regeling in het buitenland niet erkend worden. Donner zoekt de oplossing in het verkorten van de procedure waarbij de lesbische partner het biologische kind van de ander adopteert.

Een derde knelpunt in de adoptiewetgeving is het leeftijdscriterium. Donner wil de maximumleeftijd verhogen van 46 naar 48 jaar. Maar een Kamermeerderheid wil het leeftijdscriterium helemaal loslaten. Het Kamerlid Albayrak (PvdA) wees er op dat in Finland en Groot-Brittannië ook geen leeftijdsgrenzen bij adoptie zijn opgenomen. Maar volgens Donner wordt ook in die landen de leeftijd mede betrokken bij het adoptieonderzoek van het gezin. Dat zal volgens hem dan ook in Nederland de praktijk worden. Donner: ,,Er wordt een ballon van verwachtingen gewekt waar in de praktijk niet aan voldaan wordt.''

PvdA, D66 en VVD kondigden aan hun wensen te vervatten in een initiatiefwetsvoorstel. Dit omdat de minister te weinig haast zou maken. Het wetsvoorstel moet deze zomer gereed zijn. Het is twijfelachtig of dat lukt, want de initiatiefnemers moeten ook binnen het koninkrijk de Nederlandse Antillen en Aruba overtuigen. Het Nederlandse homohuwelijk leidde begin dit jaar al tot forse politieke aanvaringen met Nederland, doordat de Antillen en Aruba op basis van het Statuut van het Koninkrijk der Nederlanden verplicht zijn om dergelijke huwelijken te erkennen en daar niet toe bereid zijn. Het statuut verplicht Nederland om te overleggen met Aruba en de Nederlandse Antillen. ,,Bij de invoering van het homohuwelijk is dat om procedurele redenen niet gebeurd'', aldus de woordvoerder van de Arubaanse minister van Justitie, Kroes. ,,Maar de Antilliaanse en Arubaanse regeringen zullen deze uitbreiding van wetgeving niet zomaar laten passeren, zeker als die consequenties heeft voor onze landen. Als dat zo is, verwacht ik niet dat wij zullen instemmen.''