Gekloonde kat voor 32.000 dollar

Voor 32.000 dollar kunnen dierenliefhebbers een kloon van hun dode kat bestellen. Dat hij er hetzelfde uitziet als zijn voorganger, is gegarandeerd. Poezenliefhebber Midas Dekkers: ,,Maar het ís hem niet.''

De volgende keer gaat David uit New York het beter doen. Zijn kat Shadow overleed drie maanden geleden aan een hartaanval bij de dierenarts, vertelt hij aan de telefoon. Maar de IT'er, die niet met zijn achternaam in de krant wil, heeft genetisch materiaal van het dier laten bewaren zodat hij het later kan klonen. ,,Je krijgt een tweede kans'', zegt David. ,,Je kan je kat andere dingen leren.'' Hij denkt dat Shadow bezweek doordat de kat angstig werd van het vervoer naar de dierenarts. ,,De volgende keer zal ik het reizen vaker oefenen.''

Samen met een paar honderd anderen heeft David (36) het DNA van zijn huisdier laten opslaan bij de PetBank van het bedrijf Genetic Savings and Clone (GSC). Daar kunnen consumenten die hun kat willen laten klonen sinds vorig jaar terecht. Voor 300 tot 1.400 dollar, en nog eens 100 dollar per jaar, bewaart het bedrijf een klompje cellen in vloeibare stikstof. Wanneer de cliënt `er klaar voor is', oftewel het benodigde geld heeft gespaard, kan GSC het dier klonen.

Half februari verkocht GSC zijn tweede kloonkat. Voor 50.000 dollar kreeg een beleggingsadviseur van in de veertig een genetische kopie van zijn kat Gizmo die een jaar geleden overleed. Het bedrijf heeft nog drie orders voor kloonkatten staan, vertelde directeur Lou Hawthorne tijdens een telefonische persconferentie. Hij hoopt dit jaar de eerste hond te klonen.

,,Hoe haal je het in je hoofd om zo'n kloonkat te willen'', zegt bioloog en poezenliefhebber Midas Dekkers. Beklagenswaardige wezens, noemt hij degenen die duizenden dollars over hebben voor een genetische kopie van hun huisdier. Die kan volgens hem nooit de plaats innemen van zijn voorganger, want hij gedraagt zich anders en deelt niet dezelfde geschiedenis met zijn baas. Kortom: het ís hem niet. ,,Stel dat je geliefde doodgaat, dat maak je ook niet goed door zijn tweelingbroer op te eisen.''

Als de kloonkat er anders uitziet dan zijn DNA-donor, krijgt de klant zijn geld terug. Dat de kat zich hetzelfde gedraagt, kan het bedrijf niet garanderen. Maar, zo vertelt wetenschappelijk directeur Phil Damiani, gedrag is in ieder geval voor een deel genetisch bepaald. En de twee klanten die hun kloonkat al in huis hebben, zeggen dat die precies dezelfde gewoontes heeft als hun overleden voorganger. Onwaarschijnlijk, noemt Dekkers dat. Het sociale gedrag van een kat wordt grotendeels in de eerste acht weken van zijn leven bepaald, zegt hij. ,,Als een poes als jonkie bij jou opgroeit, is dat anders dan wanneer hij in een Amerikaans laboratorium opgroeit.''

Kloons van zoogdieren kunnen gezondheidsproblemen hebben: Dolly, het eerste gekloonde schaap, kreeg op jonge leeftijd een ouderdomsziekte en overleed vroegtijdig aan een longontsteking. GSC gebruikt voor het klonen een andere techniek dan de makers van Dolly, en volgens Damiani verkleint die de kans op complicaties aanzienlijk. De gezondheidsgarantie van GSC duurt een jaar, maar daar vallen alleen de afwijkingen onder die met het klonen te maken hebben. Overigens zijn de gekloonde dieren van GSC nog niet ouder dan een paar jaar, dus is het de vraag of alle kloonafwijkingen binnen een jaar aan het licht komen.

Hawthorne voorspelde op de persconferentie dat de huisdierkloonservice ,,een multimiljardenbusiness'' gaat worden. Tot nu toe is de PetBank de enige afdeling van GSC die al winstgevend is. Het bedrijf is afhankelijk van investeerders die het onderzoek van 7 miljoen dollar per jaar willen financieren. Hawthorne rekent erop dat GSC vanaf eind 2007 winst maakt. ,,Als onderdeel van deze strategie hebben we de prijs van een kat verlaagd tot 32.000 dollar.''

Als het aan de American Anti-Vivisection Society (AAVS) ligt, was Little Gizmo de laatste kloon van GSC. Samen met andere organisaties probeert de vereniging wetgeving te laten invoeren die het klonen van huisdieren in Californië, waar het hoofdkantoor van GSC staat, verbiedt. Miljoenen ongewenste katten worden jaarlijks afgemaakt, zegt de antiklooncoalitie, kunnen de klanten van GSC er daar niet een van adopteren? Ook zou het klonen volgens de vereniging het rouwproces in de weg staan. PetBank-klant David zegt dat hij juist makkelijker over het verlies heen kwam: ,,Vroeger kon je niets doen als je huisdier doodging.''

Het belangrijkste argument van de AAVS is dat het klonen het welzijn van dieren in gevaar brengt. Niet alleen dat van de kloons, ook dat van de `surrogaatmoeders'. Voor het klonen wordt het genetisch materiaal van de donorkat in een eicel zonder DNA gebracht. De cellen groeien vervolgens in een reageerbuis, en uiteindelijk wordt het embryo in de baarmoeder van een surrogaatmoeder getransplanteerd. Als alles goed gaat, komt de kloon na iets meer dan twee maanden via een keizersnede ter wereld.

,,De surrogaatmoeders ondergaan maximaal twee embryotransplantaties, een ingreep vergelijkbaar met een sterilisatie, en daarna brengen we de kat op onze kosten onder in een loving home'', reageert Hawthorne. Hoeveel bevruchte eicellen GSC nodig heeft om tot een kloonkat te komen, wil hij niet vertellen. Volgens hem is er nog nooit een surrogaatmoeder overleden.

De meeste kennissen van David vonden het maar niets dat hij zijn kat Shadow wil klonen. ,,Maar ik bewaar alleen zijn DNA'', zegt David dan. ,,Misschien kloon ik hem niet eens.'' Hij vindt 32.000 dollar erg duur. ,,Als ik genoeg geld heb, als ik dichterbij mijn pensioen ben en als ik weer een nieuwe kat wil, laat ik hem misschien klonen.'' De naam weet hij al: Shadow 2.0.