Parlement kritisch over saneringen

De Tweede Kamer is evenals de Algemene Rekenkamer ontevreden over de aanpak van de bodemsanering. De VVD spreekt van ,,een regelrechte aanfluiting'' dat nog zoveel plekken in het land vervuild zijn.

De Rekenkamer uitte gisteren forse kritiek op de bewindslieden van VROM in het vierde rapport over de bodemsanering. De minister en staatssecretaris hebben volgens de onderzoekers geen zicht op het aantal vervuile locaties en de kosten van beheer en sanering worden onvoldoende in de hand gehouden. Ook mankeert van alles aan het toezicht door VROM.

In een reactie kaatste staatssecretaris Van Geel (Milieu, CDA) ontstemd de bal terug: ,,De Rekenkamer heeft het niet goed begrepen. Wat ik proef in dit rapport is de klassieke visie op een overheid die een probleem signaleert, de locaties onderzoekt, daar geld voor uittrekt en een planning maakt. Het is echter al lang niet meer zo dat we een aantal locaties hebben die wij als rijk achter elkaar gaan saneren.'' De planning van de bodemsanering is ,,in de eerste plaats'' een verantwoordelijkheid van provincies en gemeenten. Volgens hem zal de komende tien jaar de in 2004 aangekondigde sanering van de ,,meest bedreigende'' gifbelten worden uitgevoerd. ,,Plaatsen die echt gevaarlijk zijn voor mens of dier pakken wij als rijk aan'', aldus de staatssecretaris.

Kamerlid De Krom (VVD): ,,Op basis waarvan weet Van Geel eigenlijk waar die plekken liggen? Dat is geheel onduidelijk, de zaak is overgedaan aan gemeenten en provincies. Ik wil weten wat er de afgelopen jaren precies is gedaan, waar al het geld aan is besteed en wat we daarvoor hebben gekregen.'' Hij kondigt ,,een stevig debat met Van Geel'' aan. Het CDA is ook kritisch. Het Kamerlid Koopmans vindt het vooral opvallend dat de kosten bij de lagere overheden zo sterk uiteenlopen. ,,Dat zullen we beter moeten beheersen''. De regeringsfracties willen Van Geel niet te hard bekritiseren. Ze vinden dat Van Geel `de rommel van zijn voorgangers' opruimt.

Voor het Kamerlid Roefs (PvdA) was lezen van het rapport ,,huilen met de pet op''. Ze wil meer duidelijkheid over de besteding van 1 miljard euro in de komende vier jaar: ,,Welke plekken worden daarvoor aangepakt en kunnen we dat nog veranderen?''