Haradinaj meer dan een Rambo

Ramush Haradinaj, ex-premier van Kosovo, is mogelijk de enige verdachte van oorlogsmisdaden wiens gang naar Den Haag niet alom wordt toegejuicht.

Ramush Haradinaj was gisteren 96 dagen premier van Kosovo. De honderd haalt hij niet: vandaag stapt Hardinaj als ex-premier in Den Haag het Joegoslavië-tribunaal binnen, aangeklaagd wegens oorlogsmisdaden in de oorlog om Kosovo in 1999.

Het zat er al heel lang aan te komen, want Haradinaj (36) staat al jaren met een been in de gevangenis. Een vreemde carrière: hij groeide op in Kosovo, maar vertrok op zijn 21ste, in 1989, naar Zwitserland, werd daar gymleraar, uitsmijter (met een keiharde linkse) in een disco en vanaf midden jaren negentig wapeninkoper voor het Kosovo Bevrijdingsleger UÇK. In 1997 keerde hij naar Kosovo terug.

Hij richtte met twee broers een eigen militie op voor de strijd tegen de Serviërs, de Zwarte Adelaars. Volgens de Serviërs is die militie, onderdeel van het UÇK, verantwoordelijk voor de marteling van en de moord op tientallen Serviërs en Albanezen die met het Servische gezag samenwerkten. In Belgrado ligt een ellenlange waslijst met beschuldigingen tegen Haradinaj – hij zou 67 moorden hebben gepleegd en opdracht hebben gegeven tot nog eens 267 moorden – maar concrete bewijzen hebben de Serviërs nooit gepresenteerd. Twee van Haradinajs broers sneuvelden in de strijd tegen de Serviërs. Een derde broer zit sinds 2002 een gevangenisstraf van vijf jaar uit wegens ontvoering en foltering van en moord op Serviërs.

Ook na de oorlog had Haradinaj met geweld te maken: in juli 2000 werd hij zwaar gewond toen tijdens een ruzie een politieke rivaal een handgranaat naar hem gooide. Haradinaj had toen al zijn camouflagepak verruild voor een driedelig pak met designerdas en voor de politiek gekozen. Hij stichtte een eigen partij, de Alliantie voor de Toekomst van Kosovo (AAK). Die is sindsdien de derde politieke kracht van het land, na de Democratische Liga van Kosovo (LDK) van president Ibrahim Rugova en de Democratische Partij (PDK) van ex-UÇK-chef Hashim Thaçi. Bij de laatste verkiezingen, die van vorig jaar, kreeg de AAK – gematigd, pragmatisch en neo-liberaal – 8,28 procent van de stemmen. In december kon de controversiële oud-uitsmijter en oud-guerrillastrijder premier worden van een coalitie van zijn AAK met de grotere LDK van Ibrahim Rugova.

Als er gisteren in de reacties van de internationale gemeenschap op het aftreden van Haradinaj en zijn gang naar Den Haag iets gemeenschappelijks doorklonk, dan dit: respect. Want in de luttele 96 dagen van zijn premierschap heeft Haradinaj zich doen kennen als een zeer goede bestuurder, misschien wel de enige waarover de Kosovo-Albanezen op dit moment beschikken. Hij is capabel, energiek, gedisciplineerd en pragmatisch, hij doet wat hij belooft en – zo citeerde onlangs het Amerikaanse blad Time VN-functionarissen in Priština – ,,hij kent het verschil tussen verklaringen en prestaties, hij eist resultaten en hij krijgt ze.'' Veton Surroj, Kosovo's scherpste waarnemer, noemt Haradinaj ,,hyperintelligent en praktisch: geef hem een lijst met tien dingen en hij doet ze.'' Zelfs Servië reageerde met respect op Haradinajs besluit.

Het duidelijkst klonken respect en spijt over zijn vertrek gisteren door in de reactie van de man met wie Haradinaj het nauwst samenwerkte, VN-bestuurder Sören Jessen-Petersen. Hij prees Haradinaj als ,,een nauwe partner en vriend, wiens leiderschap Kosovo dichter dan ooit bij de verwezenlijking van zijn aspiraties heeft gebracht'' en wiens vertrek naar Den Haag ,,een grote leegte'' achterlaat. De NAVO, de EU – iedereen prees Haradinaj gisteren. De Amerikanen vonden dat hij met zijn besluit de belangen van Kosovo boven zijn eigen belangen heeft geplaatst. Ook zij zien hem ongaarne naar Den Haag gaan: ze zien in Haradinaj de man die namens de Albanezen het overleg over de toekomst van Kosovo moet voeren. Juist omdat hij in de oorlog zo militant en radicaal was, zo redeneren de Amerikanen, is hij in staat de Kosovo-Albanezen eventuele onaangename compromissen te verkopen. Voorlopig echter is er alleen die ,,grote leegte'': een probleem voor Jessen-Petersen.