Waterval van beweging in `Silent Collisions'

Als artistiek leider van de groep Charleroi/Danses-Plan K maakte de Belgische choreograaf Frédéric Flamand een aantal spraakmakende voorstellingen. Flamands laatste grote werk Silent Collisions ging vorig jaar maart in premiere. In december heeft Flamand België verlaten om directeur te worden van het Ballet National de Marseille, dat Silent Collisions direct in het repertoire opnam. Vandaar dat het nu onder de naam van beide gezelschappen in het Amsterdamse Muziektheater te zien is.

Evenals bij zijn vorige werken die in het Muziektheater te zien waren – zoals Moving Target (1997) en Metapolis Project 972 (2001) – werkte Flamand ook nu weer nauw samen met een architect, ditmaal de Amerikaan Thom Mayne. Die bakende de toneelruimte af met doorzichtige metalen zijwanden en een gebarsten plafond. De uit het lood hangende wanden zijn met elkaar verbonden door scharnieren. De wanden kantelen en de plafonddelen dalen als scherven neer. Zo dreigt het decor de zeventien dansers in te sluiten of te verpletteren.

In een ander fragment wordt het speelvlak opgedeeld door doorzichtige zuilen die als duikelaars heen en weer zwiepen. Gekleed in witte, nondescripte kostuums met zo nu en dan een kleuraccent – een vuurrood jurkje, een zwart jasje, een oranje broek – hollen, draven, vallen, draaien en springen de dansers rond. Ze variëren steeds in aantal en verschijnen of verdwijnen zonder directe aanleiding. Onderling contact is er nauwelijks, ieder gaat zijn eigen weg, kortstondige ontmoetingen krijgen geen wezenlijke betekenis. Wanneer bewegingen plotseling samenvallen en er unisono gedanst wordt, ontstaat er even een rustpunt.

Uitgangspunt voor Flamand en Mayne is Italo Calvino's boek De onzichtbare steden, waarin ontdekkingsreiziger Marco Polo denkbeeldige steden beschrijft met daarin een ronddwalende vrouw die ongrijpbaar blijft. Een fascinerend thema op papier waar diepzinnig over gefilosofeerd kan worden, maar waar in de voorstelling bijzonder weinig van terug te vinden is, behalve de chaotische drukte die grote steden kenmerkt. Niet in choreografisch opzicht, maar ook niet in sfeer, in structuur of muzikale benadering. Het is en blijft een constante waterval van nerveuze, hectische beweging en hard geluid, waar de enkele verstilde fragmenten volkomen door worden overspoeld. De danstaal is dynamisch maar wordt nergens expressief en de muziek met live bijdrage van violist George van Dam komt monotoon over.

Het toneelbeeld is imposant en helder, de theatrale effecten mooi, zoals de deinende doorzichtige zuilen of het gebruik van lange stokken met een lichtpunt aan het eind. Maar echt verrassend zijn die effecten niet meer, en de dansers hebben geen van alle een zodanige eigenheid of kwaliteit die je op de punt van je stoel doen zitten. Zo werd Silent Collisions ondanks veel fraaie beelden, een teleurstelling.

Silent Collisions, door Ballet International de Marseille-Charleroi/ Danses-Plan K. Choreografie: Frédéric Flamand. Gezien: 6/3 Muziektheater, Amsterdam. Aldaar t/m 9/3. Inl. 020-6255455 of www.gastprogrammering.nl