`Wat een grap', De Loor wint wereldtitel

Eigenlijk was het een wonder dat er geen tranen van geluk over haar wangen biggelden toen het Wilhelmus klonk. Na alles wat ze heeft meegemaakt, had Barbara de Loor daar alle reden toe op het moment dat ze gistermiddag werd gehuldigd voor de wereldtitel op de 1.000 meter. Het was waarschijnlijk haar nuchterheid en relativeringsvermogen dat ze de emoties in bedwang hield. Ze toonde wel voortdurend een brede lach en een gezicht of ze het allemaal niet kon geloven. ,,Wat een grap zeg'', concludeerde ze enige tijd later. ,,Hier ga je natuurlijk niet vanuit, indoor zijn mijn rondetijden niet snel genoeg.''

Haar hele carrière lang werd De Loor nooit echt serieus genomen. Ze bleek te klein voor het servet, te groot voor het tafellaken. Woedend en verdrietig was ze zo'n tien jaar geleden, toen Annamarie Thomas haar adviseerde te stoppen met schaatsen. Want het zou toch nooit wat met haar worden. In Zuid-Duitsland, bij het team van Anni Friesinger, lijkt ze in de herfst van haar loopbaan boven zichzelf uit te stijgen. En uitgerekend haar vriendin en ploeggenote werd door haar verslagen op 1.000 meter. Met Friesinger, die eerder na een val en nog een tweede plaats op de 1.500 meter dacht dat ze ,,behekst'' was geworden in haar `eigen' Inzell, zou het ook nog allemaal goed komen. Ze won goud op de vijf kilometer. Overigens vatte Friesinger haar nederlaag op de 1.000 meter uiterst sportief op. Ze bleef De Loor maar omhelzen en over haar arm wrijven. ,,Ze heeft natuurlijk al genoeg gewonnen'', besefte De Loor.

En dat kon de Nederlandse over zichzelf juist niet zeggen. Op haar erelijst prijkten een handvol nationale afstandstiteltjes. Op internationaal niveau moest ze bogen op een lege palmares. In 2000 hoopte ze dat ze eindelijk een belofte kon inlossen toen ze zich liet opereren aan hartritmestoornissen. ,,Op een gegeven moment kreeg ik acht, negen keer per dag hartkloppingen. Niet voor of in de wedstrijden, maar tijdens de voorbereiding of bij de cooling-down. Dan ging mijn hartslag naar 220. Ik wist precies waar langs de baan een dokter stond. Die drukte dan de halsslagader dicht, zodat het hart weer tot rust kwam. Dat was op een gegeven moment geen doen meer.''

Ze besloot tot een operatie, waarbij het hart moest worden gemanipuleerd via een katheter die in de lies werd ingebracht. ,,Met een laserstraal werd een gat gebrand in mijn hart. Dat gepoer duurde uren en ik moest zelf ook meewerken. Ik heb er nog wel eens nachtmerries van. Ik dacht toen dat het wel eens afgelopen kon zijn met mijn schaatsloopbaan.'' Maar de echte mentale klap kwam eigenlijk het seizoen dat daarop volgde. Toen constateerde ze dat ze door de operatie niet harder ging schaatsen. ,,En dat had ik wel verwacht.''

In de kernploeg van coach Gerard Kemkers beleefde ze een vervelend seizoen. Vervolgens ontfermde Ingrid Paul zich over haar. Tussen die twee klikte het wel. ,,Ze zei altijd: `Je moet trainen als een vent en daarna doe je een lippenstiftje op.''

Vervolgens beleefde De Loor een mislukt avontuur bij DSB. De ploegleiding van de nieuwe schaatsploeg wilde eigenlijk alleen investeren in jonge talenten en vond haar te oud voor een contractverlenging. ,,Daar kon ik niet meezitten. Die ploeg was gedoemd te mislukken door een chaotische leiding. Er zaten geen deskundige, ervaren mensen bij DSB. Maar goed dat ik weg moest. Anders was ik nooit bij Friesinger terecht gekomen.''

De Loor moest in Inzell een jaar wennen aan de hoge trainingsintensiteit van het team dat onder leiding staat van Markus Eicher. Dit seizoen begon stroef door rugklachten. Bovendien lag ze met de schaatsbond in de clinch omdat haar sponsor een reclame-uiting verlangde op het linkerbeen. De rechter besliste dat de KNSB dit mocht verbieden. ,,Ik ben er nu toch wel achter dat ik beter mijn eigen weg kan gaan. Zuur alleen dat ik door die regeltjes van de bond geen geld heb. Maar door mijn liefde voor de sport vind ik steeds weer de kracht om door te gaan.''

Dankzij de rugblessure, die pijn veroorzaakt na een ronde of zes, is ze erachter gekomen dat ze eigenlijk best aanleg heeft voor de 1.000 en 1.500 meter, waarop ze donderdag net naast een medaille greep. ,,Op die afstanden moet ik me dan ook maar richten voor de Spelen'', concludeerde De Loor.