Nedermoslim met alle vezels vast aan moederland

Ayhan Tonca (40) is al vanaf zijn tienerjaren actief in het Turks-islamitische circuit in Nederland. Hij is voorzitter van de grootste moslimfederatie en sinds een jaar namens de moslims dé gesprekspartner van de overheid. Hij is Turk, moslim én Nederlander. De machtigste Nedermoslim wil integreren, maar zonder in te leveren.

Als voorzitter van het Contact Orgaan Moslims en Overheid (CMO) maakte Ayhan Tonca afgelopen maand op een rustige toon het nieuws voor de camera's bekend: moslims beginnen een eigen beroepsopleiding voor imams in Nederland. Tonca was zichtbaar tevreden: hij glunderde. Minister Verdonk (Integratie) zei het initiatief toe te juichen.

Het besluit om eigen imams op te leiden werd onder Tonca's leiding bereikt tijdens een tweedaagse conferentie in Elspeet (Gelderland). Saillant detail van het weekend: het was een gezamenlijk besluit van het soennitische Contactorgaan Moslims en Overheid (CMO), waarvan Tonca de voorzitter is, en de Shi'itische Islamitische Raad (SIR). Nederland heeft nog nooit eerder zo'n broederlijke samenwerking tussen deze twee hoofdstromingen binnen de islam mogen meemaken. En dat lukte onder leiding van Ayhan Tonca.

Volgend jaar al zullen bestaande imams worden bijgeschoold. De echte opleiding start een jaar later. Dat gebeurt onder druk van de Tweede Kamer, die na de moord op cineast Theo van Gogh, verordonneerde dat er vanaf 2008 geen imams meer in moskeeën mogen prediken die hier niet zijn opgeleid. In februari kreeg de Vrije Universiteit, tot verbolgenheid van het CMO, een subsidie van 1,5 miljoen euro om een centrum voor islamitische theologie op te zetten. Het Gelderse besluit van de twee rivaliserende stromingen binnen de islam volgde drie weken later. ,,Draagvlak in de islamitische gemeenschap is onontbeerlijk'', voerde Tonca ter legitimering aan. `Zijn' CMO vertegenwoordigt zo'n tachtig procent van de ruim 900.000 moslims. De waarschuwing was duidelijk: in onze moskeeën worden straks alleen imams aangesteld die zijn opgeleid op een imamschool die door het CMO is goedgekeurd.

Was het Gelderse besluit een ultiem bewijs van eigen verantwoordelijkheid van de Nederlandse moslims om hun integratie te bevorderen, of juist een nieuwe poging om de overheid op afstand van de moskee te houden?

Sinds een jaar is Ayhan Tonca namens de moslims dé gesprekspartner van de overheid. Hij is moslim, Nederlander én Turk. Maar volgens critici is hij vooral het laatste: een diepgelovig Turk die nauwe banden onderhoudt met de Turkse overheid. Want Tonca is tevens voorzitter van de Turks Islamitische Culturele Federatie (TICF), met 142 aangesloten gebedshuizen de grootste moskeekoepel in Nederland. Deze federatie is verbonden met het Turkse directoraat voor religieuze zaken Diyanet dat imams aan moskeeën in heel Europa levert.

,,Ik had altijd het gevoel dat ik niet precies wist of hij nu een Turkse Nederlander was of een Turk was gebleven'', zegt Roger van Boxtel, van 1998 tot 2002 minister van Grote Stedenbeleid en Integratie. In die hoedanigheid maakte hij Tonca van dichtbij mee. Van Boxtel was verbaasd toen Tonca begin vorig jaar voorzitter werd van het CMO, een organisatie die Van Boxtel mede op poten heeft proberen te zetten. ,,Ik herinner me vooral zijn stugge houding: overheid blijf op afstand van de moslims, we weten zelf wel wat goed voor ons is.'' Tonca toonde zich volgens Van Boxtel jarenlang gereserveerd over een Nederlandse imamopleiding.

Tonca zegt zelf nog altijd achter het uitgangspunt te staan van integratie met behoud van de eigen culturele identiteit. ,,Dus emanciperen in een eigen zuil en van daaruit bruggen slaan naar de ontvangende samenleving.'' Dat is voor hem een belangrijke reden dat hij sinds 1998 raadslid is voor het CDA in Apeldoorn. ,,Het is een partij die duidelijk stelt dat religie de integratie van allochtonen in Nederland niet in de weg hoeft te staan.'' Tonca zegt dat ook bij het CMO te willen uitdragen.

Ayhan Tonca (1964) kwam als zesjarig jongetje van het Centraal-Turkse Karaman naar Apeldoorn. Zijn moeder werkte aanvankelijk in een wasserij. Zijn vader was in dienst van een kartonfabriek in Loenen. Nu is zijn vader arbeidsongeschikt. Tonca groeide op te midden van de Turkse gemeenschap. Hij bad in een Turkse moskee en was actief binnen het moskeebestuur. Aanvankelijk als tolk voor bestuursleden. Al snel richtte hij de jongerenafdeling op, waarvan hij de voorzitter werd. Sporten deed hij bij een Turkse karatevereniging die hij mede oprichtte. ,We hebben het geloof van huis uit meegekregen'', zegt zijn enige zus Gülseren (32). ,,Vader gaat nu elke dag naar de moskee, toen hij nog werkte ging hij alleen op vrijdag. Maar we zijn niet echt streng opgevoed. We hadden veel vrijheid.''

Zijn schoolcarrière is er één die meer Turkse Nederlanders van zijn leeftijd hebben doorlopen: Tonca deed eerst de mavo en kwam via de havo en het vwo terecht op de universiteit. Hij `deed' een jaartje sterrenkunde, zijn hobby, op de Rijksuniversiteit te Utrecht, maar stapte over naar Arabische, Nieuw-Perzische en Turkse Talen en Culturen.

Niet alleen zijn studie heeft de band met Turkije versterkt, zegt zijn zuster. ,,Ayhan vond het altijd al heerlijk om in Turkije te zijn.'' Tonca haalde daar in 1986 ook zijn vrouw vandaan, die hij tijdens een vakantie ontmoette. Gedurende zijn studie interesseerde hij zich in het bijzonder voor de Ottomaanse periode. Hij spitte zes maanden in het staatsarchief in Istanbul. Over de voor Turken zeer gevoelige Armeense kwestie, zegt Tonca te betwijfelen of er sprake was van genocide. ,,De aannames dat er 1,5 miljoen mensen zijn omgekomen kloppen niet. Het is wel duidelijk dat er veel Armeniërs zijn gedeporteerd, naar het huidige Syrië. Dat was ook om ze te beschermen. Er dreigde een volkerenoorlog tussen Turken en Armeniërs te ontstaan. Tijdens de deportatie zijn veel mensen omgekomen, maar dat er een bewuste poging is gedaan om hen uit te roeien, nee.'' Juist het multiculturele karakter van het Ottomaanse rijk boeide Tonca. Zoveel etnische groeperingen leefden ,,vreedzaam'' in één rijk zonder dat er sprake was van het koloniseren van andere volkeren door de Ottomanen. ,,Ottomanen hadden geen zendingsdrang.''

Tonca is een rustige prater, die zichzelf graag als bruggenbouwer typeert. ,,Ik ben moslim, draag een snor, spreek ook Turks en ben tevens Nederlands burger. Wat maakt het uit of ik nu Turk of Nederlander ben. Het belangrijkste is dat ik me hier thuis voel.'' De laatste tijd wordt hij wel boos als zijn geloof, de islam, in zijn ogen onheus wordt bejegend. Tonca over de profeet: ,,Ik houd van Mohammed, met heel mijn hart. Hij is mijn leidraad, mijn idool.'' Jeugdvriend Osman Adinli: ,,De laatste tijd zegt Ayhan zich vaak machteloos te voelen tegen alle de aantijgingen die wij moslims nu over ons heen krijgen. Dat ervaart hij als een groot onrecht.''

Tonca is als voorzitter van de moskeekoepel Turks Islamitische Culturele Federatie verbonden met Diyanet, het Turkse directoraat voor religieuze zaken. Yusuf Kalkan, de door Turkije benoemde voorzitter van Diyanet: ,,De moslims hier bouwen zelf de moskeeën, wij leveren de imams en Tonca behartigt de belangen van de moskeeën en de gelovigen.'' Kalkan vindt het vanzelfsprekend dat de Turkse staat de imams levert. ,,Ik heb hier 400.000 burgers. Natuurlijk hou ik me bezig met hun religieuze beleving. Die moet ik faciliteren. Ik opereer onder de volledige eindverantwoordelijkheid van de Turkse ambassadeur.'' Volgens Kalkan worden de Turkse imams die worden uitgezonden naar Nederland met zorg geselecteerd uit 80.000 academisch geschoolde theologen. ,,De Nederlandse imams moeten minstens hun niveau behalen, anders heeft het volgens Kalkan ,,geen nut'' om Turkse imams te verruilen voor Nederlandse imams.

De nauwe banden die Tonca via Diyanet met de Turkse staat onderhoudt zijn een doorn in de ogen van veel van zijn tegenstanders. ,,Een van de belangrijkste doelstellingen van de Turks Islamitische Culturele Federatie is het behoud van de Turkse cultuur, terwijl het CMO juist de integratie van moslims zegt te bevorderen. Dat is nogal tegenstrijdig'', meent bijvoorbeeld Adnan Yilmaz, voorzitter van de koepel Hak-Der van Turkse Alevieten, een gematigde sjiitische stroom binnen de islam in Turkije. ,,Binnenskamers legt hij de nadruk op het Turks-zijn, naar buiten toe zegt hij te willen integreren.''

Minderhedenbeleid wordt door religieuze voormannen zoals Tonca én de Nederlandse politiek `geïslamiseerd', klagen onder andere de seculiere Zeki Arslan, een voorman van links-Turkije in Nederland en Mustafa Ayranci. ,,Integratie is geen religieus onderwerp,'' aldus Ayranci van HTIP, de vereniging van arbeiders afkomstig uit Turkije. ,,Heel veel migranten zijn niet verbonden met een religieuze organisatie.'' Ayranci gelooft niet dat religieuze organisaties de integratie kunnen bevorderen. Integendeel. ,,Moskeeën zijn er tegen dat moslimmeisjes tijdens schoolzwemmen met jongens samen zijn. Sommige van hen bestempelen Nederlanders als kafirs, ongelovigen. Zo is integratie niet mogelijk.'' Ayranci houdt de moskeeorganisaties verantwoordelijk voor de vele hoofddoeken en ander sluierend textiel op Nederlandse straten.

,,Tonca praat met twee tongen'', meent ook Hikmat Mahawat Khan van de Ahmadiyya beweging. De Ahmadiyya is buiten het CMO gehouden omdat ze volgens de soenieten geen echte moslims zouden zijn. ,,Tonca mag blij zijn dat Nederland ligt te slapen. We zouden per direct moeten stoppen met imams uit Turkije. Okee, die zijn seculier en niet radicaal of gewelddadig maar ze bevorderen de integratie niet.'' Khan zet vraagtekens bij het initiatief van het CMO onder leiding van Tonca voor een eigen imamopleiding in Nederland. ,,Misschien is het een vertragingstactiek. Ik weet niet hoe oprecht ze zijn.''

Er is niet alleen kritiek van buitenaf op hem. Tonca moet de laatste jaren ook veelvuldig laveren tussen zijn orthodoxe achterban, die steeds vaker zegt: hou toch op met je verhalen over integratie, Nederlanders willen ons allochtonen niet, en de politiek, die eisen stelt aan nieuwkomers, die de taal moeten leren en moeten meedoen in de samenleving. Hij botste regelmatig met vertegenwoordigers van niet-islamitische organisaties in het bestuur van het Inspraak Orgaan Turken. Ayrinci vond dat Tonca moest aftreden nadat deze zich begin vorig jaar ook tot de voorzitter van het CMO liet benoemen. Vooral de dubbelrol van Tonca in de discussie over integratie stoorde Ayranci. ,,Tonca zat in een CDA-commissie over integratie. In hun rapport stonden stellingen over de gezinshereniging en inburgeringcursussen die wij als IOT afkeurden. Daar heb ik hem over aangesproken. Tonca zei tegen ons: ik heb me in de commissie ingespannen maar ik kon niet alles beïnvloeden of veranderen.''

,,Zijn Turks-zijn is erg belangrijk voor hem'', herinnert Sjaak van der Tak, nu burgemeester van Westland, voorheen wethouder in Rotterdam en voorzitter van de CDA-commissie die begin 2003 het CDA-rapport Nederland Integratieland uitbracht. ,,Dat zie je ook in kwesties als het behoud van de eigen taal en cultuur op school, afschaffing van de tweede nationaliteit.'' Van der Tak: ,,Het raakt hem dat de traditionele banden met het land van herkomst ter discussie staan in het integratievraagstuk.''

De roep dat Tonca mettertijd moet breken met Turkije wordt steeds luider. ,,Moslims moeten hun plek in de Nederlandse samenleving beter zien te vestigen, ze moeten onafhankelijker worden van hun landen van herkomst'', zegt Mohammed Sini, voorzitter van Islam en Burgerschap. Sini effende als interim-voorzitter de weg voor de komst van het contactorgaan. Zeki Arslan, van de linkse Turkse beweging in Nederland, zegt te snappen wat Tonca voorstaat. ,,Hij wil de groeiende invloed van het religieus fundamentalisme indammen en zo de invloed van de seculiere Turkse islam veiligstellen.'' Maar Arslan zegt geen idee te hebben hoe de combinatie islam en Turkse cultuur er precies moet uitzien.'' Die onduidelijkheid heeft ook Haci Karacaer, voorzitter van de Turkse moskeevereniging Milli Görüs Noord-Holland. ,,De Turks Islamitische Culturele Federatie van Tonca heeft nooit grote visies naar buiten gebracht. Ze zien het als hun hoofdtaak om er voor te zorgen dat Turkse imams van Diyanet hier kunnen prediken.'' Dat is ook het beeld dat naar voren komt uit de vele artikelen in Nederlandse kranten en tijdschriften waarin Tonca wordt geciteerd. Hij wordt om commentaar gevraagd op uitspraken van anderen, hij voert niet zelf de publieke opinie aan.

Een ander heet hangijzer in islamitisch Nederland is al jaren de zendtijd. Ook het CMO aast op de islamitische omroep die nu nog de naam NMO draagt. Recentelijk heeft het Commissariaat voor de Media de zendtijd verdeeld tussen het CMO en de Nederlandse Moslimraad (NMR). Tonca vindt dat de huidige programma's van de NMO te weinig islamitisch zijn. ,,Het lijkt of ik naar de NPS kijk.'' Hij wil Turkse imams op de buis, zegt hij.

Yilmaz ziet Tonca als een soort islamitische yuppie die uit is op carrière. ,,Hij is er altijd bij als het bestuur van Inspraakorgaan Turken ontmoetingen heeft met de overheid en landelijke politici, terwijl hij het vaak laat afweten bij overlegvergaderingen met Turkse organisaties''. Yilmaz ziet Tonca nog wel eens met een enkeltje richting Ankara vertrekken als de Turkse regering hem een mooie baan aanbiedt. ,,Dan is Tonca zo weg uit Nederland.''

Vertrekken uit Nederland spookt de laatste tijd steeds vaker door zijn hoofd, geeft Tonca toe. De felle discussie over de islam en integratie acht hij soms kwetsend en vermoeiend. Maar voorlopig blijft hij zich inzetten voor ,,deze samenleving''. De daarvoor nodige kracht, zegt hij, put hij uit zijn liefde voor Allah en zijn profeet. ,,En ook uit de gedachte dat ik hiervoor in het leven na de dood beloond zal worden.''

Curriculum Vitae

Ayhan Tonca werd in december 1964 geboren in Karaman, in Centraal-Turkije. Hij kwam in 1970 naar Nederland.

1977-1981 MAVO

1981-1983 HAVO

1983-1985 VWO

1985-1986 Scheikunde en natuurkunde aan de Rijksuniversiteit Utrecht

1986-1992 Arabische, Nieuw-Perzische en Turkse Talen en Culturen, eveneens in Utrecht.

1994-1999 Projectmedewerker minderheden bij Tandem in Nijmegen.

1999-2003 Opbouwwerker en coördinator Brede School bij Wisselwerk in Apeldoorn.

2004-nu Beleidsmedewerker bij de provincie Overijssel

Bestuurlijke Functies:

1984-1990 Oprichter en voorzitter Atik Jongerenvereniging in Apeldoorn

1988-1989 Bestuurslid Turks islamitische Culturele Federatie (TICF) en secretaris en oprichter van Stichting Turkse Jongeren onder het Inspraak Orgaan Turken (IOT)

1989-2002 Oprichter en bestuurslid TADJ Studievereniging oosterse talen en culturen

1988-1996 Oprichter, voorzitter en programmamaker Marokkaans Turks Omroep stichting lokale omroep

1994 Vice-voorzitter TICF

1998-2004 Bestuurslid IOT en voorzitter IOT

1998 CDA-raadslid in Apeldoorn

1998 Bestuurslid sociale werkvoorziening Felua

2001 Voorzitter TICF

2004 Mede-oprichter en voorzitter Contact Orgaan Moslims en Overheid (CMO)Tonca is getrouwd en heeft twee dochters (12 en 17 jaar).