Grondwet geeft Europa helderheid

De manier waarop John Gillingham eerder op deze pagina de Europese Grondwet afwees, is niet op de feiten gebaseerd, meent E.P. Wellenstein.

Zelden is een zo verward en tegenstrijdig verhaal verschenen over de betekenis van de Europese Grondwet als het artikel van John Gillingham op de Opiniepagina van vrijdag.

Gillingham wenst dat het Nederlandse volk – ja juist óns volk, gezien onze positie in Europa – de Grondwet afwijst. Maar wat wil hij daarná als wij blijven zitten met het laatste Europese verdrag, dat van Nice, dat hij zelf bestempelt als ,,een vastgelopen status-quo''?

Gillingham wil wéér een constitutionele conventie beleggen om een bestuurlijk kader te organisweren voor de overdracht van die publieke verantwoordelijkheden die beter op Europees niveau dan nationaal vervuld kunnen worden! Dus precies wat de afgelopen conventie, die deze Grondwet heeft opgeleverd, de laatste jaren gedaan heeft.

Gillingham disqualificeert die vorige conventie. De Grondwet is volgens hem opgesteld door één gepensioneerde politicus, Giscard d'Estaing, de oud-president van Frankrijk, die de conventie voorzat. De in de conventie zeer actieve Nederlandse parlementariërs – Timmermans, Van Baalen, Van Dijk, Van der Linden en Van Eekelen – zullen daarvan opkijken. In werkelijkheid is nooit eerder een Europees verdrag (want dat is de Grondwet) zo open en democratie tot stand gekomen: in openbare debatten en met hoorzittingen voor groepen uit de samenleving.

Ook Gillinghams bewering dat de conventie geen `grondgedachte' of leidende beginselen behelst, is gewoon onwaar. De conventie had van de regeringsleiders onder andere de opdracht de afbakening van bevoegdheden tussen `Europa' en de lidstaten te verduidelijken, de rol van de nationale parlementen in de Europese besluitvorming te regelen, transparantie, democratische en verantwoording en effectiviteit te bevorden. Uitdrukkelijk níet om de bevoegdheden van de Europese Unie te vergroten, wél om de besluitvorming te stroomlijnen en uit de wirwar van opeenvolgende Europese verdragen één heldere structuur te vormen. Dat is de Grondwet geworden.

Ook Gillinghams bewering dat de Grondwet ,,substantieel nieuw gezag'' toekent aan de Brusselse instellingen is daarom onwaar. Daarmee zijn zijn eerste drie ,,dwingende redenen'' om de Grondwet af te wijzen onzin.

Verder legt hij een verband met de mogelijk latere Turkse toetreding, dat er ook niet is. Hij klaagt dat de Grondwet het primaat van EU-wetgeving bevestigt, maar dat is er al. En hij weet zelf ook niet hoe zonder zo'n primaat een betrouwbare bestuursstructuur kan bestaan, dus dat wordt ook doorverwezen naar een ,,speciale conventie'' later.

Gillinghams constitutionele conventie met geheel open zijn; de agenda ,,kent geen belemmeringen''. Maar zij krijgt wél als eerste taak de ,,opheffing of herstructurering van gebrekkige EU-instellingen''.

Daarna gaat hij helemaal de mist in. Hij verwart beleid zoals het nu is, met de Grondwet, waar dat beleid helemaal niet in staat. Zo wil hij het Europese landbouwbeleid afschaffen en het regionale steunbeleid drastisch hervormen. Dat kan allemaal als de raad van ministers en het Europese Parlement het erover eens zouden worden. Daar is geen conventie à la Gillingham voor nodig. Met de Grondwet heeft het niets te maken.

Dat geldt ook voor Gillinghams wens om minder Europees geld voor onderzoek en ontwikkeling te besteden. Of dat allemaal verstandig is, is een andere zaak, maar daar gaat Gillingham gelukkig niet over.

Hij pleit op een verwarde manier voor een `EU light', maar hij wil weer wél dat de Europese Unie doorgaat op het gebied van defensie en interne veiligheid.

Dat zijn nu juist gebieden buiten de door hem, terecht, als ,,core business'' bestempelde interne markt. Gillingham vermeldt weer niet dat de Grondwet met name voor interne veiligheid een veel effectievere bestuursstructuur voorstelt. Wil men over de Europese Grondwet wijzer worden, dan moet men niet bij Gillingham zijn.

Drs. E.P. Wellenstein was directeur-generaal bij de Europese Gemeenschappen.

www.nrc.nl/opinie :

Artikel Gillingham.