`M'n volgende doel? Wereldkampioen!'

De droom van de Nederlandse coureur Christijan Albers (25) is uitgekomen. Hij rijdt in de Formule 1. Als de rechter zo beslist, start hij morgen in Melbourne in zijn eerste Grand Prix. ,,Ik moet waken voor overmoed.''

Van negen tot vijf. Tijdens kantooruren deed Christijan Albers precies twee weken geleden zijn laatste test in een Minardi. Op het circuit van Imola, niet ver van de fabriek van zijn team in Faenza. Het was een zonnige, ijskoude dag. Bij temperaturen rond het vriespunt legde Albers tussen negen en vijf in totaal 47 ronden af. In het openbare park binnen het circuit, dat via tunnels onder de racebaan kan worden bereikt, volgden autosportliefhebbers die zaterdag de vier bolides van Minardi (met Albers en zijn Oostenrijkse teamgenoot Patrick Friesacher) en Sauber (met de Canadees Jacques Villeneuve en de Italiaan Giancarlo Fisichella). Ze stonden bijvoorbeeld tegen het hek bij het bronzen standbeeld van Ayrton Senna, met uitzicht op de Tamburello-bocht waar de Braziliaanse racelegende in 1994 verongelukte.

Goede gewoonte bij Minardi na afloop van de test: in de pitbox van de Italiaanse renstal wordt voor de mecaniciens een grote schaal met salami en ham neergezet. Albers besloot die zaterdagavond de werkdag in een hip lounge-restaurant bij de Piazza Maggiore in Bologna. Een bord pasta, een paar glazen water en voor zijn doen laat naar bed: elf uur. Meestal gaat om tien uur het licht uit.

De volgende ochtend moet hij vroeg op voor de terugreis naar Antwerpen, waar hij met zijn vriendin woont. Op maandag, de dag voor de reis naar Australië, rijdt hij dan nog even naar Vianen. Daar staat bij een van zijn sponsors (Porsche) een nieuwe wagen voor hem klaar: een rode 997.

,,Het is toch een jongensdroom? Op je werk rijd je in een Formule 1-auto, op de openbare weg in een Porsche. Wat wil je nog meer. Super.'' Het Duitse sportwagenmerk is een van de nieuwste sponsors van de uit Laren afkomstige coureur. ,,En zo komen er steeds meer bij. Het wordt steeds heftiger. Als je ziet wat voor merken we hebben; dat zijn de krenten in de pap. Ben ik blij mee. Maar dat wil niet zeggen dat we gauw tevreden zijn; er moet nog een grote multinational bij.''

In Melbourne is het deze week rond de 34 graden. Een groot verschil met het koude Europa, dat Albers anderhalve week geleden achter zich liet. Hij nam de tijd om te acclimatiseren. Veel trainen en veel promotionele activiteiten, vertelt hij telefonisch vanuit een barak van het Australische leger waar hij afgelopen dinsdag met scherp mocht schieten. Hij speelde Aussie rules football, was te gast in tv-programma's, bij de radio en ging met teambaas Stoddart langs bij aboriginals. ,,Ik heb aardig wat van de cultuur gezien'', zegt Albers, die nooit eerder in Australië was. In de verschillende klassen waarin hij reed (Formule 3, Formule 3000 en Deutsche Tourenwagen Masters, DTM) beperkte zijn werkgebied zich tot Europa.

Woensdagmiddag maakte hij met zijn Minardi deel uit van een parade in het centrum van Melbourne, met Antonio Pizzonia, de derde rijder bij het team van Williams-BMW. Vandaag mochten de (meeste) coureurs voor het eerst met hun bolides het circuit op. Sinds hij vorige week in Melbourne aankwam, liep Albers bijna elke dag hard over het 5,3 kilometer lange parcours.

Dus je had de bochten al vroeg in je hoofd?

,,Dat wel, maar het is toch anders als je aankomt met 300 plus.''

Een Australiër aan de andere kant van de telefoon mengt zich heel even in het gesprek. ,,Enjoy the steak?''

Albers: ,,Yeah. It's good.'' Om er vervolgens in het Nederlands achteraan te zeggen dat de door het Australische leger verstrekte maaltijd niet bijzonder is.

Hoeveel uren of dagen heb je in de wagen gezeten sinds je eind december je contract tekende bij Minardi?

,,Niet veel. Ik zou vijf dagen testen. Omdat we in Misano sneeuw hadden, denk ik dat we bij elkaar twee, drie dagen hebben getest. Elke kilometer die je maakt is meegenomen. Zeker bij Minardi. Vorig jaar hadden ze niet één kilometer getest voordat ze in Australië aankwamen.''

Wat heb je geleerd?

,,Het belangrijkst is dat je ervaring opdoet. Stoeltjes maken, wennen aan de snelheid, aan het team wennen en zoveel mogelijk kilometers maken. Je probeert de auto aan te passen aan jouw rijstijl. En je moet jezelf goed kunnen verstaan met je engineer, je moet dezelfde taal spreken.'' Albers heeft dit seizoen een Franse engineer aan zijn zijde, Laurent Mekies, als intermediair tussen hem en de rest van het team waar het de tactiek en de afstelling van de wagen betreft. ,,We heben goed contact, dat gaat super.'' De voertaal is Engels, met soms een beetje Frans en Italiaans er doorheen.

Al in 2001 deed Albers zijn eerste test bij Minardi. ,,Ik ken de mensen daar nu heel goed. Ik weet precies wie wat doet.''

Je fitnesstrainer zei onlangs dat hij nog nooit iemand had meegemaakt die zo fanatiek traint en zo goed is voorbereid op een raceseizoen. Heb je de afgelopen week nog veel gedaan?

,,Ik heb veel gelopen op het circuit in Albert Park, m'n nek getraind, m'n oefeningen gedaan. Ik ben heel erg gemotiveerd. Misschien heeft het ermee te maken dat ik bij de DTM een beetje was ingeslapen. Ik heb een nieuwe uitdaging en het is mooi om te zien hoe gefocust ik ben. Ik bedoel: je valt niet voor niets zomaar even vijf kilo af.'' Albers, 1.76 meter lang, weegt 65 kilo.

Je zei de avond na de test in Imola dat je de volgende dag waarschijnlijk last zou hebben van een stijve nek, door de G-krachten waaraan je in de wagen blootstaat.

,,Heb ik dit keer helemaal niet gehad, dus dat was ook positief.''

Wordt rijden in de Formule 1 onderschat?

,,Ik denk het wel. Maar dat was bij de DTM ook zo. In de auto is het tijdens een DTM-race (die een uur duurt, red.) 65 graden. Zet je fiets maar eens in een sauna waar het 65 graden is, en ga maar eens een uur fietsen. Dat gaat bijna niet. Net als in de sauna heb je bijna geen frisse lucht in de auto, omdat die gesloten is. In de Formule 1 is het nog heftiger. Misschien is het niet zo warm in de cockpit omdat je in de open lucht zit, maar we rijden soms in landen waar het al gigantisch warm is. Formule 1 is dus nog zwaarder. Je hebt nog meer downforce, je trapt nog meer kilo's op je rempedaal. Als je voor het eerst gaat remmen, trap je tachtig kilo op een rempedaal, en sturen is ook tien of vijftien kilo. Je nek bewegen is twintig kilo; soms krijg je 25 kilo op je hoofd in sommige bochten. Als je voor één bocht remt met tachtig kilo, en je stuurt in met tien of vijftien kilo of meer, en dan in je nek ook nog eens twintig kilo, dan tikt het natuurlijk lekker aan.''

Je droom is nu uitgekomen, of gebeurt dat pas als je zondag (4.00 uur in de ochtend Nederlandse tijd, red.) aan de start staat?

,,Droom één is nu uitgekomen, en ik ben een dromer, dus we blijven doordromen en dan zullen we zien wat de volgende droom is. Doel één is bereikt, in de Formule 1 komen, en nu gaan we naar doel twee, en dat is proberen wereldkampioen te worden. Ik weet dat het misschien een achterlijk doel is, dat je al gelijk zoiets gaat roepen. Maar die instelling moet je hebben, anders kun je beter thuisblijven. Doel twee is voor mij om succesvol te worden dit jaar en gewoon constant te blijven en me in de kijker te rijden bij de teameigenaars. Want dat is het belangrijkste, de teams en de bazen. Die bepalen straks of ik in een topteam kom. Verder kan iedereen zijn mening over me hebben, maar die zijn toch echt het belangrijkst. Zonder hen kom je niet verder.''

Welk gevaar ligt voor jou op de loer, waar moet je voor oppassen?

,,Het is belangrijk dat ik enthousiast blijf. En dat ik blijf vechten. Ik heb een coureur naast me die ook gas kan geven, een jongen die in de Formule 3000 races heeft gewonnen. Ik hoop dat ik af en toe door hem wakker word geschud. Ik moet waken voor overmoed. Constant blijven rijden en af en toe eens wat laten zien.''

En niet gefrustreerd worden als het eens een keer tegenzit.

,,Dat heb ik sowieso wél. Misschien niet gefrustreerd. Maar ik ben een sportman pur sang. Als iets niet gaat zoals ik het wil, moet je niet bij me in de buurt komen. Omdat ik dan nog meer gefocused ben om het probleem op te lossen. Hier is mijn doel om de race uit te rijden. Daarna zien we wel weer.''

Gisteravond vijf voor tien Australische tijd. Albers is net in zijn hotel in Melbourne aangekomen. Door een conflict tussen de stewards van de internationale autosportfederatie (FIA) en Minardi heeft hij met teamgenoot Friesacher moeten toekijken bij de vrije trainingen. [Vandaag beslist de rechtbank in Melbourne of Minardi morgen mag starten met de twee wagens die qua ontwerp niet aan de reglementen van de FIA voldoen.] ,,Niks bijzonders'', zegt hij op de vraag wat hij de hele dag heeft gedaan terwijl zijn nieuwe collega's rondjes reden. ,,Een beetje koekeloeren en met de engineer praten.'' Dat hij niet gereden heeft vindt hij ,,geen ramp – het is nu eenmaal zo''. Het is alsof het conflict aan Albers voorbijgaat. ,,Ik sluit me voor alles af. En nu ga ik naar bed.''