Een Europees patent op de pixelplusmethode

Kleine softwaremakers en grote bedrijven staan lijnrecht tegenover elkaar als het gaat om het softwarepatent.

Philips' pixelplusmethode maakt televisie kijken prettiger. Met behulp van software vergroot pixelplus kunstmatig het aantal pixels, waardoor het beeld scherper wordt – iets waar vroeger hardware aan te pas kwam. Philips heeft een octrooi op pixelplus, zodat anderen het niet mogen namaken. Dat octrooi dekt de hard- én de softwaremethode af. Logisch, zegt adjunct-directeur Jan Lohstroh van Philips' octrooiafdeling. ,,Waarom zou je het ene wel mogen patenteren en het andere niet?''

Arend Lammertink, programmeur bij het kleine softwarebedrijf DGB, weet wel waarom. ,,Het vermeerderen van pixels is een wiskundige methode.'' Octrooien zijn er volgens hem voor concrete, technische uitvindingen, niet voor ideeën. ,,Abstracte methoden moeten niet octrooieerbaar zijn.'' Als een octrooi op pixelplus rechtsgeldig is, kan volgens hem ook een computerprogramma voor boekhouden worden gepatenteerd. Als dat gebeurt mag niemand meer, zonder een licentie te kopen, een soortgelijk boekhoudprogramma ontwerpen.

Octrooien op software staan al lang ter discussie. De Europese Commissie deed in 2002 een voorstel voor een richtlijn om aan de bezwaren van kleine softwaremakers tegemoet te komen, maar die vonden dat niet ver genoeg gaan. Op dit moment kunnen uitvindingen die software bevatten al worden gepatenteerd, maar het gevaar bestaat dat rechters de regels niet in alle landen hetzelfde uitleggen. De richtlijn moest dat voorkomen.

In mei vorig jaar bereikten de lidstaten een akkoord over de richtlijn. Maar het Europees Parlement vond ook dat die kleine bedrijven benadeelt en eiste afgelopen maand een nieuwe richtlijn. De commissie weigerde dat, maar doordat verschillende lidstaten door de politieke druk van mening zijn veranderd, is het eerder bereikte akkoord nog steeds niet bekrachtigd. Maandag komen de ministers die over dit onderwerp gaan bijeen en zou dat alsnog kunnen gebeuren. Maar de Deense regering gaf gisteren al aan dat ze goedkeuring van de richtlijn zullen proberen tegen te houden.

Philips hoopt dat de richtlijn van de commissie gewoon wordt ingevoerd. Nu die zo onder vuur ligt, vreest het bedrijf dat de commissie onder druk van het Europarlement alsnog de criteria voor het patenteren van software aanscherpt. De amendementen die het parlement na eerste lezing had voorgesteld, en die slechts deels in de huidige richtlijn zijn opgenomen, zouden funest zijn voor Philips, zegt Lohstroh. Als de commissie die had overgenomen, was het grootste deel van de patenten die Philips heeft – wereldwijd zo'n 100.000 – onderuit gehaald, denkt hij. ,,Als de patenteerbaarheid in Europa onderuit gaat, kunnen allerlei bedrijven uit bijvoorbeeld Azië hier onze spullen namaken.'' Voor het lanceren van nieuwe producten wordt Europa dan minder interessant. En dan is de stap klein om het ontwerpen van die spullen ook naar het buitenland te verplaatsen.

Kleine softwarebedrijven pleiten voor een richtlijn mét de amendementen van het Europarlement, omdat ze niet blij zijn met hoe het nu gaat. Het Europees octrooibureau kent al jaren veel te gemakkelijk patenten toe, vindt Lammertink. Dat geldt niet alleen voor software. Hij geeft als voorbeeld het octrooi van een Twentse tegelzetter op het maken van afvoerputjes in de badkamer, die dezelfde maat hebben als de tegels die eromheen liggen. Daar valt makkelijker omheen te tegelen dan om een rond afvoerputje. Lammertink: ,,Mijn dochter van 7 kwam op hetzelfde idee.''

Een eenmaal verleend octrooi kan altijd door de rechter worden vernietigd als die meent dat het ten onrechte is verleend. De afgelopen jaren zijn rechters steeds soepeler geworden met het verlenen van octrooien op software. ,,Met deze richtlijn krijgen rechters het signaal dat wat nu gebeurt toegestaan is'', zegt Lammertink. Een bedrijf zoals DGB zal dan in de gevarenzone komen wanneer het iets nieuws bedenkt, want dan schendt het vrijwel zeker een van de 30.000 softwarepatenten die al zijn toegekend. ,,Als je echt iets leuks doet, kun je een groot bedrijf op je dak krijgen.''

Het gemak waarmee het Europees patentbureau op dit moment octrooien toekent, is het grootste probleem rond de patentering van software, denkt Reinier Bakels. Hij schrijft een proefschrift over dit onderwerp en werkt af en toe samen met activisten die de richtlijn - zonder de amenderingen van het parlement - proberen tegen te houden. In principe is het verschil tussen een octrooi op software en andere octrooien niet eens zo groot, zegt Bakels. Ook voor andere octrooien geldt dat ze aan de ene kant innovatie kunnen stimuleren, doordat uitvinders financieel worden geprikkeld. Aan de andere kant kunnen octrooien de innovatie remmen en de concurrentie verstoren, doordat partijen niet vrij van alle technieken gebruik kunnen maken. Software leent zich relatief makkelijk voor `foute' octrooien, omdat de grens tussen een idee en een echte uitvinding nauwelijks valt te definiëren. ,,Als je die scheiding probeert aan te brengen, kom je op moerassig terrein.'' De richtlijn die er nu ligt, lost dat probleem volgens Bakels niet op. Hij pleit daarom voor wetgeving die toekenning van patenten op te voor de hand liggende uitvindingen kan voorkomen. Of ze nu op het gebied van software of afvoerputjes liggen.