`Plan kabinet hindert AIVD'

De Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) zal minder geneigd zijn om samen te werken met andere opsporingsdiensten als het wettelijk mogelijk wordt om AIVD-informatie te gebruiken in strafprocessen. AIVD'ers zullen naar verwachting minder geneigd zijn om `zachte informatie' vast te leggen in ambtsberichten om het risico te voorkomen dat die informatie opduikt in strafdossiers.

Dat voorspelde hoogleraar strafrecht Y. Buruma van de Katholieke Universiteit Nijmegen gisteren tijdens een door de Tweede Kamer georganiseerde hoorzitting over het wetsvoorstel `Afgeschermde getuigen' dat het gebruik van AIVD-informatie in strafprocessen mogelijk moet maken. Buruma is lid van de zogeheten commissie-Havermans die in opdracht van minister Remkes (Binnenlandse Zaken) onderzoek verrichtte naar de interne werkwijze van de AIVD.

Als het voorstel doorgang vindt moet de AIVD in voorkomende gevallen voor de rechter toelichting geven op de vergaarde informatie. ,,Het relatieve gemak om ambtsberichten te schrijven wordt zo gefnuikt uit angst dat bronnen terecht komen in het strafdossier. (...) Uitwisseling van informatie zal dan worden tegengewerkt'', aldus Buruma. ,,De ontwikkeling van deze wetgeving is slecht voor de veiligheid.''

Volgens Buruma zal de wet in de praktijk nauwelijks gebruikt worden omdat de rechter de betrouwbaarheid van dergelijke AIVD-informatie nauwelijks kan toetsen. ,,Het is allemaal van een hoog symbolisch geheel.'' Ook andere rechtsgeleerden uitten kritiek op het wetsvoorstel. Professor J.F. Nijboer, hoogleraar bewijs en bewijsrecht aan de Universiteit van Leiden, trok een vergelijking met de in 1994 ingevoerde wet op de bedreigde getuige. Uit een evaluatie van de praktijk van die wet blijkt dat in dergelijke verklaringen zoveel 'saillante details' geschrapt moeten worden om de anonimiteit van de getuige te beschermen, dat de overgebleven verklaring onherkenbaar is. ,,Ook al creëer je met deze wetgeving de kanalen, het levert een zodanig zwakke bewijspositie op dat ik er niet zo'n hoge verwachting van heb.'' Ook de rechterlijke macht verwacht weinig van de nieuwe wet, aldus voorzitter W. Tonkens-Gerkema van de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak (NVvR). Zij had navraag gedaan bij collega's die met de wet op de bedreigde getuigen te maken hebben gehad. ,,De stemming bij hen was: `dit eens, maar nooit meer'. Het nettoresultaat was dat er niet of nauwelijks bewijskracht ontleend kan worden aan dergelijke verklaringen.''

Tonkens-Gerkema wees op de penibele positie van de rechter-comissaris in dit wetsvoorstel. Die moet de betrouwbaarheid van de AIVD-informatie toetsen en vastleggen in een proces-verbaal ten behoeve van het strafdossier. ,,De rechter-commissarissen komen terecht in een onmogelijke positie.''