Het lichaam is van God, ook na de dood

De koran en de thora, de heilige boeken van moslims en joden, verbieden orgaandonatie niet. Maar in de praktijk houden religieuzen vast aan de traditie van de integriteit van het lichaam.

Het is de praktijk in Nederland dat moslims en joden minder moeite hebben met het ontvangen van een orgaan dan dat ze actief aangeven hun eigen organen ter beschikking te willen stellen zo gauw ze hersendood zijn. Dat zegt de islamitische theoloog A. van Bommel, die tot dit jaar als islamitisch verzorger in een ziekenhuis in Den Haag werkte.

Daar heeft hij ,,een enkele keer'' meegemaakt dat een doodzieke moslim in het ziekenhuis toch besloot om een van zijn organen af te staan aan een man of vrouw die al geruime tijd wachtte op een donor. ,,Maar in de praktijk houden zowel joden als moslims in Nederland nog sterk vast aan de traditie dat je met het lichaam dat god je gegeven heeft, na de dood ook weer voor hem verschijnt'', zegt van Bommel, die in 1993 een boek over Ethiek en Islam in de Gezondheidszorg publiceerde. ,,Maar zowel de koran als de thora, de heilige boeken van respectievelijk moslims en joden, staan orgaandonatie- of transplantatie niet in de weg'', verklaart hij. ,,In de koran staat letterlijk: als iemand één leven redt, is het voor hem alsof hij de hele mensheid het leven heeft geschonken, maar als hij één leven neemt is het alsof hij de hele mensheid het leven heeft benomen (5:32).'' Vergelijkbare teksten zijn ook te vinden in de thora.

R. Vis, algemeen-secretaris van het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap, bevestigt de indruk van Van Bommel. Volgens hem wordt in de joodse gemeenschap in Nederland niet actief over de relatie tussen geloofsethiek en medisch-ethische kwesties gedebatteerd. ,,De meerderheid maakt een eigen afweging'', veronderstelt Vis.

Van Bommel houdt al ruim twintig jaar de discussie bij onder medici en islamitische ethici over de in 1981 opgestelde Islamic Code of Medical Ethics. Die code moedigt het afstaan van een orgaan onder moslims aan. Elke twee tot drie jaar komen deze geleerden in een islamitisch land bijeen om zich in het licht van de nieuwe medische ontwikkelingen over dit onderwerp te buigen. ,,Het dilemma in de islam is het ontbreken van een Vaticaan of synode, één centraal gezag'', meent de Nederlandse imam. ,,De interpretaties van wat een moslim wel en niet mag verschillen dan ook per hoofdstad. Cairo zegt dit, Riyad beweert weer wat anders. Ook islamitische voorgangers in Nederlandse ziekenhuizen of imams in Nederlandse moskeeën zullen vaak zeggen dat ze `eerst Apeldoorn nog even moeten bellen' voordat ze antwoord geven op een vraag van een gelovige of zijn religie orgaandonatie toestaat.'' Volgens hem is die internationale islamitische code daarom zo belangrijk. ,,De ontwikkelingen op het gebied van de medische technologie en menselijk vernuft vragen voortdurend om een radicale herrangschikking van de morele waarden en gedragscodes van moslims.''

Maar in de praktijk is het gezag van die islamitische code onder de grote massa moslims, ook in het Westen, nog gering, erkent Van Bommel. ,,Over de medische ethiek, zaken als abortus op medische gronden, euthanasie, orgaantransplantatie en orgaandonatie, DNA-onderzoek, komt de discussie onder moslims nog maar net op gang.'' Dat geldt volgens hem overigens ook voor de rest van de Nederlandse bevolking. ,,Wat je dan ook ziet is dat veel moslims nog vasthouden aan het emotioneel spirituele idee van de persoonlijke ontmoeting met de schepper.'' Minder aandacht is er voor ,,actief nadenken wat die nieuwe medische ontwikkelingen voor hen persoonlijk betekenen''. Hij verwacht dat in de nabije toekomst ultra-orthodoxe joden en moslims in Nederland, net als in de landen van herkomst, sterk blijven vasthouden aan de religieuze tradities. Het lichaam dat hen van God gegeven is, behoort na de dood zo volledig mogelijk ook weer aan hem gepresenteerd te worden. Dat is een regel die streng wordt nageleefd. Datzelfde zal volgens hem voorlopig ook nog wel de praktijk zijn onder de conservatieve, orthodoxe middengroep – de meerderheid van de joden en moslims. Van Bommel: ,,De echte veranderingen wat betreft de geloofsethiek zullen komen van liberale, vaak tweede generatie moslims en joden. Zij zijn het die ook nu al steeds vaker actief aangeven dat ze hun organen wensen af te staan.''