De opstand van vroeger

Wie in dit Schillerjaar niet alleen iets óver Friedrich Schiller wil lezen maar ook iets ván de grote Duitse romanticus, en dan nog in het Nederlands, kan terecht bij De Opstand der Nederlanden, een vertaling van de Geschichte des Abfalls der vereinigten Niederlande. In deze uitgave zijn ook Schillers kortere werken opgenomen over `Leven en dood van graaf Lamoraal van Egmond' en `Het opmerkelijke beleg van Antwerpen in de jaren 1584 en 1585.' In de soepele vertaling van Wilfred Oranje komt Schillers beeldende stijl goed tot zijn recht. Maar de argeloze bezoeker van de boekhandel die denkt: `Ha, eindelijk weer eens een dik boek over de Nederlandse Opstand!', moet worden gewaarschuwd. Niets op de omslag of in een inleiding wijst erop dat dit een vertaling is van een werk dat voor het eerst het licht zag in het jaar 1788. Daar komt de lezer pas achter na 436 bladzijden; in het `Nawoord' leest hij dat het werk op hoofdlijnen nog steeds de toets der kritiek kan doorstaan.

Dat hangt er maar van af wat je onder hoofdlijnen verstaat. Schiller was het soort geschiedenisprofessor dat nog nooit een archief van binnen had gezien. De monumentale bronnenpublicaties met de correspondenties van Willem van Oranje, Filips II, Margaretha van Parma en andere hoofdrolspelers van de Opstand zouden pas vele jaren na Schillers dood verschijnen. Bovendien las hij geen Nederlands. Zijn geschiedwerk is dus gebaseerd op historici uit de tijd van de Tachtigjarige Oorlog die in het Latijn schreven of in het Duits waren vertaald, zoals Strada, Bentivoglio, Van Reyd en Van Meteren. Daarnaast maakte hij gebruik van de bekende Vaderlandsche Historie van de achttiende-eeuwse historicus Jan Wagenaar, waarvan een Duitse vertaling voorhanden was. We vinden dus het beeld van de Opstand zoals dat in de zeventiende en achttiende eeuw bestond, overgoten met een dikke saus Sturm und Drang. Dat beeld kan kort worden samengevat als een vooral in psychologische termen beschreven heldenstrijd tussen nobele vrijheidsstrijders (Willem van Oranje en de zijnen) tegen een dubieus stelletje wrede onderdrukkers (Filips II, Alva). In Schillers visie valt de vrijheid waar de Nederlanders voor streden naadloos samen met de protestantse reformatie, en `tirannie' met de kerk van Rome.

Het is niet uitgesloten dat Schillers beeld van de Opstand opmerkelijke gelijkenis vertoont met het beeld dat veel lezers van deze krant zich herinneren uit het basisonderwijs. Toch is ons inzicht in de aard en ontwikkeling van de Nederlandse Opstand de laatste twee eeuwen aanzienlijk verfijnd en genuanceerd. Daarom heeft Schillers Opstand der Nederlanden voornamelijk literaire waarde.

Friedrich Schiller: De Opstand der Nederlanden. Vertaald door Wilfred Oranje, nawoord en annotaties Eric Moesker. Boom, 450 blz. €34,50