VN-missie in Congo richt bloedbad aan

De vredesmacht van de Verenigde Naties in Congo heeft gisteren zeker vijftig gewapende strijders gedood bij een vuurgevecht in het oosten van het land. Twee Pakistaanse blauwhelmen zijn bij de operatie gewond geraakt.

De VN maakten dat vanochtend bekend. De eenheid van Pakistaanse VN-militairen was op jacht naar de militie die vorige week donderdag negen VN-soldaten uit Bangladesh zou hebben gedood.

Volgens een woordvoerder van de VN-missie in Congo handelden de VN-militairen uit zelfverdediging. De militie zou hen tijdens een patrouille hebben beschoten. Het gevecht vond plaats op 30 kilometer ten noorden van Bunia, de hoofdstad van het district Ituri, niet ver van de plaats waar vorige week de Bengaalse soldaten omgekomen zijn. De VN zetten helikopters en gewapende voertuigen in.

,,Dit is een duidelijke boodschap aan die milities dat het ons ernst is'', zei een VN-woordvoerder. ,,Deze groep gaat maar door met plunderen, moorden en verkrachten. Het is tijd om een einde te maken aan deze militie.'' De woordvoerder zei dat er meer VN-operaties tegen milities in voorbereiding zijn.

Het is heel ongebruikelijk dat vredestroepen van de VN zoveel slachtoffers maken. Het gebeurt ook zelden dat er onder VN-militairen zoveel doden vallen als vorige week in Oost-Congo. Dat was de op drie na dodelijkste aanslag op een VN-missie in Afrika.

Onder grote druk van de VN en van westerse mogendheden beloofde de Congolose overgangsregering gisteren hard op te treden tegen de daders. De leider van de militie die verantwoordelijk wordt gehouden voor de aanslag, Floribert Ndjabu van het FNI, werd gisteren in de hoofdstad Kinshasa gearresteerd. Drie andere militieleiders uit Ituri zijn in Kinshasa opgepakt voor nader onderzoek. Twee van hen werden onlangs benoemd tot generaal in het nationale leger. Dat gebeurde in het kader van een twee jaar oud vredesakkoord dat leden van de strijdende partijen een plaats in het nieuwe regeringsleger biedt. Dat akkoord regelt ook dat rebellen en sommige milities zijn opgenomen in de overgangsregering en functies kregen in het regionaal bestuur.

De hulpverlening aan vluchtelingen in Ituri ligt vrijwel stil sinds de aanslag op de VN-militairen. De meeste hulporganisaties hebben zich teruggetrokken. Volgens de VN verkeren daardoor zeker 65.000 vluchtelingen in acute nood. De hulpverlening heeft de laatste maanden sterk te lijden onder de opgelaaide gevechten tussen milities van de rivaliserende Lendu- en Hema-stam.