Ruim helft footballers in Amerika veel te dik

American-footballspelers van de Amerikaanse topclubs zijn de idolen en rolmodellen voor miljoenen supporters. Maar de footballers zijn vrijwel zonder uitzondering veel te dik, waardoor `dik' steeds acceptabeler wordt.

Amerikaanse voedingsonderzoeksters van de universiteit van North Carolina verzamelden de lengtematen en gewichten van alle spelers van de 32 teams uit de National Football League, de hoogste afdeling van het professionele American football. Daarmee berekenden ze de body mass index (BMI) van de spelers. Gemiddeld ligt hun BMI net boven de 30. Volgens de internationale normen wijst dat op vetzucht, terwijl iemand met een BMI tussen de 25 en 30 overgewicht heeft. De BMI wordt berekend door het lichaamsgewicht in kilo's te delen door het kwadraat van de lengte in meters. Mensen met een BMI tussen 25 en 30 hebben een enigszins verhoogd risico op (vooral) suikerziekte en hart- en vaatziekten.

Van de footballers komt 56 procent boven de vetzuchtgrens van 30 uit: ruim tweemaal meer dan onder gewone Amerikaanse mannelijke leeftijdgenoten. Meer dan één op de vijf van de prof-footballers komt zelfs boven de een BMI van 35 uit. Dat is `klasse 2'-vetzucht. Het betekent dat een speler van 1,85 lang meer dan 120 kilo weegt. Bij BMI's boven de 35 worden de gezondheidsrisico's net zo hoog als de gevaren van roken.

Maar, werpen bewonderaars, trainers en critici van het BMI-meten tegen, het gaat hier om gespierde sporters, met een goede conditie en vooral een uitzonderlijke lichaamsbouw. En die zullen wel gezond dik zijn: met veel spieren en weinig vet.

Maar het vetpercentage mochten de onderzoeksters niet meten. Het is onwaarschijnlijk, schrijven zij, dat de hele dikke spelers alleen gezonde spiermassa en weinig vet hebben. Het is bekend dat trainers van de topclubs stimuleren de spelers om in gewicht toe te nemen. De zwaarste professionals hadden 's nachts vaak last van ademhalingsproblemen (slaapapneu) en de verdedigers, die het zwaarst zijn, hadden een hogere bloeddruk dan de andere spelers, bleek uit eerder onderzoek. Bij een meting in de jaren negentig had een team een gemiddelde BMI van 28,7, wat betekent dat spelers sindsdien bijna 10 kilo in gewicht zijn toegenomen. In 1945 hadden de traditioneel zwaarste verdedigers een BMI van 27, net zoals de andere teamleden. Daarna waren ze steeds dikker: van 31 (in 1965), via 35 (in 1995) naar 38 (in 2004).