`Wij kunnen Griek en Brit laten praten'

Een internationale diamantroof is een kolfje naar de hand van Eurojust, de justitieorganisatie van de EU. Maar dan moeten de aanklagers in Europa elkaar wel leren vertrouwen.

Stel: op een luchthaven, ergens in Europa, wordt een grote hoeveelheid diamanten buitgemaakt. En stel dat het spoor van de misdadigers loopt van Nederland naar Roemenië en Oostenrijk, Duitsland, België en Spanje. Dan stijgt onmiddellijk de temperatuur in de kamer van Michael Kennedy. De Brit is president van het College van Eurojust in Den Haag, de organisatie voor openbare aanklagers en onderzoeksrechters uit de 25 lidstaten van de Europese Unie.

Het oplossen van een internationale diamantroof, het vangen van mensensmokkelaars of het blootleggen van een Europees terreurnetwerk – het zijn precies het soort grensoverschrijdende misdaden waarvoor Eurojust enkele jaren geleden is opgericht. Twee weken geleden nog ontmoetten Amerikaanse en Europese terreurbestrijders elkaar in het geheim aan de Maanweg in Den Haag.

Inmiddels stapelen de zaken zich op bij Eurojust. De organisatie is betrokken bij vierhonderd internationale misdaadonderzoeken, variërend van drugshandel tot mensensmokkel en fraude. Het aantal zaken nam het afgelopen jaar met 25 procent toe, zegt Kennedy, die een lange carrière bij het Britse openbaar ministerie achter de rug heeft.

Via Eurojust kunnen aanklagers en onderzoeksrechters informatie inwinnen over misdaadonderzoeken in andere landen, of bewijsstukken opvragen als die elders beschikbaar zijn. Ook kunnen zij via gezamenlijk bepalen in welk land verdachten het beste kunnen worden vervolgd als zij worden verdacht van misdrijven in meerdere landen tegelijk. Daarnaast wordt dankzij meldingen van strafbare feiten via Eurojust vaak ontdekt dat er vertakkingen zijn naar misdaadorganisaties naar andere landen. ,,Wij kunnen hier gecoördineerde acties organiseren en ervoor zorgen dat tegelijkertijd huiszoekingen worden verricht in Griekenland, Oostenrijk, Slovenië en het Verenigd Koninkrijk, zodat het criminele netwerk niet wordt gealarmeerd zodra in één land actie wordt ondernomen'', zegt Kennedy. ,,Ook kunnen we in verschillende landen tegelijk beslag laten leggen op bankrekeningen.''

De bedoeling is dat Eurojust nauw samenwerkt met Europol, de politieorganisatie van de Europese Unie, die eveneens in Den Haag is gevestigd. Tot onvrede van Kennedy zijn beide organisaties echter niet elkaars nabijheid gevestigd. ,,De ministers van Justitie van de EU hebben ons in Den Haag geplant om de relatie met Europol te versterken, zodat we van elkaars faciliteiten gebruik kunnen maken. Maar dat lukt moeilijk doordat we zover van elkaar verwijderd zitten'', zegt Kennedy, die hierover vorig jaar aan de bel trok. Europol zit aan de andere kant van de stad. ,,We zitten nog steeds een flink stuk uit elkaar. Het zou veel beter zijn als we op hetzelfde terrein zaten zodat we gemakkelijker bij elkaar over de vloer kunnen komen. Dat hebben we ook kenbaar gemaakt aan de Nederlandse minister van Justitie. Ze denken erover na. We blijven erop hameren. Maar Den Haag moet het initiatief nemen. We hopen dat Nederlandse autoriteiten er vaart mee maken.''

Ook binnen Europa loopt Eurojust vaak tegen barrières op. Een groot obstakel is dat Eurojust te maken heeft met 25 landen en 25 verschillende rechtssystemen. ,,In Engeland klagen wij aan, terwijl veel landen een andere benadering van misdaad kennen, een proces van de waarheidsvinding. De culturen zijn anders en wij proberen die bij elkaar te brengen. Het begint al met de taal. Toch helpt het als onderzoeksrechters en officieren samen aan tafel zitten. Dan zie je al gauw dat ze hetzelfde doel hebben: ze willen de misdaad oplossen en er zeker van zijn dat de juiste mensen bestraft worden.''

Door de veelheid van rechtssystemen is het voorlopig bijna ondoenlijk om van Eurojust één Europees openbaar ministerie te maken. Dat is een visioen van sommige landen dat ook, voorzichtig, in de Europese grondwet als perspectief wordt genoemd. Het Verenigd Koninkrijk, dat Kennedy vertegenwoordigt, is echter mordicus tegen. ,,Veel landen zullen hun rechtssysteem moeten aanpassen. Dat zijn werkelijk enorme veranderingen die het hart van een land raken. Neem alleen al de mensenrechten: die worden nu in 25 landen op een verschillende manier beschermd. Ik zeg niet dat het onmogelijk is, maar ik richt me er voorlopig op dat Eurojust eerst goed gaat werken.''

Welk profijt kunnen opsporingsautoriteiten van Eurojust hebben?

,,Een Britse aanklager die onderzoek doet naar een bende die illegaal software verhandelt, kan tegen Eurojust zeggen: `Ik heb snel bewijsmateriaal uit Griekenland nodig om deze zaak voor de rechter te brengen'. In het verleden belden ze dan naar Athene, maar het was al onwaarschijnlijk dat de Britten Grieks spraken en de Grieken Engels. Toen het via Eurojust liep, was contact snel gelegd, want we hebben een groot arsenaal vertalers tot onze beschikking.''

Bij welk type zaken doet de nationale justitie een beroep op Eurojust?

,,We hadden vorig jaar een zaak waarin jonge meisjes van Roemenië via de Balkanlanden naar Italië en Spanje werden gesmokkeld. Criminelen vertelden hen in Roemeense dorpen dat ze goedbetaalde banen kregen in hotels aan de Rivièra, maar ze werden regelrecht de prostitutie ingestuurd. We ontdekten dat er verschillende onderzoeken liepen in Frankrijk en in Spanje. We moesten de hele keten in, naar de bron in Roemenië. We moesten er zeker van zijn dat de informatie uit Roemenië in de Franse en Spaanse rechtszaken kon worden gebruikt. En een verzoek indienen in Roemenië om de verdachten niet dáár aan te klagen, maar in Frankrijk en Spanje, waar het onderzoek al ver gevorderd was en waar de misdaad was begaan. In zulke zaken blijkt hoe zinvol Europese samenwerking is.''

Willen openbare aanklagers al die gevoelige informatie wel met elkaar en met Eurojust delen?,,Dat is een kwestie van vertrouwen. Onderzoekers en aanklagers zijn erg conservatief. Ze houden er niet van informatie te delen, zelfs niet in hun eigen land met mensen die ze niet kennen. Laat staan met een land dat ver van hen vandaan ligt en in een taal die ze niet kennen. Ze zijn bezorgd dat ze met het delen van informatie hun eigen onderzoek onderuithalen, maar wij proberen ze hier juist samen te brengen en vertrouwen te scheppen. Het is niet altijd perfect in de eerste bijeenkomsten. Als eerste contacten positief zijn, wordt er vertrouwen gewonnen, maar het is nieuw terrein. Er komen zeer hoge functionarissen hier, zoals het hoofd terrorismebestrijding in Spanje, het hoofd van de terreurbestrijding van Scotland Yard. Als men elkaar leert kennen, wordt het netwerk sterker.''