Achter de façade van Botswana

De democratie van Botswana is geen voorbeeld voor Afrika, vindt de Australische professor Kenneth Good. Een dreigende deportatie lijkt zijn gelijk te bewijzen.

De frêle professor doet als een boxer die zojuist de eerste ronde heeft gewonnen. Bij het verlaten van het rechtsgebouw schudt Kenneth Good zijn knokige handen triomfantelijk boven het hoofd. ,,Ik houd van mijn werk'', lacht hij, 72 jaar oud, geboren Australiër, filosoof, politicoloog en momenteel de meest besproken professor van heel Zuidelijk Afrika.

Gisteren vocht Good met succes het uitzettingsbevel aan dat de president van Botswana twee weken geleden tegen hem uitvaardigde. Na 15 jaar trouwe dienst aan de universiteit in de hoofdstad Gaborone werd Good tot `illegale immigrant' verklaard. De rechter bepaalde gisteren dat Good in het land mag blijven om te bewijzen dat de uitzetting ,,ongrondwettelijk'' is.

Een officiële reden voor de deportatie heeft de professor tot nu toe niet gehad. Hij heeft alleen een vermoeden. Deze maand legde hij de laatste hand aan een essay dat moet afrekenen met een wijdverbreide mythe: de democratie van Botswana is een model voor de rest van Afrika. Good beweert dat Botswana hard op weg is een staat met ,,autoritaire en irrationele praktijken'' te worden. ,,Ik geloof dat de president mijn gelijk nu wel heeft bewezen'', zegt de hoogleraar, omringd door de tientallen studenten die met hem zijn afgereisd naar het hooggerechtshof in Lobatse in het snikhete zuiden van Botswana.

Zoveel opwinding heeft Botswana in jaren niet gehad. Ingeklemd tussen Zuid-Afrika, Namibië, en Zimbabwe geldt Botswana als een baken van rust en vrede sinds de onafhankelijkheid in 1966. De 1,8 miljoen inwoners van Botswana behoren tot de rijkste van het continent. De grond van Botswana is zwanger van diamanten. En in tegenstelling tot veel andere Afrikaanse regimes met grondstoffen in de achtertuin, spendeert de regering van Botswana de opbrengsten aan goede wegen, onderwijs, en bestrijding van de aids-epidemie.

Botswana doet ook serieus aan democratie. Al bijna veertig jaar houdt het land iedere vijf jaar verkiezingen die door waarnemers ,,bewonderenswaardig saai'' worden genoemd. In veertig procent van de landen in Afrika blijven presidenten langer dan tien jaar aan de macht, in dertig procent zelfs langer dan vijftien jaar. Maar in Botswana houden de presidenten het na twee termijnen voor gezien en maken ze plaats voor een opvolger.

Achter die façade van de democratische republiek schuilt een feodale staat, schrijft Kenneth Good in zijn omstreden essay Presidential Succession in Botswana, No Model for Africa. ,,Democratie in Botswana is gereduceerd tot elke vijf jaar vijf minuten stemmen. Dat is een uur democratie in een mensenleven.'' In een overvolle collegezaal presenteerde hij afgelopen woensdag zijn argumenten, daags na ontvangst van zijn uitzettingsbevel.

Een van de belangrijkste democratische principes die Botswana volgens Good ontbeert, is `tijdelijkheid van het leiderschap'. De Botswana Democratische Partij (BDP) regeert het land al veertig jaar zonder serieuze uitdaging. Macht en rijkdom zijn van elkaar afhankelijk geworden, meent Good. De lokale taal Tswana gebruikt voor die twee begrippen zelfs hetzelfde woord: kgosi.

De oppositie is hopeloos verdeeld. De verklaring die daar vaak voor wordt gegeven, is de homogene samenstelling van de bevolking. Behalve een kleine minderheid van Bosjesmannen hebben alle Botswanen dezelfde etnische achtergrond als de president: Tswana. Volgens Good misbruikt de regeringspartij echter staatsmiddelen om de oppositie de pas af te snijden. Tijdens campagnes zou de staatspers enkel aandacht schenken aan de toespraken van de regeringspartij. Ambtenaren krijgen leningen voor woekerprijzen.

Zijn grootste zorg is de onaantastbaarheid van de president, die in het Tswana ook wel `de Grote Leeuw' wordt genoemd. Net als de oude dorpshoofden op het platteland, duldt de president geen kritiek van zijn onderdanen. Hij ontslaat en benoemt ministers en kamerleden. Tot driemaal toe dreigde zittend president Festus Mogae het parlement te ontbinden als het zijn gedoodverfde opvolger Ian Khama niet zou accepteren als vice-president. Mogae moet in 2008 aftreden en wordt volgens de wet automatisch opgevolgd door de vice-president. Met de benoeming van Ian Khama in het kabinet, zoon van de eerste president van Botswana, bestaat een vijfde deel van de regering in Botswana uit ex-generaals.

Het omstreden essay van de Australische hoogleraar bevat weinig schokkende waarnemingen, erkent de woordvoerder van president Mogae, Dr. Jeff Ramsay. ,,Ik heb niets gelezen dat ik niet wist. Veel van zijn observaties lees ik al jaren in de kranten.'' Waarom Good dan toch moet worden gedeporteerd, wil hij niet zeggen. Dat mag niet van de advocaten.

Maar de hoofdredacteur van het eigenwijze weekblad The Botswana Guardian heeft wel een idee. ,,De regering heeft lange tenen gekregen sinds de verkiezingen van afgelopen oktober'', zegt Mike Mothibi. ,,Die verkiezingen werden voor het eerst maar net gewonnen door de regeringspartij [52 procent]. De professor brengt met autoriteit de zorgen naar voren die in heel Botswana leven. Dat leidt tot paniek.''

Mothibi ziet parallellen met het buurland Zimbabwe, waar volgende maand parlementsverkiezingen werden gehouden. ,,Ook Zimbabwe functioneerde redelijk goed, totdat er vijf jaar geleden ineens een serieuze oppositie opstond. Toen was het met de rust gedaan.''

Volgens Good heeft Botswana zijn internationale imago als Afrikaans wonder pas bewezen als de regeringspartij bereid is de macht af te staan. De eerste reflex van de president op zijn aanval is wat dat betreft niet veelbelovend. ,,Deze affaire heeft de president veel meer schade berokkend dan hij waarschijnlijk had gedacht'', zegt Good. ,,Hij dacht dat ik zou gaan rennen. Hij heeft zich vergist.''