Schiphol niet in verkoop

De directie van Schiphol heeft niet duidelijk kunnen maken waarom haar vliegveld deels of geheel aan particuliere beleggers moet worden verkocht. Nu is het vierde vliegveld van Europa voor driekwart van het rijk, bijna een kwart van de gemeente Amsterdam en voor twee procent van Rotterdam. Met verkoop zal veel geld worden verdiend door de directie zelf, en door financiële bemiddelaars. Met overnames, fusies en investeringen in het buitenland hopen deze partijen nog meer geld te verdienen en greep te krijgen op internationale vervoersstromen.

Maar wat leveren die internationale, financiële avonturen op voor Schiphol zelf en de omgeving? Overheidsgeld is goedkoper dan particulier kapitaal. En wat zal er veranderen als een grote Franse of Duitse luchthaven Schiphol bij verdergaande privatisering overneemt? Het gaat ook om de vraag of Schiphol zich op het dure marktsegment moet concentreren of goedkope maatschappijen moet toelaten die meer verkeer maar minder geld per vlucht opleveren. Omdat vliegtuigen de lucht meer vervuilen dan andere vervoersmiddelen is deze vraag belangrijk voor het milieu.

Privatisering van vliegvelden is niet vanzelfsprekend. Veel grote Amerikaanse vliegvelden, waaronder Kennedy Airport, zijn in publieke handen gebleven, ook al is in dat gebied meer concurrentie met andere vliegvelden dan in Nederland. Elke privatisering is weer anders, dus bij vergelijking met geprivatiseerde vliegvelden van Frankfurt en Zürich moet worden gelet op de kleine lettertjes en de informele overheidsinvloed.

De verkopende overheden krijgen bergen geld in handen (180 tot 240 miljoen voor de schatkist) maar zij gaan er financieel niet op vooruit omdat ze op termijn een belangrijke winstbron verliezen. Dat zou niet erg zijn, als Schiphol geen lokaal monopolie op schaarse grond was. Maar omdat de lokale bloemkwekers, passagiers, hotels en bedrijven, waaronder de KLM, niet naar een ander groot vliegveld in de buurt kunnen stappen, zal de overheid een deel van de invloed die zij door verkoop verliest door extra toezicht en regelgeving moeten terughalen. De ervaring met andere privatiseringen en verzelfstandigingen heeft geleerd dat die indirecte invloed bureaucratischer is dan de eigendom zelf. Vaak bleek het toezicht niet effectief. Advocatenkantoren varen er wel bij.

Het kabinet wil eerst een minderheidsbelang van 49 procent verkopen, maar sluit gehele privatisering niet uit. Gemengde eigendom met de overheid als machtigste partner is juridisch onvoorspelbaar en kan op problemen stuiten met de Europese Commissie, die over de vrije beleggginsmarkt waakt. De Europese Commissie heeft een procedure aangespannen tegen de `gouden' overheidsaandelen in TPG en KPN. De privatisering dreigt dan definitiever te worden dan voorzien. Dat de overheid de grond onder Schiphol in bezit houdt, doet daar niet aan af.

De scepsis van de KLM en van alle fracties in de Tweede Kamer op de VVD na is begrijpelijk. Wie ondanks alle bezwaren wil privatiseren, heeft een zware bewijslast waar niet aan is voldaan.