Minder koeien in Nederlandse wei

Het aantal boerenbedrijven met rundvee is de laatste twintig jaar meer dan gehalveerd in Nederland. In 1984 waren er nog bijna 80.000 bedrijven met runderen, vorig jaar was dat gedaald naar 38.000.

Dat heeft het Centraal Bureau voor de Statistiek vanochtend bekendgemaakt. Oorzaken voor de afname van het aantal boerenbedrijven met rundvee is vooral de invoering van de melkquotering in 1983 en de schaalvergroting in de agrarische sector.

Vooral het aantal melkkoeien is de afgelopen twintig jaar gedaald. In 1984 waren er in Nederland nog 2,6 miljoen melkkoeien, vorig jaar was dat afgenomen tot 1,5 miljoen stuks. Het jongvee daalde van 2 naar 1,2 miljoen stuks. De enige categorie die nog groeide, waren de vleeskalveren. Het aantal kalveren steeg licht van ongeveer 650.000 in 1984 naar 750.000 afgelopen jaar.

Om inkomens op peil te houden is de schaalgrootte in de rundveesector in deze periode toegenomen. Twintig jaar geleden had een gemiddeld boerenbedrijf nog 69 runderen, vorig jaar was dat bijna 100. In 1984 waren er nog 38.000 bedrijven die minder dan 50 runderen hielden. Vorig jaar waren er daarvan 14.000 over.

Economisch instituut LEI verwacht dat deze trend doorzet. Dat komt onder meer door het terugdraaien van landbouwsubsidies in de komende jaren door Brussel en de prijzenoorlog in de supermarkten die de prijs van melk drukt.

LEI maakte in december bekend dat het gemiddelde inkomen van melkveehouders vorig jaar met 1.000 euro naar 36.000 euro steeg. Dat was vooral te danken aan een Europese premie.