Werkloze immigranten

Toen Nederland economisch bloeide, zuchtten en kreunden de instanties en bewoners van arme wijken om de hoge immigratie te verwerken. Maar nu het slecht gaat, is Nederland een minder favoriete bestemming. Daarbij komt dat door strengere wetgeving huwelijksimmigratie en asielaanvragen worden afgeremd. De relatieve bevolkingsgroei van 2004 is sinds 1920 niet zo gering geweest, meldde het CBS deze week. Voor het eerst is er een emigratieoverschot (emigratie min immigratie) van 23.000 personen. Terwijl de immigratie in alle categorieën afneemt, is er een uittocht van inwoners.

Deze pauze is welkom. Nu er minder mensen binnenkomen, is er gelegenheid het grote contingent nieuwkomers uit de jaren negentig te integreren. Nog altijd is door geboorte en immigratie het aantal niet-westerse allochtonen gestegen tot 1,69 miljoen. Dat is meer dan 10 procent van de totale bevolking van 16,3 miljoen. Deze cijfers misleiden omdat veel allochtonen van de eerste en tweede generatie het etiket `niet-westers' niet meer verdienen en westers zijn geworden. Een groot aantal immigranten zal binnen een jaar of twintig niet meer van andere Nederlanders zijn te onderscheiden. Het kabinet doet er alles aan dit te bevorderen.

Toch blijft de hoge uitkeringsafhankelijkheid onder niet-westerse allochtonen een ernstig probleem, dat het hart van de verzorgingsstaat raakt. Bijna een kwart van de niet-westerse allochtonen krijgt een uitkering en de groeiende werkloosheid treft vooral hen. Slechts 48 procent van de Turkse en 42 procent van de Marokkaanse beroepsbevolking werkt, versus ruim tweederde van de autochtonen. Immigratie compenseert dus niet de arbeidsuitval door vergrijzing van de bevolking. Ondanks de hoge werkloosheid komen er nog steeds veel legale en illegale arbeidskrachten uit Polen, Oost-Europa en zelfs de Filippijnen.

De voornaamste categorieën immigranten komen niet in de eerste plaats voor werk, maar voor gezinshereniging, gezinsvorming en asiel. Krachtens internationale verdragen hebben ze daar recht op. Slechte scholing, soms zelfs analfabetisme, het gemak van een uitkering, gettovorming en discriminatie spelen een rol in hun werkloosheid. Met verworven rechten is de Nederlandse arbeidsmarkt afgeschermd van nieuwkomers. Grote aantallen Somaliërs zijn doorgetrokken naar Groot-Brittannië omdat ze daar wel een baan konden krijgen, vaak als kleine ondernemers.

De bijdragen van allochtonen zijn hard nodig. Juist in de sterk groeiende categorie niet-westerse allochtonen is de werkloosheid ontwrichtend. Nu al zijn grote groepen jongeren uit immigrantengezinnen vervreemd van de samenleving. Het vmbo moet sneller verbeterd worden. Ook discriminatie bij sollicitaties moet krachtiger worden bestreden. Als er geen ongeschoold werk is, kan het met hulp van de overheid worden gecreëerd in afwachting van betere tijden. Er hoeft geen scholings- en integratieprogramma aan vooraf te gaan. Een baan is het beste integratie-programma.