Donner blijft bij meldingsplicht

Het kabinet houdt vast aan plannen om personen, van wie het vermoeden bestaat dat ze terroristische aanslagen beramen, zich periodiek te laten melden op een politiebureau. Coalitiepartij D66 vindt dit voorstel veel te ver gaan en zal zich hiertegen verzetten als de Kamer woensdag debatteert over scherpere maatregelen tegen terreur.

Het kabinet blijft erbij dat het niet nodig is wettig en overtuigend bewijs te leveren om de meldingsplicht op te leggen. Het niet nakomen van de meldingsplicht moet volgens het kabinet strafbaar worden gesteld. Hetzelfde geldt voor het verheerlijken of goedpraten van ernstige terroristische daden.

Minister Donner (Justitie, CDA) schrijft dit in antwoord op vragen uit de Tweede Kamer. Donner kondigt aan dat het kabinet binnen een half jaar een wetsvoorstel met deze strekking naar de Tweede Kamer zal sturen.

Volgens fractievoorzitter Dittrich van D66 gaan meldingsplicht en het verbod op verheerlijking van geweld te ver. Hij ziet het nut niet van een meldingsplicht en vindt dat verheerlijken van geweld bestreden moet worden met kracht van argumenten. ,,We hebben het instrument van de vrijheid van meningsuiting om daarmee om te gaan. Wat het kabinet nu wil is geen effectieve strategie.''

CDA-fractievoorzitter Verhagen noemt het verzet van Dittrich een ,,verbazingwekkend signaal'', aldus zijn woordvoerster. Verhagen vraag zich af of Dittrich wel weet in welk tijdsgewricht hij leeft. ,,Na de moord op Van Gogh weet iedereen dat er niet alleen mensen zijn die terreurdaden van plan zijn, maar die ook uitvoeren.'' VVD-fractievoorzitter Van Aartsen wilde niet op het verzet van D66 reageren.

Enkele verdachten van terreurdaden, de zogenoemde Hofstadgroep, stonden vandaag terecht bij de rechtbank in Rotterdam. Het openbaar ministerie zei ervan overtuigd te zijn dat met de aanhouding van de vermoedelijke leden ervan aanslagen in Nederland zijn verijdeld.

De politie heeft in de eerste drie weken na de moord op cineast Theo van Gogh op 2 november vorig jaar ruim 800 incidenten geregistreerd die verband hielden met die moord, zo blijkt uit een andere brief van Donner.