Het nieuws van 6 februari 2005

Keuze voor gezondheidszorg is anders dan keuze voor jam 3

Twee punten uit het artikel van Schwartz vragen om repliek. Ten eerste lijkt uit het door hem beschreven onderzoek naar voren te komen dat boven een bepaalde grens meer keuzevrijheid contraproductief werkt. Echter, de conclusie dat daarmee keuzevrijheid een grens heeft lijkt mij niet gerechtvaardigd. Je kunt ook zeggen: hoe komt het nu dat keuzes op een bepaald moment moeilijker worden en proberen om keuzes bij grote aantallen beter hanteerbaar te maken. De jampotjes uit het voorbeeld van Schwartz verkochten beter bij 6 geëtaleerde exemplaren dan bij 24, maar misschien dat die 24 beter zouden zijn verkocht als die op een bepaalde manier geordend waren, zodat het voor degene die de keuze moet maken niet als `veel' overkomt. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor de ziektekosten-verzekeringen, waarbij wij nu enorme keuzevrijheid hebben, terwijl in de praktijk die keuze door persoonlijke omstandigheden binnen bepaalde structuren verloopt en (beter) hanteerbaar wordt.

Ten tweede, voert Schwartz aan dat het onderzoek naar keuzevrijheid in de politiek voert tot nivellering van inkomens, omdat een extra dollar in de zak van een miljonair minder nut oplevert dan dezelfde extra dollar in de zak van een arme. Dat laatste zal zeker het geval zijn, maar rechtvaardigt daarmee nog niet het wegnemen van die dollar.

De redenering van Schwartz volgend zou je ook kunnen zeggen dat je moet zorgen dat die extra dollar van de miljonair, blijkbaar relatief minder nuttig, zo wordt aangewend dat die wel voor anderen nut oplevert, bijvoorbeeld door het te investeren op een bepaalde manier. In ieder geval is het onderzoek van Schwartz onvoldoende reden om voor nivellering te pleiten, aangezien het argumenten tegen nivellering uit ander perspectief over het hoofd ziet.

Keuze voor gezondheidszorg is anders dan keuze voor jam 2

Te veel keus maakt de mensen ongelukkig. De commercie kan met dat inzicht zijn voordeel doen maar de staat zou om deze reden goederen en diensten waar nu alle burgers baat bij hebben niet moeten `vermarkten' stelt Berry Schwartz. Jammer genoeg biedt hij bij dat laatste de staat de mogelijkheid om hem minder welgevallige keuzes uit te sluiten. Neem bijvoorbeeld het onderwijs. Het heet dat wij vrijheid van schoolkeuze hebben. Maar als je b.v. als ouder om eruditie geeft en je je kinderen naar een kleine school met een intellectuele ambiance wenst te sturen wil de overheid je een grote school opleggen waar leren leren belangrijker is dan iets weten en waar trainen in praktische vaardigheden en het leren omgaan met allerlei slag mensen de hoofdmoot van het curriculum vormen. Zo'n misstand mag niet blijven bestaan onder het mom dat kiezen voor de meeste ouders of hun kinderen veel te moeilijk is. Of neem wonen. Als je inkomen laag is moet je, ook als je niet auto of brommer rijdt, in een voor gemotoriseerd verkeer toegankelijke buurt wonen met weinig bescherming tegen geluidhinder en hooguit een klein tuintje bij je woning. Je mag je niet onttrekken aan de voorzieningen die de gemeente belangrijk vindt. Je hebt dus geen echte woonkeuze. Aan iedereen worden dezelfde woon- transport- en geluidsnormen opgelegd en een quid pro quo, een ruilvermarkting, is niet mogelijk. Laat Balkenende maar zeggen dat hij ons welzijn wil vergroten door ons meer keuzes te bieden. De burgers kunnen hem er dan op wijzen dat hij daarbij niet selectief mag zijn.

Containers, opslagtanks en de groei van de economie 2

Niet alleen minister Peijs of het Rotterdamse Havenbedrijf heeft grote moeite met de uitspraak van de Raad van State over de Tweede Maasvlakte. Ook oud-directeur van Natuurmonumenten Frans Evers spreekt over juridische spitsvondigheden en is zich `rotgeschrokken' (NRC Handelsblad, 31 januari). Het is jammer dat hij niet blij is voor de natuur. Blijkbaar is ook hij besmet met de politieke cultuur waarin grote projecten kritiekloos worden doorgeduwd. Het convenant, waar Evers zich achter schaarde, was destijds omstreden. Immers, er werd een enorme ingreep gepleegd in drie van de belangrijkste natuurgebieden van Nederland: Noordzee, Waddenzee en Voornes Duin. Critici, waaronder GroenLinks, wezen steeds op de gebrekkige aandacht voor de natuurbelangen. Het kabinet en de grote partijen waren jarenlang blind voor de bezwaren, die de Raad van State nu bevestigt. Het is goed dat de wet en regelgeving die is gemaakt om natuur te beschermen zijn werk doet. De Raad van State houdt de politiek aan haar eigen afspraken. Minister Peijs en haar voorgangers hebben hun huiswerk slecht gemaakt. Dat past in de politieke cultuur van het eenzijdig doordrukken van mega-projecten. Een dubieuze praktijk waar de commissie Duivesteijn de vinger op legde.

De Tweede Maasvlakte verdient daarom geen doorstart. We moeten niet meegaan in de roep van minister Peijs en de VVD om de milieunormen te versoepelen, nu ze gaan knellen. We kunnen onze energie beter steken in betere plannen om de economie te versterken, zonder grootschalige aantasting van de natuur. Dat zou ook een les moeten zijn voor Evers.