Zeker 14 doden bij onlusten in oosten Soedan

Bij onlusten in de noordoostelijke Soedanese stad Port Sudan zijn in het weekeinde ten minste 14 mensen om het leven gekomen.

Volgens de Verenigde Naties opende de politie zaterdag het vuur op vreedzame demonstranten van een oppositiepartij. De Soedanese overheid meldt dat de betogers plunderden.

In Noordoost-Soedan roeren zich sinds enkele jaren de Beja, een van oorsprong nomadische bevolkingsgroep die strijdt tegen marginalisering van de regio. Vorige week presenteerde oppositiepartij het Beja Congres een petitie bij de overheid in Port Sudan waarin ze een eerlijker aandeel in de macht eiste. Afgesproken werd om zaterdag hierover verder te praten, maar toen braken de rellen uit.

,,Met scherp schieten en mensen doden als ze vreedzaam demonstreren is niet de juiste wijze om dit soort incidenten op te lossen, zeker nu de situatie in geheel Soedan zo gespannen is'', kritiseerde gisteren VN-woordvoerder Radhia Achouri het optreden van de autoriteiten in Port Sudan.

Volgens ooggetuigen drongen politieagenten huizen binnen en wierpen ze handgranaten naar bewoners. Volgens een woordvoerder van het Beja Congres werden 23 demonstranten gedood, raakten er honderd gewond en arresteerde de politie talrijke betogers. Het Beja Congres, dat ook een gewapende afdeling heeft, voerde naar eigen zeggen rond de stad Kassala in het weekeinde militaire acties uit.

Het geweld in het oosten laaide op, terwijl het westelijke Darfur opnieuw hoog op de internationale agenda staat. Afrikaanse staatshoofden, bijeen op een top van de Afrikaanse Unie (AU) in het Nigeriaanse Abuja, hekelden gisteren een bombardement door de Soedanese luchtmacht op een dorp in Darfur, waarbij meer dan honderd burgers omkwamen. De AU-waarnemers in Darfur mochten van de Soedanese regering geen onderzoek instellen naar het bombardement.

VN-secretaris-generaal Kofi Annan zei in Abuja over Darfur: ,,Er hebben grove schendingen van mensenrechten plaats. Dit kan niet doorgaan, er zal actie moeten worden ondernomen.''