Hoge hoven met botsende ego's

De Europese hoven van justitie in Luxemburg en in Straatsburg komen steeds meer in elkaars vaarwater. Voor de burger levert het meer rompslomp dan rechtsbescherming op.

De rechter in Dublin confisqueerde enkele jaren geleden een vliegtuig van Joegoslavische herkomst, dat was gehuurd door de Turkse maatschappij Bosphorus. De inbeslagneming gebeurde op gezag van het Europese Hof van Justitie in Luxemburg, als onderdeel van de EU-sancties tegen ex-Joegoslavië. De Turkse maatschappij liet het er niet bij zitten en ging naar een ander Europees Hof, dat voor de mensenrechten in Straatsburg. De Turken vonden de confisquatie een ongeoorloofde inbreuk op hun rechten. De speciale `grote kamer' van het Straatsburgse hof heeft de klacht inmiddels in behandeling genomen en doet binnenkort uitspraak.

Het is maar een van de vele voorbeelden hoe twee Europese gerechtshoven steeds meer in elkaars vaarwater terechtkomen. De juridische eenwording van Europa is namelijk `a tale of two cities'. In Luxemburg zetelt het Hof van Justitie van de Europese Unie. Straatsburg is de zetel van het Europees Hof voor de mensenrechten. Achter het Hof van Luxemburg zit de economische macht van de EU. Het Hof van Straatsburg is opgericht door de Raad van Europa, die zich concentreert op de rechtstaat en democratie. De Raad van Europa heeft wel meer leden dan de EU: 46, waaronder de 25 lidstaten van de EU én Turkije - dat zich nu opmaakt voor toetreding.

Ondanks het verschil in startpositie worden de twee hoven steeds meer elkaars concurrenten, zeker nu de Europese Unie een Handvest voor de mensenrechten heeft opgesteld. Dat is minder verplichtend dan het Europees verdrag voor de mensenrechten van Straatsburg. Wel is het de bedoeling dat Luxemburg zijn mensenrechtenbeleid afstemt op Straatsburg. En volgens de nieuwe EU-grondwet moet de Unie zelfs en bloc toetreden tot het Straatsburgse verdrag.

Toch blijven Luxemburg en Straatsburg twee hoge hoven met eigen ego's. Het leidt tot dubbele processen, dubbel werk voor de toch al zwaarbelaste gerechtshoven en vooral: een dubbele belasting voor betrokken burgers, die de rompslomp van een dubbele rechtsgang op zich af zien komen.

De advocaat-generaal bij de Hoge raad, L.A.D. Keus, verzuchtte onlangs dat de nationale rechter in een concrete zaak nog aardig klem kan komen te zitten tussen deze twee zwaargewichten. Beide hoven hebben al eens te maken gehad met de vraag of vrouwen in Ierland advies mochten krijgen over abortus, daar streng verboden. Het Hof in Luxemburg koos de neutrale invalshoek van de dienstverlening, terwijl Straatsburg het principe van de informatievrijheid centraal stelde. Luxemburg kwam er makkelijk vanaf doordat de abortusadviezen gratis waren. Daardoor vielen ze buiten het EU-recht dat over betaalde dienstverlening gaat. Zo kon Straatsburg voorgaan, en daarmee de informatievrijheid voor de Ierse vrouwen.

De uitdijende EU maakt de risico's op juridische concurrentie nog groter. Zo maakt de Unie op basis van de nieuwe Grondwet zich op om doping in de sport en voetvalvandalisme aan te pakken. Dat zijn twee kwesties waarin de Raad van Europa nu net het voortouw heeft genomen. Luxemburg en Straatsburg komen elkaar ook tegen op het gebied van het naamrecht, een teer punt bij steeds meer grensoverschrijdende huwelijken. Luxemburg geldt hier overigens als progressiever dan Straatsburg.

Op zijn beurt heeft Straatsburg al een waarschuwingsschot afgegeven dat het toch echt het laatste woord heeft. In 1999 wees het een klacht toe van een inwoner van Gibraltar, twistappel tussen de EU-leden Spanje en Groot-Britannië, over het niet kunnen deelnemen aan de verkiezingen voor het Europees Parlement – ook al zou men zeggen dat deze toch bij uitstek een zaak van de EU zijn. De lidstaten blijven echter ook voor EU-besluiten individueel aanspreekbaar in Straatsburg, aldus het Hof.

Zo kan de nationale rechter dubbel in de vuurlinie komen, aldus advocaat-generaal Keus. Ter illustratie noemde hij de zaak-Dangeville. Daarin had de Franse rechter geweigerd een EU-richtlijn voor de teruggave van teveel betaalde BTW toe te passen. Straatsburg keurde dit af, ook al ging het om een EU-regeling. Een sterk voorbeeld van Straatsburgse bemoeizucht is dit echter niet, want de Franse rechter had de uitspraak zelf mede uitgelokt door op dezelfde dag dat hij de vordering van Dangeville afwees een andere, vergelijkbare vordering wél toe te wijzen. Over dit soort gehannes zullen Luxemburg en Straatsburg wat minder snel van mening verschillen.

    • F.Kuitenbrouwer