`Onder Saddam was het leven beter'

De islam is in opmars in het vroeger seculiere Irak en de circa een miljoen christenen bevinden zich in de frontlinies. Veel christenen pakken hun koffers.

Twee jaar geleden was Suran Petrus de chef-kok van Saddam Hussein in de Iraakse hoofdstad Bagdad. Jarenlang werkte de 39-jarige christen in de keuken van het presidentiële paleis aan de oevers van de Tigris. Niemand vroeg Petrus naar zijn geloof, want onder het bewind van de voormalige Iraakse dictator was iedereen Irakees en daarna pas shi'iet, sunniet, christen en Koerd. ,,Maar na de oorlog ging het helemaal mis en werd iedereen iets anders'', zegt Petrus.

Op 10 april 2003, één dag nadat de Amerikanen het centrale plein van de Iraakse hoofdstad hadden ingenomen, pakte Petrus zijn spullen. Met vrouw en dochter stapte hij in de auto naar Noord-Irak, waar traditioneel veel Iraakse christenen wonen, de meesten lid van de chaldese (met Rome verbonden) kerk. Nu heeft Petrus er een restaurant dat `Goede Tijden' heet. Het is de hipste restaurant van heel Arbil, ligt in de christelijke wijk en zit iedere avond vol met jonge mensen.

,,Het was de beste beslissing van mijn leven. De christenen die nu pas vluchten, moeten nog beginnen met het opbouwen van een nieuw bestaan'', zegt Petrus.

De restauranthouder had inderdaad een vooruitziende blik. De islam is in opmars in het vroeger seculiere Irak en de circa een miljoen Iraakse christenen bevinden zich in de frontlinies. Talrijke drankzaken van christenen in Bagdad zijn opgeblazen, christelijke vrouwen in Mosul worden bedreigd omdat ze geen hoofddoek dragen, in augustus werden er aanslagen gepleegd op vijf kerken in de Iraakse hoofdstad en in december op enkele kerken in Mosul.

Duizenden christenen hebben het land ondertussen verlaten en nog een veel groter aantal is bezig de koffers te pakken. De exodus kent vele richtingen. Veel christenen reizen af naar buurland Syrië waar veel geloofsgenoten wonen, de gelukkigen bemachtigen een visum voor Europa, maar voor degenen zonder geld is er maar een veilige haven in het eigen land: de bemodderde grond van Noord-Irak.

De 16-jarige David Gargiz ontvangt zijn gasten met uigestrekte hand bij de poort van hun gehuurde huis. Niet alleen als begroeting, maar ook om ze over de enorme plas modder voor de ingang heen te helpen. Van miljoenenstad Bagdad naar Koerdisch Arbil, dat is een hele verandering, vindt hij. Toen de familie hier net aankwam, vlak voor de aanslagen op de kerkgebouwen in Bagdad, belde hij nog iedere dag met zijn vrienden. ,,Maar nu de telefoonlijnen daar niet meer werken, spreek ik ze niet meer.''

Zijn moeder Vivian vindt de verandering ook moeilijk. Ze spreekt alleen Arabisch terwijl de mensen in het noorden voornamelijk Koerdisch spreken. In Arbil, en dan met name in de christelijke wijk Ainkawa, kan ze tenminste zonder angst naar de kerk. ,,In Bagdad worden we gezien als handlangers van de Amerikanen omdat we hetzelfde geloof hebben als zij, maar onder Saddam Hussein was ons leven veel beter'', zegt ze stellig. Aan de muur hangt een grote klok met een afbeelding van een biddende jezus.

De man van wie de familie Gargiz hun huis in Bagdad huurde, veranderde na de Amerikaanse invasie in een fanatieke moslimextremist en gaf ze afgelopen zomer twee maanden om de te vertrekken. ,,Anders zou hij ons vermoorden. Christenen horen niet thuis in het nieuwe Irak, zei hij tegen ons.'' Dus huurden ze een aanhangwagen, pakten hun spullen en stapten in de auto naar Noord-Irak. ,,We hebben niets meer in Bagdad'', zegt moeder Vivian. ,,Ons leven is nu hier.''

De nieuwe chaldese bisschop van Ainkawa, monsigneur Rabban Al-Qas, is moe van al deze nare verhalen. Het liefst zou hij zien dat iedereen in Irak in vrede met elkaar zou samenleven. ,,Ik wil geen lijfwachten, geen wapens, ik wil gaan en staan waar ik wil'', zegt hij. Dus gaat hij nog steeds alleen over straat. Toch loopt ook hij gevaar. Zijn collega in Mosul, de aartsbischop, werd vorige week twee dagen ontvoerd door onbekenden. Hij kwam uiteindelijk vrij, maar voor de Iraakse christenen is het het zoveelste incident in een lange rij.

,,Ik schat dat er de afgelopen maand twintig families zijn aangekomen in Ainkawa'', zegt de bisschop na enig aandringen. De meeste vluchtelingen komen uit Kirkuk, Mosul en Bagdad, zo weet hij. Familie van zijn voorganger die begin januari een natuurijke dood stierf, stond gisteren opeens met een vrachtwagen vol spullen voor de deur. ,,Ik heb hen geholpen een nieuw huis te vinden'', zegt Al-Qas.

In 1916 werden veel christenen in Noord-Irak afgeslacht door de Koerden in het gebied. ,,Daarna vluchtten veel mensen naar het zuiden van het land. Maar nu keren ze hier weer terug: het noorden is nu een oase van tolerantie geworden'', vindt de bisschop.

Daar is de familie Gargiz het mee eens. In regio waar afkomst nog telt, werd de christenen geen strobreed in de weg gelegd. ,,Mijn dochter Cathrine (12) kan gewoon met haar eigen spijkerbroek en in t-shirt over straat. De toestemming om hier te komen wonen kwam snel'', zegt Vivian Gargiz terwijl ze van haar koffie nipt. ,,Ik heb het aan iedereen in mijn kerk in Bagdad vertelt, en nu pakken ze allemaal hun spullen.''