Bush pendelt tussen droom en daad

President Bush houdt vast aan zijn droom van vrijheid in de wereld. Hij lijkt zich nu pas te realiseren dat dit vragen oproept.

Een week geleden stond hij op een podium voor het Capitool, legde zijn hand op de bijbel en zwoer dat hij de wereld vrijheid zou brengen. Zaterdag legde zijn vader uit dat men te veel in die inaugurele toespraak las. Gisteren verscheen de Amerikaanse president George Bush zelf voor de Witte Huis-pers en hield vast aan zijn droom, op de dodelijkste dag van het conflict in Irak.

Het verschil was treffend. Vorige week donderdag: de zelfverzekerde, gerijpte president die in een krachtige, godvruchtig getoonzette redevoering de meest ambitieuze buitenlandse politiek formuleerde waar een Amerikaanse president zijn volk aan heeft gebonden. Gisteren: de machtigste man op aarde, die volhoudt maar veel vragen die de afgelopen dagen overal werden gesteld, opzichtig omzeilt.

Bush heeft in zijn eerste termijn minder ontmoetingen met de pers gehad dan de presidenten die hem voorgingen. Ook nu was hij weinig op zijn gemak in het tot perszaaltje omgebouwde voormalige zwembad van het Witte Huis. Hij blijft highly scripted, zoals dat hier heet. Hij houdt zich aan de van te voren afgesproken teksten. En wetend dat zijn vaste begeleiders van de pers defensie-industrie zinnen uit hun hoofd kennen, verontschuldigt hij zich er zelfs voor.

Maar dan komt een vraag over de kandidaat-minister van Justitie: ,,Rechter Gonzales heeft in zijn getuigenis voor de Senaat nogal wat mensen verontrust door te zeggen dat wrede, onmenselijke en vernederende behandeling van sommige gevangenen niet met zo veel woorden is verboden, zo lang de verhoren maar door de CIA worden uitgevoerd en in het buitenland. Bent u het eens met die maas in de wet?''

Bush: ,,Alberto Gonzales weerspiegelt onze politiek, dat wil zeggen: wij staan marteling niet toe. Hij zal een uitstekende minister van Justitie zijn. Ik doe een beroep op de Senaat zijn benoeming goed te keuren.'' Later gaf hij een gelijksoortig antwoord op een kritische vraag over Condoleezza Rice, wier benoeming als minister van Buitenlandse Zaken gisteren door de Senaat werd goedgekeurd.

In zijn inleiding riep de president het Iraakse volk op te gaan stemmen. Hij prees hun moed en hun liefde voor vaderland en vrijheid. ,,Vrijheid heeft in de wereld dodelijke vijanden. Maar vrijheid heeft ook een groot en groeiend momentum in de hele wereld''. De president zei niets over het helikopterongeluk waarbij 31 Amerikaanse militairen in de woestijn het leven hadden gelaten, anders dan dat ieder sterfgeval wordt betreurd.

Zijn inauguratie-toespraak vatte de politiek van de afgelopen vier jaar, zei Bush. Het roer ging niet om, maar hij had wel een pittig nieuw doel gesteld. ,,Ik meen dat dit land op zijn best is wanneer het mikt op een ideale wereld.'' Het leek of de president wilde vasthouden aan de strekking van zijn idealistische toespraak van vorige week, maar tegelijk de verwachting dat hij overal het leger op zou afsturen wilde temperen.

Op de vraag of hij nu ook landen als China, Rusland en Saoedie-Arabië versneld aan democratie wilde helpen, terwijl die landen een belangrijke rol voor de VS vervullen, zei Bush: ,,Buitenlands beleid is geen of/of-propositie.'' Waarna hij (in niet altijd vloeiende zinnen) stelde dat een land als de VS de hulp van bijvoorbeeld de Chinezen inzake Noord-Korea kan inroepen en Peking tegelijk kan herinneren aan de noodzaak tot godsdienstvrijheid voor de katholieke kerk en de Tibetaanse geestelijk leider Dalai Lama.

De Russische president Poetin had hij ook aangesproken over bepaalde beslissingen. Dat zou hij blijven doen. ,,Ik zal hem er aan herinneren dat als hij van plan is naar het westen te blijven kijken, dat wij in het Westen geloven in westerse waarden. Weet u, democratie is een proces. Je zal vooruitgang zien op weg naar een doel.''

De ogen van George W. Bush stonden op verschillende momenten onzekerder dan een week geleden. Het leek of de vragen van journalisten, die hij oudergewoonte tutoyeerde en op de hak nam, nu pas tot hem lieten doordringen hoe veel vragen in eigen land en de wereld zijn gesteld over de afstand tussen droom en redelijkerwijs doenlijke daden.

Maar tegen het eind van zijn kort te voren aangekondigde optreden kreeg president Bush zijn ideaal weer te pakken. ,,Ik heb de vlag van de vrijheid stevig geplant. Iedereen kan zien dat de Verenigde Staten hun zorgen deelt en hun aspiratie steunt. De uitdaging roept. Ik ben vereerd dat ik dit land kan leiden, onderweg naar dit nobel doel: mensen bevrijden in naam van de vrede.''

    • Marc Chavannes