Geweld duurt voort in rest van Irak

In een sfeer van onophoudelijk geweld in Irak in de aanloop naar de verkiezingen van 30 januari werden vandaag zeven mensen gedood bij een bomaanslag in Riad, een onrustige stad op enkele tientallen kilometers ten zuiden van de noordelijke oliestad Kirkuk. Onder de doden waren vijf politiemannen.

Het Amerikaanse leger maakte vanochtend bekend dat een transporthelikopter van de mariniers de voorgaande avond bij de Jordaanse grens was neergestort. Het leger meldde dat het toestel troepen vervoerde, maar niet wat de oorzaak van het neerstorten was en of er slachtoffers waren gevallen.

Her en der in het land bestookten rebellen vandaag weer scholen die zondag als stembureau gaan dienen, kantoren van politieke partijen en Iraakse en Amerikaanse troepen. In de stad Tikrit vielen een dode toen een bom ontplofte in het centrum van de stad. Hier werden ook vier Amerikaanse militairen bij een aanslag gewond. Op de weg tussen de internationale luchthaven en Bagdad werd een Amerikaanse konvooi doelwit van een aanslag. Of hierbij slachtoffers zijn gevallen werd niet meteen bekend. In verschillende delen van Bagdad werden daarnaast in totaal zes bommen onschadelijk gemaakt door Amerikaanse troepen.

Rebellen gaven gisteren een video vrij waarop een Amerikaanse gijzelaar voor zijn leven pleit. De onbekende ontvoerders stelden geen eisen. Hun slachtoffer, Roy Hallums (56) verklaarde op de band door ,,een verzetsgroep'' te zijn ontvoerd omdat ,,ik met de Amerikaanse troepen heb gewerkt''. Hallums werd 1 november samen met vijf collega's ontvoerd uit hun woning in Bagdad, en dit was het eerste teken dat hij nog leefde. Vier van de collega's zijn sindsdien vrijgelaten, op een Filippino na. Deze werd niet op de video getoond. De mannen werkten voor een Saoedisch bedrijf dat voedsel levert aan het Iraakse leger.

Een andere, in Mosul vrijgegeven video toonde drie kennelijk gevangen Irakezen die zeiden voor de verkiezingscommissie te werken. Hun gemaskerde ontvoerders meldden strijders uit de provincie Niniveh (waarin Mosul ligt) te zijn en alle verkiezingscentra te blijven aanvallen. Verkiezingen, zo verklaarden zij, hebben immers geen basis in de islam.