Frankrijks tekort nu onder de EU-norm

Het Franse begrotingstekort is vorig jaar fors afgenomen door veel grotere belastinginkomsten dan verwacht. Het tekort komt daarmee voor het eerst sinds 2002 lager uit dan de Europese begrotingsnorm. Dit heeft het Franse ministerie van Financiën gisteren bekendgemaakt.

De vermindering van het tekort bedraagt in 2004 0,7 procentpunt. Toch handhaaft de Franse minister Copé van Financiën het voorziene begrotingstekort van 3,6 procent van het bruto nationaal product (bnp) tot aan de officiële overdracht van de cijfers aan Brussel. Dat biedt de Fransen extra manoeuvreerruimte voor volgend jaar. Volgens afspraak met de Europese Commissie zou Frankijk het tekort in 2005 tot maximaal 3 procent terugbrengen.

Het gaat in totaal om 9,2 miljard euro aan extra inkomsten, die vooral terug te voeren zijn op BTW-heffing en vennootschapsbelasting. Door de meevaller daalt het begrotingstekort met 13 miljard euro, volgens de minister ,,de spectaculairste afname van een tekort die ooit geregistreerd werd''. Het tekort slinkt daardoor van 56,9 miljard euro – een absoluut Franse record – tot 43,9 miljard. In de begroting van 2004 werd rekening gehouden met een tekort van 55 miljard euro.

De meevaller is politiek van belang, omdat president Jacques Chirac in 2002 heeft beloofd de belastingdruk te verlichten met 30 procent over vijf jaar. Rond de 10 procent is verwezenlijkt. De socialistische oppositie heeft de maatregel die de economie moet stimuleren altijd zwaar bekritiseerd.

De opbrengsten uit vennootschapsbelasting zijn het meest gestegen, met 4,55 miljard euro meer dan voorzien. Die stijging valt samen met ook gisteren bekendgemaakte cijfers over het aantal nieuwe ondernemingen. Daarvan zijn er vorig jaar 225.000 bijgekomen, een stijging van 13 procent. Het gaat vooral om de onroerendgoedsector, de bouw, informatica en particuliere dienstverlening. De nieuwe ondernemingen scheppen in de eerste drie jaar van hun bestaan gemiddeld 2,7 arbeidsplaatsen. De cijfers worden gezien als een teken van gunstige economische ontwikkelingen. Een bijkomend gunstig teken is dat bedrijven niet, zoals vaak wordt aangenomen, na vijf jaar zijn opgehouden te bestaan. Ze blijken veelal voortgezet te worden in een andere vorm en onder een andere naam.