`David is dood en ik stond aan zijn graf'

,,Weggaan kun je beschrijven als een soort van blijven. Niemand wacht want je bent er nog. Niemand neemt afscheid want je gaat niet weg.''

Het zijn enkele regels uit het gedicht Weggaan, dat Rutger Kopland gisteren voorlas bij de herdenking van de Nederlandse slachtoffers van de tsunami in Azië. Gisteren kwamen 300 getroffenen bijeen in de Ridderzaal. Zij waren op Tweede Kerstdag zelf in het rampgebied of hebben er dierbaren verloren.

De herdenking vond plaats in aanwezigheid van koningin Beatrix, kroonprins Willem-Alexander en prinses Máxima, prinses Margriet en Pieter van Vollenhoven, en leden van het kabinet. Ook waren de ambassadeurs van de getroffen landen en vertegenwoordigers van hulporganisaties aanwezig.

Bert Rutgers, vader van de in Thailand omgekomen David Rutgers, sprak: ,,Sinds die dag is alles veranderd, plotseling, en niets is meer vanzelfsprekend. Heel mijn leven, mijn horen, mijn zien, mijn spreken en mijn zwijgen, mijn dag en mijn nacht, staan in het teken van dit onverbiddelijke gegeven: er wordt geen teken van leven meer vernomen van David die mij lief is. [...] David is dood en hij is begraven op 13 januari, 33 jaar oud, en ik, 67 jaar, stond bij zíjn graf.''

Premier Balkenende stond stil bij het leed van diegenen die naasten zijn verloren, of nog niet weten of hun naasten bij de ramp zijn omgekomen. ,,U heeft soms weken doorgebracht tussen hoop en vrees, tot zekerheid werd gegeven over het lot van uw partner, uw kind, familielid of vriend. Anderen in ons midden verkeren nog steeds in die slopende onzekerheid.''

Gisteren werd bekend dat het Rampen Identificatie Team een twaalfde Nederlandse slachtoffer heeft geïdentificeerd. Nog dertig mensen worden vermist.