Van cowboy tot groot kampioen

De WK sprint in Salt Lake City zaten voor de Nederlandse mannen vol drama. Zaterdag werd Gerard van Velde na een val per brancard afgevoerd en was Erben Wennemars flink van slag. Gisteren prolongeerde Wennemars op overtuigende wijze zijn wereldtitel.

De ziekenauto voor Gerard van Velde moest zaterdag buiten wachten. De gewonde Nederlander werd per brancard de ijshal uitgedragen en vervolgens ter observatie naar een ziekenhuis gereden. De praalwagen voor Erben Wennemars mocht gisteren wel naar binnen. De zegevierende Nederlander reed een halve ereronde in een gele limousine; bij afwezigheid van een tweede tribune aan de lange zijde had de organisatie besloten de slotceremonie in te korten.

Op hetzelfde moment lag Van Velde in zijn hotel uit te rusten van zijn ongeluk. Als `souvenir' nam hij vanmorgen twaalf hechtingen in het vliegtuig mee naar Nederland terug. Hij klaagde gisteren over hoofdpijn en een stijve nek, maar zei zich de valpartij van zaterdag nog goed te kunnen herinneren. ,,Ik vroeg meteen of mijn wereldrecord nog stond.'' Na een zachte landing tegen de stootkussens was hij met zijn hoofd keihard tegen de betonnen vloer geslagen. Het bloed vloeide over het ijs. ,,Het leek erger dan het was'', sprak de patiënt gisteren zalvende taal.

Wennemars was zo geschrokken van het ongeluk, dat hij in de volgende rit op de 1.000 meter een teleurstellende tijd (1.08,30) reed en zijn titelkansen zag slinken. ,,Zwaar klote. Ik wil geen cadeautjes weggeven'', reageerde hij geëmotioneerd. Hij had door het oponthoud een kwartier moeten wachten en wist in die tussentijd niet wanneer hij precies mocht starten. Tijdens zijn rit stond er bovendien een deur open – Van Velde moest nog naar buiten worden gedragen. Wennemars had zich grote zorgen gemaakt om zijn landgenoot. ,,Er spookte echt van alles door mijn hoofd. Misschien had Gerard wel een schedelbasisfractuur of ging hij dood. Wist ik veel.''

Wennemars, de vechtjas, koesterde gisteren revanchegevoelens. ,,Ik was super geconcentreerd en beleefde een van de beste dagen in mijn carrière.'' Net als zaterdag reed hij een persoonlijk record op de sprint (34.75 en 34.68) en hij voelde zich gesterkt door de loting op de afsluitende 1.000 meter. Jeremy Wotherspoon, de viervoudig wereldkampioen op de sprint, was voor de derde keer dit weekeinde zijn directe tegenstander. De Nederlander moest een fractie van een seconde goedmaken op de door hem bewonderde Canadees.

Het verschil aan de finish bedroeg ruim een seconde, in het voordeel van de ontketende Wennemars. Hij deed in de laatste binnenbocht voorzichtig aan. Hij miste daardoor misschien wel het wereldrecord dat door Van Velde op dezelfde baan is gereden. In 2002 was diens 1.07,18 goed voor olympisch goud. Gisteren volstond voor Wennemars een winnende tijd van 1.07,46. ,,Op zo'n moment denk je niet aan een wereldrecord. Ik moest overeind blijven.''

Wennemars won de rit, de afstand en de titel. Hij is de eerste Nederlandse schaatser die zich twee keer de beste sprinter van de wereld mag noemen. Jan Bos had in 1998 de primeur in Berlijn. In Salt Lake City keerde deze privérijder terug aan de wereldtop met een zesde plaats in de eindklassering en een (zater)dagzege op de 1.000 meter. Gisteren werd hij derde op de kilometer.

De knappe prestatie van Bos werd overschaduwd door het huzarenstukje van Wennemars, die vorig seizoen in Nagano zijn eerste wereldtitel veroverde. ,,Ik weet niet welke mooier is. Wat ik wel weet is dat deze met bloed, zweet en tranen tot stand is gekomen'', sprak hij bijna ten overvloede.

Na de huldiging was Wennemars huilend in de armen van zijn coach gesprongen. De 29-jarige was als een kind zo blij. Hij wilde zijn emoties met Jac Orie delen, zijn mentor én tegenpool. Ze lijken elkaar prima aan te vullen en vormen een succesformule. ,,Jac heeft mij rust en structuur aangeleerd. Daarvoor was ik een ongeleid projectiel. Het cowboyachtige is verdwenen.''

Zijn vorige trainer Peter Mueller, die een paar jaar geleden met ruzie vertrok en nu succesjes viert met de nationale ploeg van Noorwegen, had aan het begin van zijn schaatsloopbaan een positieve invloed. ,,Dankzij Mueller heb ik zelfvertrouwen gekregen. Hij heeft mij leren winnen. Ondanks de ruzie ben ik hem nog steeds heel erg dankbaar.''

De meeste eer ging gisteren toch naar Orie, die hem begin december na een mislukte wereldbekerwedstrijd in Nagano via een urenlang telefoongesprek moed had ingepraat. Wennemars was in Japan ten einde raad. Zijn coach adviseerde hem van grote afstand ,,een andere route te bewandelen''. Hij moest harder gaan trainen, want ,,ik ben nu eenmaal geen natuurtalent''. Met als logische consequentie dat hij vlak voor de jaarwisseling bij de Nederlandse kampioenschappen sprint niet in topvorm zou verkeren. Orie: ,,We namen een risico, maar we konden niet anders.''

Het plan van aanpak viel in duigen toen Wennemars in Groningen tegen het ijs kwakte. Hij moest daarom vorige week in het Canadese Calgary een skate-off rijden tegen Beorn Nijenhuis. De winnaar zou zich plaatsen voor de wereldkampioenschappen. ,,We zijn allebei potentiële wereldkampioenen'', bekritiseerde Wennemars het beleid van de nationale schaatsbond vóór de beslissingswedstrijd. Hij won de kleine finale op overtuigende wijze met 4-0 van Nijenhuis en bleek dus precies op tijd in topvorm. Een week later won Wennemars in Salt Lake City ook de grote finale. Met de prolongatie van zijn mondiale titel mag de schaatser zich rekenen tot het selecte groepje van de grote sprintkampioenen.

,,Ik ben vanuit een volledig verslagen positie teruggekomen en heb hier allemaal kanjers verslagen'', wist Wennemars die volgend seizoen in het Italiaanse Turijn na eerdere teleurstellingen op de Winterspelen van Nagano (in 1998) en Salt Lake City (2002) ,,eindelijk'' een olympische gouden medaille hoopt te winnen.

,,Maar dat zien we dan wel weer'', zei de kampioen vlak voordat hij zich gisteravond in het Amerikaanse feestgedruis ging storten.

VROUWEN: pagina 15

NADER BEKEKEN: pagina 16

    • Jaap Bloembergen