Bitter `Exit' uit paradijs

Eruit geschopt worden ze. En nogal hardhandig ook. Ze kunnen zich ternauwernood op de been houden. Marc van Loon en Matthew Kelly Roman tuimelen over het podium. Bijna naakt zijn de dansers. Bij de een is op de blote borst 'Adam', bij de ander `Eva' gekalkt. Verdreven is het paar uit het paradijs. Ze belanden in een melkwit niets en weten niet meer hoe ze het hebben.

Het is een van de vele statements die Exit telt, de choreografie die Truus Bronkhorst en Marien Jongewaard noodgedwongen als laatste maakten. Bij het advies van de Raad voor Cultuur vielen ze af. En dus moet Bronkhorst na vijfentwintig jaar intensief en met succes danstheater te hebben gemaakt, veelal in samenwerking met Jongewaard, stoppen. Zonder studio en dansers begin je niets als choreograaf. Jongewaard is half geamputeerd, zijn acteer en regiewerk zet hij voort.

Dat de toon van Exit woedend en bitter zou zijn, viel dus te verwachten. Toch heeft hun professionaliteit het grotendeels gewonnen van dat persoonlijke drama – al is dat wel het thema – en maakten ze een onverminderd krachtig stuk: met expressieve beelden, niet mis te verstane symboliek, ironie, en met zorgvuldig geselecteerde muziek (Pink Floyd, Györgi Ligeti, Jacob ter Veldhuis) en een decor dat verwijst naar kleedkamer en studio.

Anders dan gebruikelijk is dat tekst – zelfgeschreven monologen die Jongewaard uitspreekt – een dominante rol speelt. Jongewaard spuwt zijn gal op de aangezette zangerige toon die hem eigen is: ,,Hoer/Graham-contraction Kamasutra-hoer/Jij moet dood Hoer.'' De ex-diva van de moderne dans zit in een kartonnen doos: haar toekomstig daklozen theater.

Nu is dat is wel geestig. Vaker zijn de korte bondige oneliners navrant, beladen, en vol autobiografische verwijzingen. ,,Ze danst op een mestkar de Toekomst in.'' De zwaarte van het thema krijgt vaak tegenwicht in lucide dansdelen, waaronder een vrouwentrio en een idyllisch speels mannenduet. Inderdaad, zoals de tekst klinkt: ,,Ze laat contradicties rijmen''.

Als alter ego van de choreografe hangt een danseres als een slappe vaatdoek aan de barre. Ze doet plié's, barst soms los in verwoed dansen. Ze toont onmacht, woede, wanhoop, daarmee flarden uit de voorstelling. Deze tergend lange solo weerspiegelt ondubbelzinnig het moeizame maakproces van deze zwanenzang en pepert het publiek in hoe de maakster zich voelde. Door de lengte en de complexiteit van de muziek doet dit slot evenwel een te sterk beroep op de empathie van het publiek.

Memorabel is vooral het optreden van Bronkhorst zelf. Gezeten voor de kleedtafel, met video via de spiegel gefilmd, smeert ze haar gezicht en armen in met een witte schmink en citeert zacht dramatische zinnen van Martha Graham, icoon van de expressionistische dans: ,,Dance is a great desire/You give all your life doing this one thing.'' Waarna ze een smartelijke grimas trekt en met een pistoolschot haar spiegelbeeld aan flarden schiet: een bittermooi Exit.

Exit. Stichting van de Toekomst. Choreografie: Truus Bronkhorst en Marien Jongewaard. Gezien: 21 januari. Toneelschuur, Haarlem. Te zien: 2 t/m 5 en 9 t/m 12/2 in De Brakke Grond, Amsterdam. Tournee: t/m 21/4. Inl.(020) 6934551